Klein Verslag

De aanraking van een knie is soms hopeloos misplaatst

"De man boog iets voorover en legde zijn hand zacht op haar ontblote knie. Ze maakte een geluidje, het was niet eens een woord, en veerde overeind."Beeld Wim Boevink

Ziedend stortte de regen neer, hij was van korte duur. In de trein passeerde een Afrikaanse man. Een Somaliër misschien of een Eritreeër; hij was kaalhoofdig en dun, zoals een hardloper, en droeg een wijdvallende groen overhemd over een vale beige broek. Zijn voeten waren bloot. Dat detail deed een ledlampje in mijn binnenste oplichten.

Ik keek in mijn telefoonscherm, las de berichten over Barcelona, bestudeerde een zwartwit-foto van de hoofdverdachte. Misschien nog geen achttien jaren jong, zei men.

Kort voor het gebeurde, daar op de Ramblas, had ik een stukje opgestuurd over de stang van mijn fiets. Hoe alles naast elkaar kon bestaan, al dat ongelijksoortige, het zware en het lichte, alles even echt. Jongens moeten jongens zijn, maar dan niet op herenfietsen, en dan is er elders een verblinde jongen, nog zonder rijbewijs wellicht, die een witte bestelbus bestuurt.

Naast me, aan de overkant van het gangpad, keek een jonge vrouw in haar scherm. Ze was blond, een beetje zwaar en droeg haar haar losjes opgestoken. Haar jeans vertoonde gaten rond haar knieën. De Afrikaanse man passeerde opnieuw en ging tegenover haar zitten, hetgeen me bevreemdde omdat de trein tamelijk leeg was.

De jonge vrouw keek niet op. De man boog iets voorover en legde zijn hand zacht op haar ontblote knie. Ze maakte een geluidje, het was niet eens een woord, en veerde overeind, haar tas over haar schouder slingerend. Ze ging een paar meter verderop staan, nog steeds op haar telefoon turend.

De man keek haar een beetje ontzet na, en zag toen dat haar pasjeshouder op haar stoel was blijven liggen. Hij pakte hem op en poogde haar aandacht erop te vestigen.

Ze negeerde hem.

Ik nam de pasjeshouder van hem over, terwijl ik hem bestraffend aan keek en gaf hem door aan de vrouw. Hij leek me hulpbehoevend, in de war, de blote voeten, de aanraking, en poogde me een voorstelling te maken van zijn weg naar dit land, of van het land dat hij had verlaten.

Onbereikbare verlangen

Ook iets anders kwam in me op, een herinnering aan een film, zo'n Franse praatfilm uit het begin van de jaren zeventig. Le Genou de Claire, heette hij, de knie van Claire. Tijdens een lome vakantie aan het meer van Annecy, raakt een diplomaat, een jonge veertiger, verliefd op een tienermeisje: hij is geobserdeerd door haar knie. Een knie die hij wil aanraken, misschien als uitdrukking van het onmogelijke en onbereikbare van zijn verlangen.

Zo puzzelde ik over het gedrag van de Afrikaanse man, de man zonder schoenen, die net de knie van een blonde vrouw had aangeraakt en daarmee een taboe brak.

Hij was niet uit op geld, maar als hij aandacht had gewild, of wat sympathie, dan was zijn toenaderingsstrategie hopeloos misplaatst. Eigenlijk kon je niet eens van een strategie spreken, hij deed maar wat, nogal verloren, misschien was het oprisping van geilheid. Er was aan hem iets wanhopigs. En dan is het gevaar dichtbij.

De man was intussen weer opgestaan om door de trein te dwalen. Bij aankomst verdween hij in de menigte.

Even later las ik hoe een man in het Finse Turku op mensen had ingestoken.

Er is zoveel chaos in alle ongelijksoortigheid.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden