dans

AMSTERDAM - 'Winterse vertellingen' noemt Introdans het tweede seizoensprogramma, waarmee het tot begin maart door Nederland trekt. Afgaande op de twee hoofdballetten, een reprise van Ed Wubbe's 'White Stream' en de première van 'Purcell Pieces' van Nils Christe, zou 'herfsttij' een toepasselijker verzamelnaam zijn geweest.

De twee ensemble-creaties vullen niet een hele avond, dus werden zij aangevuld met drie korte solo's waarin artistiek leider Ton Wiggers van zijn kwaliteiten als gepokt en gemazelde karakter-danser mocht getuigen. Bij Introdans moeten ze gedacht hebben: wat de senioren van het Nederlands Dans Theater kunnen, kunnen wij ook.

Dat pakte anders uit. Echt gelukkig met de uitnodiging van drie tamelijk onervaren choreografen om met hem aan de haal te gaan blijkt de leider-danser zelf niet te zijn. In de voorstelling die ik afgelopen zaterdag in de goed bezette Amsterdamse Stadsschouwburg bijwoonde, bleek de solo van Peggy Olislaegers, 'I've been all those places', al geschrapt te zijn, “vanwege de lengte van het totale programma”. Het ware beter geweest als dat ook met 'Cel' (Kirsten Debrock, muziek Bach) en 'Sneeuw' (Adriaan Luteyn, muziek Doris Day en The Orb) was gebeurd. Debrock beging de blunder om Ton Wiggers tot een bankje te veroordelen. Ze sloot hem op in een cel en liet hem aan zijn lot over. Is hij een opgesloten gek of wordt hij door zijn cel gek gemaakt? Wiggers kreeg niet de kans om dat duidelijk te maken, waardoor deze wanhoopskreet in een parodie op Gérard Lemaître's fenomenale bank-scène in 'The Old Man and Me' (Van Manen, 1996) ontspoorde. Even tenenkrommend was Wiggers opkomst in Adriaan Luteijns 'Sneeuw'. Vermomd als de verschrikkelijke sneeuwman mag hij zich als een acrobaat met winterhanden ontpoppen.

Nee, Introdans moet het niet van dit soort dramatische ernst of oudbakken humor hebben. Zowel de reprise van 'White Streams', hun tien jaar oude kraker van Ed Wubbe als de nieuwste creatie van vaste gastchoreograaf Nils Christe past hun zorgvuldig opgebouwde imago veel beter.

Christe, al vanaf de late jaren zeventig leverancier bij de dansers in Arnhem, schakelde voor zijn 'Purcell Pieces' zelfs alle achttien dansers in. Even letterlijk als figuurlijk trekken, stampen, rollen zij zijn hulde aan de Engelse componist uit de grond. Zoals vanouds steunt Christe daarbij op zijn vaste ontwerper Keso Dekker. Nog niet eerder zag ik een ballet van hun hand waarin de witte dansvloer zo intensief voor groundwork wordt gebruikt. Dekker koos ditmaal voor een kleurschakering van cyclaam - aubergine - bordeaux - blauw - grijs -zwart - bruin. Hulde voor die keuze, want hoe raak schoot hij daarmee in deze uit 22 Purcell-flodders opgebouwde choreografie! 'Purcell Pieces' is niet alleen door die kleuring een pittig tegenwicht van Wubbe's 'White Streams'. Moeten de dansers hierin door een mistig schimmenrijk waden, als het ware beneveld door een etherische esthetiek in kitchy paars schijnsel, in Christe's nieuwste creatie is die wazige pathos opgetrokken. De dansers keren niet alleen met hun voeten maar ook met handen, knieën, billen op de vaste grond terug. Zij koesteren de vloer als hun voedingsbodem en rakelen een aardse danslust op die van grote inventiviteit, wervelende dynamiek en een groot gevoel voor dosering getuigt. Hoekige accenten via ellebogen en voeten worden moeiteloos opgevangen in kronkelende ruggen en zwiepende armen en benen. Even organisch vloeien aangrijpende solo's en duetten (vooral op aria's uit de opera 'King Arthur') uit vrolijker jigs, trumpet tunes en airs voort.

Onder al die sfeerwisselingen gaat een enorme stuwkracht schuil, die Christe's signatuur al zo lang kenmerkt en die hem ook tot de categorie van ex-NDT-choreografen (Nacho Duato, Philip Taylor) doet behoren. Van dansers verlangt hij een zuivere articulatie, zonder narcistische poespas en diepgravende pretenties. Kortom, het duo Christe-Dekker weet met de schaar in Purcells oeuvre en uit de hof van Introdans een prachtig boeket te schikken, met Detlev Alexander, Yuri Huyg, Yvette Schippers, Mariet Andringa, Laura Marin en Shirley Rabenberg als uitschieters. Purcell-kenners kunnen zich over dat gepluk en gedeel blauw, bruin en paars ergeren, maar voor dansliefhebbers gaan de drie kwartier als een zachte windvlaag voorbij. Moeder natuur mag tot slot via de sneeuwmachine de winterslaap aankondigen. En daarmee wordt 'Freeze me to death' uit de opera 'King Arthur' wel heel letterlijk in vervulling gebracht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden