Dave Goulson over bedreigde tuinvriend

Misschien redden we morgen de wereld, als we vandaag een hommel beschermen

BART BRAUN

De mythe gaat dat ze eigenlijk niet kunnen vliegen. Daar zouden ze te dik voor zijn. In werkelijkheid zijn hommels uitstekende vliegers, die ook werken als het koud is, in tegenstelling tot honingbijen. Dat kunnen ze omdat ze warmbloedig zijn: hun bovenlijfje is meestal zo'n 35º warm. Daarom hebben hommels dus ook een vachtje: om de warmte vast te houden.

Dat laatste is dan weer moeilijk, want hoe kleiner een dier is, hoe makkelijker het warmte verliest. "Een hommel met een volle maag, heeft nog maar een minuut of veertig voor hij van de honger omkomt", schrijft de Britse hommelbioloog Dave Goulson.

Goulson bestudeert niet alleen hommels, hij beschermt ze ook. Hij is oprichter van de Bumblebee Conservation Trust in Engeland, de organisatie ter bescherming van de hommel. Hij schreef eerder een wetenschappelijk handboek over hommels, en een gidsje over hommelvriendelijk tuinieren. Dit jaar verscheen zijn publieksboek 'A Sting in the Tale', in Nederlandse vertaling uitgebracht als 'Een verhaal met een angel'.

Omdat ze zo groot zijn, en ook bij slecht weer vliegen, zijn hommels uitstekende bestuivers. Sommige planten kunnen zelfs eigenlijk alleen door hommels bestoven worden, en dus zijn deze 'pluisbijen' big business. Het Nederlandse hommelkweekbedrijf Koppert, internationaal een van de grotere spelers, claimt een jaaromzet van 75 miljoen euro. Vooral tomatentelers geven een fortuin uit aan hommelnesten voor in hun kassen. Ook in de open lucht duiken steeds vaker commerciële hommels op, speciaal bij telers van zacht fruit. Er zijn daar nog wel wilde insecten, waaronder hommels, die vanzelf bestuiven. Het zijn er alleen niet genoeg meer.

Die teruggang in de hommelstand komt door een heel scala aan problemen, die allemaal langskomen in het boek van Goulson. Insecticiden. Mijten. Ziektes. Minder natuur. Steeds eenvormiger landbouw, met nauwelijks nog bloemen tussen het gras. De hommelbescherming maakt zich vooral sterk voor meer bloemen: onder windmolens, op boerenland, maar ook bij mensen in de tuin. "Het redden van de ijsbeer en de tijger is ver van ons bed en verschrikkelijk ingewikkeld", schrijft Goulson. "Daarentegen kan iedereen hommels beschermen. Eén bosje lavendel op een terras of in een bloembak aan een kozijn trekt en voedt veel hommels, zelfs midden in de stad."

Boeken en documentaires over bedreigde dieren zijn vaak naargeestige kost, en verlopen volgens een vast stramien. Er is iets heel moois, we moeten er meer over leren, maar dat kan niet want mensen zijn slecht en maken alles stuk. 'Een verhaal met een angel' is gelukkig vooral een persoonlijk boek. Het ademt Goulsons liefde voor hommels en voor het onderzoek ernaar.

Ontwapenend vertelt hij over zijn eerste pogingen, als jongetje, om uitgeputte hommels op te warmen met behulp van een elektrische kookplaat. Het leverde verkoolde bijen op. Ook in de wetenschap lukt iets maar zelden de eerste keer, zo blijkt. Pogingen om een hond te trainen hommelnesten op te sporen resulteerden er vooral in dat het baasje van de hond erg goed werd in het vinden van nesten. Een zelfgebouwd apparaatje om hommels op te zuigen werd afgedankt nadat Goulson een hommel in zijn mond kreeg.

Hoewel het met een aantal Britse hommelsoorten erg slecht gaat, houdt de hommelkenner zich verre van gesomber. Hij staat er niet alleen voor: heel veel mensen dragen hommels een warm hart toe, waaronder de duizenden leden van zijn hommelstichting. Ook boeren krijgt hij mee: nu geven ze geld uit aan de aankoop van hommels voor het bestuiven van hun gewassen, die half Europa over reizen en zo ziektes kunnen verspreiden. Als ze in plaats daarvan de lokale bestuivers een opkontje geven, bereiken ze hetzelfde en zijn ze ingedekt tegen het risico dat de hommelindustrie instort als er een ziekte opduikt.

Pièce de résistance van Goulsons werk is zijn poging om in het Verenigd Koninkrijk een uitgestorven hommelsoort opnieuw uit te zetten. Sinds 1988 is daar de donkere tuinhommel niet meer gezien, maar mede dankzij de inzet van de hommelstichting zouden er rondom het natuurgebiedje Dungeness nu genoeg bloemen moeten staan om de uitgezette koninginnen een kans te geven. Het is geen ijsbeer, maar het stemt hoopvol. Zoals Goulson het zegt: "Misschien dat we morgen de wereld kunnen redden, als we vandaag een hommel beschermen?"

Dave Goulson: Een verhaal met een angel. (A Sting in the Tale) Vertaald door Nico Groen. Atlas Contact, Amsterdam; 320 blz. euro 24,99

Dave Goulson

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden