De Amerikaanse jaren van 'Het melkmeisje'

Zes kunstwerken leende het Rijksmuseum in Amsterdam in 1939 uit aan de Wereldtentoonstelling in New York. "Een ervan is het befaamde 'Melkmeisje' van Vermeer, een schilderij van onschatbare waarde, dat in Amerika zal worden verwelkomd -naar Amerikaanschen trant - als 'het schilderij, dat duizend dollar per vierkante inch kost'", schreef de Telegraaf in maart van dat jaar. Een maand later werd de bruikleen met de 'Nieuw-Amsterdam' naar de overzijde van de Atlantische Oceaan gevaren.

Het portret van de Delftse kunstenaar detoneerde een beetje met de rest van de wereldtentoonstelling. Die stond in het teken van de toekomst. 'Dawn of a new day', luidde het motto. Bezoekers vergaapten zich aan futuristische gebouwen, televisies, keukens vol elektrische apparatuur, robots en veel andere noviteiten die de gewone man van die dagen versteld deden staan. Er kwam een tijd vol gemak en luxe aan, zo leek het. De dreigende internationale situatie bleef hier grotendeels uit beeld. Of het moest de oproep van president Roosevelt zijn bij de opening, waarin hij zei te bidden voor een vreedzamer Europa.

Nog hetzelfde jaar begon de Tweede Wereldoorlog. Iets meer dan een jaar na het vertrek van 'Het melkmeisje' werd Nederland door de Duitsers bezet. Het zette de bruikleen in een ander daglicht.

De situatie van toen laat zich enigszins vergelijken met de huidige onduidelijkheid over het goud van de Krim. Het werd in bruikleen gegeven aan het Allard Pierson Museum in Amsterdam toen het schiereiland nog eigendom van Oekraïne was. Het moest terug, nadat Rusland de Krim had geannexeerd. Wat te doen? Het museum hield het goud voorlopig onder zich. De rechter gaat bepalen wat de instelling nu verder moet doen.

De geleende Vermeer verhuisde na de wereldtentoonstelling begin 1940 conform de gemaakte afspraken met het Rijksmuseum naar de Amerikaanse westkust. Het schilderij was er een van de topstukken op een expositie van oude kunst uit de Oude Wereld. Volgens een Nederlandse verslaggever ter plaatse was het een plek waar "óns Melkmeisje van ónzen Vermeer onzen trots wekt en de bewondering der San Franciscanen".

De bewondering voor Vermeer was van tamelijk recente datum. Eind zeventiende eeuw bracht zijn werk aardige, maar niet ontzettend spectaculaire bedragen op. 'Het gezicht op Delft' bracht tweehonderd gulden op, 'Het melkmeisje' net iets minder. Daarna raakte de Delftenaar in de vergetelheid. In 1881 verwisselde 'Het meisje met de parel' voor twee gulden en dertig cent' van eigenaar. Pas daarna werd het werk van Vermeer steeds meer op waarde geschat door kunstkenners. Hollandgekte in de VS en nieuwe rijken die kunst wilden beleggen dreven de prijs verder op.

Begin twintigste eeuw verwierf het Rijksmuseum 'Het melkmeisje' met nog 38 schilderijen voor het destijds immense bedrag van 750.000 gulden. Daar ging een verhitte discussie aan vooraf. Kunstkenner Frits Lugt vond het veel te veel geld voor die "keukenmeid".

Na mei 1940 bleef Vermeer langer dan oorspronkelijk de bedoeling was in de Verenigde Staten. Was het schilderij in Nederland geweest dan had het werk zeker op veel belangstelling van de nazi's kunnen rekenen. Die maakten zich bijvoorbeeld meester van het door de Delftenaar geschilderde 'De geograaf' en lieten zich door vervalser Han van Meegeren nep-Vermeers aansmeren.

In december 1946 keerde Vermeers 'Melkmeisje' met de vijf andere uitgeleende schilderijen aan boord van een Amerikaans marinevrachtschip terug naar hun land van herkomst. In het Rijksmuseum overhandigden officieren en bemanning de verloren dochter aan directeur, David Roëll.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden