Dat er radicalen rondlopen in het oosten, is zeker

Een volksopstand? Moammar Kadafi weet wel beter: de revolutie die begon in het oosten van Libië is het werk van Al-Kaida. En zijn zoon Saif al-Islam wist vorige week te melden dat de Libische opstandelingen islamitische emiraten hebben opgericht in de steden Al Bajda en Darna.

Allemaal propaganda, menen de meeste deskundigen - de opstand in het oosten wordt gedragen door gewone Libische burgers die niets moeten hebben van terreur of een grote(re) rol van de islam in de samenleving. Inwoners benadrukken dat ze niet religieus gemotiveerd zijn: ¿Wij hebben geen baarden¿, klinkt het ter geruststelling.

Maar dat er ook radicalen rondlopen in het oosten is zeker. Uit de regio vertrokken de afgelopen jaren honderden jongemannen naar Irak, zo bleek onder meer uit documenten die de Amerikanen vonden in een safehouse van Al-Kaida in de Iraakse stad Sinjar. Van de zeshonderd strijders die zich daar aanmeldden, kwamen er 112 uit Libië. Een meerderheid stelde zich beschikbaar als zelfmoorddader. Ook een van de hoogste Al-Kaidaleiders die de Amerikanen in het Pakistaans-Afghaanse grensgebied wisten te doden was een Libiër, die de naam al-Libi droeg.

Moslimextremisme is bovendien niet nieuw. Het oosten heeft al sinds de jaren tachtig een reputatie als broeinest van radicalisme. In 1995 richtten militanten er de Libische Islamitische Strijders Groep (LISG) op, een organisatie die een guerrillastrijd tegen de overheid begon, en vooral aanvallen uitvoerde op veiligheidsdiensten. De leiders hadden ervaring opgedaan in Afghanistan en Soedan, in het gevolg van Osama bin Laden, maar zouden later met diens netwerk hebben gebroken.

Het regime van Kadafi liet het niet over zijn kant gaan en wist eind jaren negentig met een keiharde vervolging de militanten uit te schakelen. Uit deze periode stamt ook de haat van Kadafi jegens Bin Laden, en ook de Libische kennis van terreurorganisaties waar de Amerikanen later veel aan hadden.

De LISG verloor in het decennium daarna zijn interne dreiging: strijders vertrokken naar buitenlandse slagvelden, of gingen in ballingschap elders in de wereld. Het Libische regime probeerde de organisatie intussen verder in te kapselen. Onder leiding van Saif Kadafi kregen leden van de LISG de kans zich te 'rehabiliteren' in een programma dat eerder in Saoedi-Arabië enig succes had.

Gevangen djihadisten konden vrijkomen als ze afstand deden van hun radicale ideeën. Dat heeft ertoe geleid dat de afgelopen jaren honderden veroordeelde radicalen zijn vrijgekomen - van wie 110 nog geen twee weken geleden. Zij hebben zich weer in het oosten gevestigd.

Vooral Darna, waar een disproportioneel deel van de strijders in Irak vandaan kwam, is populair onder radicalen. Een uitgelekt Amerikaans ambtsbericht uit 2008 beschrijft hoe de stad zich de afgelopen twintig jaar heeft ontwikkeld tot de meest conservatieve stad van Libië. Militanten van de LISG hebben in de loop der tijd bijna alles - van bioscopen tot sportverenigingen en zelfs roken - tot on-islamitisch verklaard.

Over de vraag of de oud-strijders en hun geestverwanten een rol spelen in de huidige opstand, breken internationale inlichtingendiensten zich nu het hoofd. Volgens Mahan Abedin van de Britse Centre for the Study of Terrorism valt het niet uit te sluiten: ¿Kadafi's recente toespraken lijken nog bizarder en idioter dan gewoonlijk, maar de essentie van wat hij zegt is niet helemaal losgezongen van de werkelijkheid. Ik zou verbaasd zijn als militante groeperingen met een islamistische inslag niet op een of andere manier ingebed zijn in de gewapende groepen in het oosten.¿ Maar hun rol is tot nu toe volstrekt onduidelijk.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden