De afrekening met het verleden

Straatstervensarm waren de Joden. Niet alleen in Amsterdam, ook in de andere grote steden. Geen cent te makken. Geen cent om van te roven. Straatstervensarm, maar misschien nog net ietsje minder arm dan de niet-Joodse armen, want er werd zeer weinig alcohol genuttigd in Joodse kring, dus ze raakten de weinige verdiende centen niet ook nog kwijt aan de drank. Soms hadden ze wat armzalige spullen om naar de lommerd te brengen als onderpand of in te leveren bij de bezetter.

Nederland kende ook rijke Joden. Een handjevol. Talrijker waren de welgestelden uit de middenklasse, artsen, docenten, advocaten, notarissen, zakenlieden, winkeliers, groothandelaren. Van de 140 000 Joden die Nederland bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog telde (de Joodse vluchtelingen van elders niet meegeteld), waren er 12 000 in het bezit van aandelen. Zo'n acht procent. Ongeveer hetzelfde aantal zal een huis hebben gehad, of een winkelvoorraad. Meer mensen een verzekeringspolis en een bank- of girotegoed. Van die minderheid der Nederlandse Joden is een miljard gulden (schatting van Gerard Aalders in 1999) tot twee miljard gulden (prof. Johan de Vries, twintig jaar geleden) geroofd. Let wel, dat zijn de bedragen tijdens de oorlog. Nu is dat meer dan het tienvoudige waard.

Voor de Joden in Nederland zijn de onthullingen van Aalders over de roof geen nieuws, al sta je van de heling door de banken wel met je ogen te knipperen. Iedere overlevende weet al te goed hoe hij is bestolen. En de vermoorden kunnen het niet navertellen. Maar in Nederland is de Vergangenheitsbewültigung blijkbaar begonnen, op buitengewoon behoedzame wijze.

In het vaak zo verketterde Duitsland kwam die 'Auseinandersetzung' met het verleden in de al even verketterde jaren zestig en zeventig op gang, toen opstandige studenten eisten dat de nazi's van weleer zouden worden verwijderd uit het docentenkorps, de rechterlijke macht, het ambtenarenapparaat. In diezelfde jaren zestig en zeventig werden hier geen vragen over collaboratie gesteld, want ze leken beantwoord. Wie fout was geweest, was duidelijk. Fout waren de NSB'ers, de SS'ers die aan het Oostfront hadden gevochten, de verraders van Joden en verzetslieden.

Ambtenaren, politieagenten, tram- en treinbestuurders, bankemployés, effectenhandelaren, makelaars, notarissen, iedereen die door 'gewoon' door te werken of door goederen op te kopen de bezetter had geholpen met het plunderen van joden ontliep de kwalificatie 'fout'. De helpers van de bezetters - of ze zich toen van hun daden bewust waren of niet doet niet zo veel terzake - zullen niet alsnog het predikaat 'fout' opgeplakt krijgen.

Dit is geen land van schaamte, zoals de 'sorry-democratie' laat zien. Schaamte is vaak slechts te vinden bij degenen die echt goed waren en vinden dat ze 'te weinig deden'. Bovendien, hoevelen van degenen die zich verrijkten op kosten van de vervolgden, hoevelen van degenen die hen een duwtje gaven in de richting van de dood, leven nog, en zijn, als zij nog leven, bij hun volle verstand?

De aandacht voor de roof van Joden nu is een laat uitvloeisel van het werk van mensen als Simon Wiesenthal, die 'grote' nazi's achterna zat. Het is geen toeval dat Pinochet wordt berecht. Dat het Joegoslavië tribunaal bestaat. Dat 'Duch', een Cambodjaanse kampbeul met 15 000 doden op zijn geweten, is gepakt. De berechting van nazi's als Eichmann vindt eindelijk navolging. En zoals nu het beroven van Joden in de schijnwerpers komt, zo zal over een flink aantal jaren het beroven van andere ongelukkige oorlogsslachtoffers aan de kaak worden gesteld. Het in kaart brengen is de eerste stap. De teruggave de tweede.

Als terugbetalingen te kostbaar zullen zijn geworden, begint misschien ooit de notie te dagen dat je beter geen oorlog kunt beginnen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden