Das Antas is een fanatieke voetbalburcht

PORTO - Diep weggestopt in een kuil ligt het Das Antas Stadion van FC Porto. Voor tegenstanders is het een leeuwekuil. Zeventigduizend mensen kunnen in de ovaal en die zeventigduizend maken bij belangrijke wedstrijden duidelijk waarom de twaalfde man van FC Porto de 'Dragoes', de Draken, worden genoemd.

Het kan spoken in Das Antas. PSV moet dat vanavond bij het debuut in de Champions League voor de eerste keer ervaren. Vier jaar geleden was de bijna vaste kampioen van Nederland weliswaar ook al te gast in dit stadion, maar toen was de eerste wedstrijd in Eindhoven al met 5-0 gewonnen en had de return nog louter formele waarde. FC Porto won die wedstrijd wel met 2-0. Dat paste in de traditie, die nauwelijks ruimte biedt aan tegenvallende resultaten voor het eigen fanatieke publiek. De Europa Cup-cijfers sinds 1982 zijn, wat dat betreft, sprekend. In Das Antas kwamen 28 ploegen op bezoek. In 25 gevallen was de overwinning voor FC Porto. Tottenham Hotspur hield het vorig jaar op 0-0 en alleen het Real Madrid van Leo Beenhakker en Bayern Munchen kwamen een keer winnen. FC Utrecht, Ajax - voor de Europa Cup I en voor de Super Cup - en PSV gingen als Nederlandse vertegenwoordigers steevast ten onder in de uitbeurt tegen de ploeg die de laatste acht jaar vijf landstitels opstreek, tegen aartsrivaal Benfica drie.

Das Antas, geopend in 1952, is dus een fanatieke voetbalburcht op de dagen dat er wordt gevoetbald. Op andere dagen is het een monument. De club die volgend jaar de respectabele leeftijd van honderd jaar bereikt, koestert de geschiedenis, maar anderzijds ook het heden, dat qua beleving wezenlijk anders is dan bij de topclubs uit westerse landen. FC Porto is een grote familie, die het passieve vermaak van het boegbeeld van de omni-sportvereniging heel belangrijk vindt, doch anderzijds de leden ook oproept actief aan sport te doen. Aleen op voetbalgebied worden zekere beperkingen opgelegd. Goed georganiseerde jeugdcompetities voor iedereen die in Portugal tegen een bal wil trappen, zijn er niet. Vanaf de jeugd van acht jaar worden de beste spelers geselecteerd. Tot de leeftijdsgroep van achttien jaar worden per seizoen niet meer dan enkele honderden geslecteerde jeugdvoetballers toegelaten. Tot alle andere, 22 takken, van sport hebben de leden echter vrije toegang. Dat ledental is de laatste decennia explosief gegroeid. In 1950 was het 25 000, dat aantal was in 1970 verdubbeld en thans heeft FC Porto 65 000 leden. Ongeveer de helft van die massa betaalt per maand 1000 escudos om zodoende via gereduceerd tarief alleen de thuiswedstrijden van de voetbaltrots te kunnen zien. Van de andere helft is een aanzienlijk percentage een incidentele bezoeker van Das Antas. Deze duizenden zijn echter wel lid van de Dragoes-familie via de volgende sporten: handbal, basketbal, volleybal, judo, vissen, schaken, biljarten, diverse motorische sporten, tennis, hockey, rolhockey, roeien, schaatsen, wielrennen, atletiek, boksen, zwemmen, waterpolo, gymnastiek en gewichtheffen.

Luis Cesar is het hoofd van de afdeling Profvoetbal van Futebol Clube do Porto. Hij zetelt in een fraaie etage van het stadion. Alvorens hij het Hollandse bezoek welkom heet, wordt kennis gemaakt met de historie van de club. Op de derde verdieping is een indrukwekkend museum ingericht. Voor de hoofdingang wordt voorts in de vorm van een bronzen buste een speler herdacht, die tot op de dag van vandaag als een der grootste talenten wordt beschouwd: Fernando Pascaol das Neves. Hij werd slechts 26 jaar. In 1973 stierf hij op het veld in een wedstrijd tegen Vitoria Setubal. Een hartstilstand werd hem fataal.

Dat de familie-gedachte en de sociale verbondenheid van de leden - FC Porto is een echte volksclub - heilzaam werken ten aanzien van het supportersvraagstuk, staat wel vast. In Portugal wordt op de tribunes wel fanatiek meegeleefd, maar uitwassen als in Nederland, Duitsland en Engeland, zijn in Portugal nagenoeg onbekend. Benfica en Sporting Lissabon, de andere twee grootmachten in het Portugese voetbal, hanteren dezelfde familieformule. Ook als deze clubs tegen elkaar spelen, is het prettig vertoeven in de stadions. De rivaliteit is groot, maar het onderlinge respect wordt, waarschijnlijk mede dankzij de gehanteerde formule, zelden of nooit verstoord.

Sterke binding

Luis Cesar zegt trots te zijn op de infrastructuur van zijn club. "We hebben hier altijd spelers gehad, die vanaf de jongste jeugd lid van FC Porto zijn geweest. Er bestaat zodoende een sterke binding tussen de spelers en de club." Dat dit niet overdreven is, maakt de huidige Aselectie duidelijk. In die 26 spelers omvattende groep van hoofdtrainer Carlos Alberto Silva, een Braziliaan die tijdens Seoul'88 coach was van het Olympisch Elftal, waarin Romario excelleerde, zijn momenteel veertien spelers opgenomen die als junior bij FC Porto zijn begonnen. Te weten: doelman Vitor Baia, de verdedigers Joao Pinto, Bandeirinha, Jorge Costa, Fernando Couto, en Jorge Silva, de middenvelders Bino, Jaime Magalhaes, Jorge Couto, Rui Filipe, Rui Jorge en Toni en de aanvallers Domingos en Semedo. Van deze groep eigen kweek hebben al acht spelers de status van international bereikt: Vitor Baia, Joao Pinto, Fernando Couto, Jorge Couto, Rui Filipe, Jaime Magalhaes, Domingos en Semedo. Met andere woorden: er is nog een Ajax in Europa. Dat dit opleidingsinstituut ook succesvol is, hebben het binnenhalen van de Europa Cup I (in 1987, in de finale ten koste van Bayern Munchen), de Wereldbeker (tegen Penarol Montevideo) en de Super Cup (tegen Ajax) wel bewezen.

In de aanpak is ook plaats voor buitenlanders, vooral voor Brazilianen. Luis Cesar: "Tot twee jaar geleden werd een Braziliaanse voetballer automatisch als Portugees beschouwd. Beide landen hebben nu eenmaal historische banden. Maar op den duur bracht dat de merkwaardige situatie met zich mee dat een club als Vitoria Guimaraes tien Brazilianen onder contract had. Het Portugese voetbal heeft de zo specifiek technische inbreng van de Brazilianen altijd gewaardeerd. Er kwamen echter ook te veel middelmatige Brazilianen. Bij ons is nu alleen Aloisio nog een echte topspeler uit Brazilie."

Andere Brazilianen die bij FC Porto onder contract staan, zijn Antonio Carlos, Carlos Santos, Paulinho en Ze Carlos. Van dit kwartet speelt vanavond tegen PSV vermoedelijk alleen Antonio Carlos. De derde buitenlander die van de UEFA mag aantreden, is de handige Bulgaarse aanvaller Kostadinov. Timofte, een Roemeen, is onlangs met een Portugese getrouwd en geldt voor de Portugese voetbalwet als autochtoon, maar voor de UEFA niet. Hij is na de jaarwisseling pas speelgerechtigd in de Champions League.

Dat FC Porto 'een grote familie' is, bewijst het aantal satellietclubs en clubjes in het buitenland. Luis Cesar ontvouwt een wereldkaart waar op aangegeven is waar de buitenlandse 'vestigingen' van de club zich bevinden: in Brazilie (Vila Guilherme, Sao Paulo en Vasco da Gama, de 'geboorteclub' van Romario), Venezuela, de Verenigde Staten (Newark), Canada (Vancouver en Toronto), Engeland (Londen), Belgie, Luxemburg, Frankrijk, Macao, Angola, Mozambique, Zuid-Afrika en Guinee. "Voor al die mensen in het buitenland is FC Porto meer dan een sportclub. Door hun lidmaatschap behouden zij het contact met de Portugese cultuur. Naast sport is cultuur altijd van belang geweest voor deze club" , aldus Luis Cesar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden