De almacht van de eurogroep

Van informele babbelclub tot het machtigste gremium in Brussel: de eurogroep lijkt het lot van vele naties, waaronder de Griekse, in handen te hebben.

Is er de laatste weken wel eens een dag geweest waarop het woord 'eurogroep' níet in de krant stond? De ministers van financiën van de eurozone zien elkaar in normale tijden eens per maand. Nu zijn er vergaderingen geweest op 18, 22, 24, 25, 27 en 30 juni, en eergisteren, 1 juli. Die laatste twee waren telefonisch. Alleen de eerste bijeenkomst was regulier, de andere waren ingelast vanwege Griekenland.

Alle ogen zijn gericht op die vergaderingen. De woorden die voorzitter Jeroen Dijsselbloem na afloop spreekt, kunnen landen en financiële markten maken of breken.

Wat is dat toch voor een club? Het lijkt alsof de negentien ministers almachtig zijn in de Griekse crisis, en zelfs boven hun eigen regeringsleiders uitstijgen.

Er bestaat wel zoiets als een eurozonetop, waarop de negentien regeringsleiders van de eurolanden elkaar treffen. Maar die bijeenkomsten zijn schaars: in normale tijden één keer per jaar. Voorzitter Donald Tusk organiseerde vorige week maandag een spoed-eurozonetop vanwege de Griekse crisis. Maar daar bleek dat de regeringsleiders helemaal geen zin hebben om te onderhandelen over ingewikkelde btw-stelsels en pensioenleeftijden. Dergelijke technisch ingewikkelde kwesties laten ze aan hun ministers van financiën over.

Bij deze machtspositie worden al langer vraagtekens geplaatst. Een van de grootste criticasters van de laatste tijd is nota bene zelf lid van die eurogroep: de Griekse minister Gianis Varoufakis.

Tijdens de eurogroepbijeenkomst van zaterdag verliet Varoufakis de vergadering, omdat zijn ambtgenoten weigerden in te gaan op het Griekse verzoek tot een verlenging van het leningenprogramma. Dat zou Athene ruimte geven om het referendum te houden.

"De weigering om ons verzoek tot verlenging te honoreren zal zeker de geloofwaardigheid van de eurogroep als democratische unie schade toebrengen", sprak de Griekse bewindsman bestraffend. "Ik ben bang dat die schade permanent is."

Toen een breuk met de Griek die middag onafwendbaar werd, besloten de andere ministers om een tweede sessie te houden, met z'n achttienen. Varoufakis wendde zich tot het secretariaat voor juridisch advies: mág voorzitter Dijsselbloem zoiets wel doen, een vergadering houden waarvoor één minister uit de eurozone niet is uitgenodigd?

"Ik kreeg het volgende, buitengewone antwoord", citeert Varoufakis op zijn weblog. "'De eurogroep is een informele groep, niet gebonden aan verdragen of geschreven reglementen. Hoewel doorgaans wordt gehecht aan unanimiteit, is de voorzitter van de eurogroep niet gebonden aan expliciete regels'. Ik laat het aan de lezer over om commentaar te geven op deze opmerkelijke verklaring." Heeft de Griek een punt?

Losjes bijpraten

Eén ding staat buiten kijf: de eurogroep is in juridisch en politiek opzicht een raar geval. Alle andere Europese ministerraden (buitenlandse zaken, justitie, landbouw, enzovoorts) hebben een formeel karakter. Gezamenlijk vormen ze de Raad van de Europese Unie, een instituut met een duidelijke taakomschrijving.

Voor de geboorte van de eurogroep moeten we terug naar 1998, toen de euro als project nog in de steigers stond. Op 4 juni van dat jaar kwamen de ministers van de (toen nog) elf kandidaat-eurolanden onder de vlag 'euro-elf' informeel bijeen in het Château de Senningen (Luxemburg), aan de vooravond van de formele, maandelijkse raad van alle EU-ministers van financiën ('ecofin', in de Brusselse volksmond). De vergaderingen gingen 'euro-twaalf' heten toen Griekenland er in 2001 bij kwam.

De traditie dat aan elke ecofin een eurogroep vooraf gaat, is overeind gebleven. Aanvankelijk deden die bijeenkomsten de benaming 'informeel' alle eer aan. De ministers praatten elkaar losjes bij over de eerste fase van hun ambitieuze europroject. Alles liep nog op rolletjes.

In september 2004 - nog steeds geen vuiltje aan de lucht - doopten de ministers hun praatclub om tot 'eurogroep' en kozen ze er één uit hun midden tot vaste voorzitter: de Luxemburgse premier én financiënminister Jean-Claude Juncker. Na twee herverkiezingen werd hij begin 2013 opgevolgd door Dijsselbloem, die later deze maand een tweede termijn van 2,5 jaar hoopt binnen te slepen

Ook wat dat betreft wijkt de eurogroep af van alle andere EU-ministerraden. Die worden voorgezeten door de bewindsman of -vrouw uit het voorzittersland, dat per half jaar rouleert. Enige andere uitzondering is de maandelijkse buitenlandraad, die wordt geleid door EU-buitenlandcoördinator Federica Mogherini.

Het voorzitterschap van de eurogroep is een onbezoldigde functie, in tegenstelling tot alle andere topfuncties in Brussel. Dijsselbloem krijgt dus niets extra's boven zijn Nederlandse ministerssalaris. Alleen zijn onkosten worden vergoed.

Op basis van een summiere verdragstekst (zie kader) neemt de eurogroep ingrijpende beslissingen, onder meer over miljardenleningen aan crisislanden.

Omstreden

Het meest omstreden besluit - afgezien van Griekenland - is waarschijnlijk het hulppakket voor Cyprus geweest, in 2013.

De eurogroep besloot toen bepaalde particuliere spaartegoeden boven de 100.000 euro te gebruiken voor een nooit eerder vertoonde 'bail-in'. Daarmee kwam het geld voor zo'n redding niet langer uitsluitend uit overheidsschatkisten, maar ook van particuliere bankklanten. Het pakket was de vuurdoop van de net aangetreden Dijsselbloem.

Een van de hardnekkigste klachten over de eurogroep, niet alleen geuit door de Griekse minister Varoufakis, is dat het een ondemocratisch en niet-transparant overlegorgaan is. De vergaderingen vinden plaats achter gesloten deuren, dus dat laatste is zeker waar. Maar geldt dat niet voor alle ministerraden over de hele wereld?

Over het (on)democratische gehalte kun je lang discussiëren. Feit: geen enkel parlement in de eurozone kan de eurogroep wegsturen. Tweede feit: al die ministers moeten hun Brusselse besluiten thuis wel uitleggen aan hun parlementen. Als die dat willen, kunnen ze die minister wegsturen. In die zin zitten er in de besloten vergaderruimte van de eurogroep wel degelijk negentien democratische vliegjes tegen de muren geplakt.

In de Griekse kwestie gooiden ministers die gedachte ook herhaaldelijk op tafel als Varoufakis zijn ambtgenoten opriep te luisteren naar de stem van het Griekse volk. En óns volk dan, beste Gianis?

Ziedaar de eurogroep: ooit een informeel babbelclubje, nu het de facto invloedrijkste overlegorgaan in Brussel. Tot nader order - lees: totdat alle nationale democratieën in de EU het eens worden over een andere aanpak - blijft dit gezelschap van financieel hoogstverantwoordelijken de lakens uitdelen als het om de euro gaat.

Of Athene dat nou leuk vindt of niet.

Summiere verdragstekst

Pas in het Verdrag van Lissabon, dat in december 2009 van kracht werd, komt de eurogroep voor het eerst voor, in zeer summiere bewoordingen. Er staat dat de ministers uit de eurolanden elkaar op elk gewenst moment 'informeel' ontmoeten en dat de voorzitter voor een periode van 2,5 jaar wordt aangewezen door een eenvoudige meerderheid van de ministers zelf.

Verder staat er dat de Europese Commissie aanschuift bij de vergaderingen, en dat de Europese Centrale Bank 'zal worden uitgenodigd om deel te nemen'. Meer staat er niet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden