De achterkant van de maan is ook een beetje Nederlands

De maantesonde Chang’e4 is het eerste door mensen gemaakte object dat de achterkant van de maan verkent. Beeld EPA

Met succes lanceerde China donderdagochtend een sonde naar de maan. Tot grote vreugde van een Nederlands onderzoeksteam, dat ‘mee mocht liften’.

Eén uur heeft Marc Klein Wolt in de nacht van woensdag op donderdag geslapen, zo graag wilde hij de maanlanding van de Chinese ruimtesonde Chang’e 4 live meemaken. Voor de astronoom van de Radboud Universiteit in Nijmegen was de Chinese landing extra bijzonder, omdat zijn eigen onderzoek ervan afhangt. Pas toen hij een foto van het maanlandschap zag, wist hij dat het goed zat. En kon hij naar bed.

De Chinese maanlanding – donderdagochtend om 3.26 uur Nederlandse tijd – was historisch, omdat de Chang’e 4 als eerste op de achterkant van de maan landde, de kant die vanaf de aarde niet te zien is. Maar ook bijzonder is dat een Nederlands wetenschapsteam aan de missie heeft meegewerkt. Zij ontwierpen een instrument, dat mee werd gestuurd met de satelliet waarlangs de Chang’e 4 met de aarde zal communiceren.

“We zijn het eerste Nederlandse team dat met een Chinese ruimtevaartmissie mee is”, zegt Klein Wolt, die wetenschappelijk leider is van het project, waar ook het Nederlandse astronomie-instituut Astron en het Delftse ingenieursbedrijf Isis aan meewerken. “De Chinezen hebben ons een gratis lift gegeven naar de ruimte, in ruil voor samenwerking op wetenschappelijk gebied.”

De achterkant van de maan Beeld REUTERS

Vóór de sterren

Het Nederlandse instrument is een low frequency explorer: een doos vol elektronica met drie opgerolde antennes. Met die antennes, die in de ruimte vijf meter kunnen uitrollen, hoopt Klein Wolt straling op te vangen uit de tijd dat er nog geen sterren waren, zo’n driehonderdduizend tot 1 miljoen jaar na de oerknal. Die straling is heel zwak, en is vanaf de aarde niet te meten. “Daarom willen we aan de achterkant van de maan zitten”, zegt Klein Wolt. “Daar is geen ruis van de aarde, en is het lekker stil.”

Dat een Nederlands instrument op een Chinese ruimtemissie zou meekunnen, dat had niemand verwacht. Tijdens de Nederlandse handelsmissie naar Peking eind 2015 hoorde een delegatielid dat de Chinezen nog plek hadden aan boord van hun satelliet en buitenlandse partners zochten. Het Nederlandse team diende een voorstel in, en doorliep in twee jaar een proces waar normaal tien tot twintig jaar voor staat. “Het was een rollercoasterride met pieken en dalen”, zegt Klein Wolt.

Voor de Nijmeegse astronoom, die veel ervaring met de Europese ruimtevaartorganisatie ESA heeft, was het wennen aan de Chinese manier van werken. “Bij ESA leggen we alles op voorhand vast, maar in China houden ze alle opties open. Daar hoorden we vaak op het laatste moment dat alles anders moest. Een half jaar voor de lancering zeiden ze dat ons toestel de helft kleiner moest. Dat kon natuurlijk niet, en toen hebben ze een ander plekje in de satelliet gevonden. Dat is dan wel weer creatief.”

Klein Wolt is opgetogen dat de Chang’e met succes is geland, en dat het ruimtevaartuig al een eerste foto heeft verstuurd. “Die foto op zich zegt niet zo veel, het is gewoon een maanlandschap. Maar het feit dat ze die foto hebben kunnen maken en versturen, zegt heel veel: dat de maanlander goed functioneert en dat de communicatiesatelliet werkt. Dat vergroot ook voor ons de kans op succes.”

Lees ook: 

China lanceert als allereerste een lander naar de achterkant van de maan

Vanaf de aarde zien we maar één kant van de maan, doordat het ‘gezicht’ van de maan meedraait terwijl hij om onze planeet cirkelt. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden