David Pinto: Integratie is het verkeerde medicijn

Morgen houdt David Pinto zijn oratie. De universiteit van Amsterdam heeft dan een dag in de week een bijzonder hoogleraar 'interculturele communicatie'. Een bijbehorende studierichting bestaat niet, al wordt er al bijna twee decennia over gepraat. Maar je kunt wel bij Pinto promoveren - als je tegen hem bent opgewassen.

Nee, hij is niet gemakkelijk. Pinto, de zoon van een Joodse schoenmaker uit Marokko, die zijn opleiding kreeg op het rabbinaal instituut in Rabat, houdt niet van de weg van de minste weerstand. Als onderwijzer in Israel probeerde hij het onderste uit de kan te halen bij zijn leerlingen te halen en nu doet hij dat nog. Achterin de klas zat het meisje Nehama, over wie iedereen zei dat ze als een plant was, dat ze niet kon leren. Binnen drie maanden deed ze voluit mee. Pinto laat het zelfgemaakte glazen aandenken zien dat de vader van Pessah hem gaf, die in de glasfabriek werkte. Ook Pessah heeft hij boven zichzelf uitgetild. Pinto koestert het glazen ding als een edelsteen. ,,In Israël zeggen we: een kind is als leem in de handen van een leraar. Als ik even terug ben in Acco, dan zeggen ze tegen me: 'Jij was heel streng'. Dat is ook zo. Maar daar gaat het om: dat je iets van de kinderen verwacht.''

,,Daarom is de Nederlandse discussie over de grootte van een schoolklas ook zo onzinnig. Een slechte leraar wordt geen betere leraar als zijn klas van 28 leerlingen wordt verkleind tot 26. Een goede leraar kan er ook wel 42 aan, net als ik in Acco.''

Was Pinto niet zo'n lastig mirakel, dan zou hij nu vermoedelijk zeven promovendi hebben in plaats van vier. Drie andere haakten af. 'Schrijf maar op één A4'tje op wat je wilt onderzoeken', zegt Pinto tegen ze. Wie dat niet kan en meent meer ruimte nodig te hebben, wie het aan Talmoedische precisie ontbreekt om scherp te formuleren wat er onderzocht moet worden, die sneuvelt.

Pinto vindt het een nogal Nederlandse kwaal: ,,Er wordt hier op de universiteit veel doorgehobbeld. Men is bereid om veel te lezen, om immense hoeveelheden data te verzamelen. Maar een goede scherpe vraagstelling formuleren vinden ze hier moeilijk.'' Een op de vier proefschriften kan van Pinto dan ook gerust meteen de prullenbak in.

In zijn eigen vak, de interculturele communicatie, geldt dat ook. Het is een relatief jong vak, maar één waarin blijkbaar iedereen van alles mag roepen, in en buiten de academie. Nog onlangs kondigde PvdA-denker Paul Scheffer af dat Nederland afstevent op een 'multicultureel drama'. Pinto las diens paginagrote artikel in een avondblad ,,met een mengeling, een salade, van verbazing en kwaadheid. Hij stelt eerst vast wat iedereen al jaren weet: dat het niet goed gaat met de allochtonen in Nederland, niet in het onderwijs, niet in de werkgelegenheid.''

,,Vervolgens komt hij uit op de conclusie dat we harder, strenger moeten zijn, dat er geïntegreerd moet worden. Hoe is het mogelijk, denk ik dan. Waar zit het analytisch vermogen van die man. Als je in Nederland komt wonen zou je van bloedgroep A moeten overstappen op bloedgroep B? Zodra je Nederland binnen komt zou je een jas moeten uitdoen? Onzin. Je kunt heel goed met elkaar samenleven zonder andermans identiteit te bruuskeren. Je hoeft evenmin te vervallen tot dat Nederlandse relativisme, dat het liever over overeenkomsten heeft dan over verschillen.''

Neem bijvoorbeeld het boek van hulpverlener Hoffman, die het in zijn boek 'Interculturele gespreksvoering' ontraadt om een allochtoon te vragen waar hij of zij vandaan komt. Kennis van andere culturen zou geen voorwaarde zijn om met allochtonen te kunnen communiceren - sterker nog, het irriteert maar. Of neem anders het werk van islamkenner Shadid, 'Grondslagen van interculturele communicatie', dat volgens Pinto bomvol details staat, maar eigenlijk helemaal geen 'grondslagen' bevat.

Pinto benadert deze gevoelige materie anders. Hij kwam in 1979 met het idee van het 'inburgeringscontract', dat nieuwkomers in Nederland sinds 1996 ook inderdaad moeten aangaan. Dat was bedoeld als eerste aanzet tot zelfredzaamheid, niet tot het afzweren van de eigen cultuur.

Pinto is ook de man achter de theorie dat bij interculturele verschillen vooral gedacht moet worden aan structuurverschil: onder het laagje cultuur ligt een wezenlijk ander systeem van omgangsvormen en communicatie. Alles wat buiten de westerse samenleving ligt noemt Pinto 'fijnmazig', in onderscheid met de westerse 'grofmazigheid'. In een fijnmazige samenleving -of het nu gaat om het Drentse platteland of om Somalië maakt minder uit- is eer, en een goede naam, en het behagen van de eigen groep, veel belangrijker dan de bevrediging van individuele behoeftes. Daarom is het een illusie om een overheidsbeleid te baseren op het idee dat er geïntegreerd moet worden. Wie niet snapt dat wat we 'cultuurverschillen' noemen eigenlijk structurele verschillen zijn, die blijft langs de kern scheren, blijft onjuist beleid maken; beoogde resultaten blijven uit.

Pinto: ,,Op pabo's, de opleiding waar de leerkrachten van de basisschool vandaan komen, leer je nog altijd niets over interculturaliteit. Dat is misschien niet erg voor iemand die in Friesland op een school komt te werken, maar het is natuurlijk heel erg voor iedereen die in een grote stad voor een klas met veel verschillende nationaliteiten terechtkomt. Op de pabo zul je misschien een keertje couscous eten, maar dat is het dan. Op het niveau van folklore leer je er nog wel wat. Maar niet wezenlijk. Het onderwijs bereidt niet voor op de diversiteit en de pluriformiteit van de samenleving. Nederland zegt voortdurend 'Integreer nou! Integreer nou!' tegen zijn nieuwkomers, steekt er veel beleid en onderzoek in, maar slaagt niet. Net als een arts die een patiënt het verkeerde medicijn voorschrijft. ''

Pinto wordt deze maand niet alleen hoogleraar in Amsterdam, maar ook aan de universiteit van Tel Aviv, Israël. Het gaat daar eveneens om interculturele communicatie. Naast die twee banen in de wetenschap heeft Pinto al jaren zijn eigen 'Intercultureel Instituut': een bedrijf, dat iedereen die maar wil -overheid, bedrijven- leert hoe je concreet moet omgaan met verschillende bevolkingsgroepen. Pinto: ,,Theorieën over verschillen ontbreken niet. Maar als het gaat om een concrete methode om daar mee om te gaan, schijn ik de enige te zijn.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden