Dante-symfonie maakt indruk Nederlands Philharmonisch schittert in orkestraties van Liszt muziek

AMSTERDAM - Hel, vagevuur en de Sixtijnse kapel waren vrijdagavond de hoofdonderwerpen in het openingsconcert van het Franz Liszt Festival. Hartmut Haenchen realiseerde in het Concertgebouw een uitgebalanceerde weergave van de Dante-symfonie, waarin het Nederlands Philharmonisch Orkest in alle glorie schitterde. Bovendien klonk voor de eerste keer in Nederland 'A la Chapelle Sixtine' in de versie voor groot orkest.

PETER VAN DER LINT

Beide werken gaven aan de opening van het Liszt Festival (voor de tweede keer in Amsterdam) een bijzonder tintje. Mede door dit concert en door lezingen van internationaal bekende Liszt-kenners heeft het negende Liszt Festival uitstraling gekregen.

In het korte 'A la Chapelle Sixtine' bracht Liszt de componisten Allegri en Mozart samen met Michelangelo's schilderingen over het Laatste Oordeel. Hij verwerkte van de een diens 'Miserere' (een boetepsalm) en van de ander het 'Ave verum corpus' (waarin ontferming wordt afgesmeekt als de dood en het laatste oordeel nabij zijn). Mozart heeft in zoverre te maken gehad met Allegri dat hij bij een bezoek aan de Sixtijnse kapel het wereldberoemde motet (een compositie die de kapel niet mocht verlaten) uit het hoofd volledig in partituur neerschreef.

Liszt paste in de compositie bij de weergave van dit 'Miserere' veel dalende en stijgende secundes toe en liet die op een hoketus-achtige manier spelen. Het 'Ave verum corpus' nam hij in zijn geheel over; het begint heel verstild met vier violen, waarna op subtiele wijze zeer verschillende orkestkleuren worden toegevoegd. Op fijnzinnige wijze vulde concertmeester Olga Martinova de solo in.

Het Liszt-gevoel werd daarna even onderbroken door Frank Peter Zimmermann die een forse uitvoering bracht van Mozarts vijfde vioolconcert. Zimmermann speelde met prachtige volle toon en met een rijk geschakeerd vibrato. Opvallend was de tegenstelling in vibraties van de linkerhand van Zimmermann en die van de orkeststrijkers welke laatsten onder aanvoering van Haenchen hele andere dingen over vibrato hebben geleerd.

Het contrast was niet onoverbrugbaar en na een slordig begin van het orkest liep alles soepeltjes over de rails. Zimmermann kreeg in de pauze uit handen van Herman Krebbers een Edison voor een recital-cd met werk van Franse componisten.

Na de pauze kwam dus het grote Liszt-werk, de Dante-symfonie. Liszt liet zich inspireren door de Divina Commedia. In het eerste deel, de Hel, staan de teksten boven de thema's. Het hoekige 'Lasciate ogni speranza voi ch'entrate' (Vergeet alle hoop gij die binnenkomt) contrasteert mooi met het klaaglijke 'Nessun maggior dolore che ricordarsi del tempo felice nella miseria' (Geen groter leed dan zich in ellende gelukkige tijden te herinneren); een beroemde zin, deze laatste, die door Rossini schitterend gebruikt wordt in zijn 'Otello'.

Liszt liet op aanraden van Wagner het paradijs weg, maar bereikte toch een soort driedeling door een koor van hoge stemmen (vrouwen of kinderen) een Magnificat te laten zingen. Haenchen en het orkest wisten bijzonder goed raad met dit problematische stuk.

In het eerste deel werden de kortademige motieven heel mooi met elkaar verbonden en kwamen Liszts orkestratie-kunsten maximaal uit de verf. In het andante amoroso speelden bijvoorbeeld twee celli en een hoorn in schitterende kleuren door het orkestweefsel heen. Een klein detail waarmee ook het vagevuurdeel volzat.

Daar werd optimale concentratie bereikt, zodat in de vele stiltes zelfs het publiek zich opvallend stil hield. De dames van het Toonkunstkoor sloten zich tenslotte aan met een sereen gezongen Magnificat.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden