dans

Te zien in juni: Amsterdam (2,3,5), Den Haag (6,7,8) Groningen (14), Utrecht (17), Enschede (19), Venlo (24), Eindhoven (26).

Het betere smijt-trap-hak-sleurwerk in Forsythe's terrorisme uit 1980 vergt nog altijd het uiterste van de dertien uitvoerenden, maar heeft de tand des tijds niet doorstaan. Misschien komt dit ook omdat de meedogenloze intimiteit van dit opgefokte geweld in het afstand scheppende theater zo goed als verloren gaat. Wat rest is vooral nostalgie.

Lightfoot scheidde daarop het licht van de duisternis en liet in de blackbox een oerpaar opdoemen, te midden van vier trommelaars. In de bizarre mimografie die zijn signatuur zo typeert, kronkelt, zindert, zoeft en slungelt het als een gistende brij. Met lichamen van kneedbare was keren de twee dansers terug naar de overgangsfase tussen mensaap en mens. Door de muziek heen kwebbelt Jorma Elo zijn Aziatisch-Esperanto, terwijl hij en Sol Leon desperate pogingen doen om op elkaars lichaam wortel te schieten.

Ook de zes lotgenoten in dit Lost Paradise doemen als marionetten van hun eigen kwetsbaarheid op, in stram aandoende, over het zwarte toneel uitwaaierende formaties, met Yoeri de Korte als blikvanger. Uit de hemel dalen boogvormige figuren met oplichtende pijltjes neer en ook een monitor met verblindend licht, als symptoom van de beschaving zoveel millenia later, wordt het toneel opgereden. In deze omslag naar het einde der mensheid blijft de mens echter een machteloze afstammeling van Desmond Morris' 'Naked Ape'.

Lightfoot's nieuwste ballet borrelt over van doorwrochte dynamiek en de elasticiteit van met name Elo en Leon is op het onwaarschijnlijke af. Ogen tekort dus, maar de onuitroeibare oerkracht van hun pure dans wordt door de naïviteit van de boodschap wel erg ondermijnd.

Ook Kylians 'Anna and Ostriches' is een explosie van spetterende dans, in een door de Strauss polka's en door revolver schoten belaagde lavastroom van zwart-gifgroene ledematen. Kylian verdeelt de stroom vol mallotige marionetachtige bewegers vooral in kwartetten, met korte fragmenten voor Fiona Lummis en Jean Emile als onheilspellend leitmotief daarbinnen. Het voortjakkeren, glijden over de vloer en spookboksen tegen een oplichtend brandscherm, getuigt van een typisch Kylianeske galgenhumor en dat betekent: Mickey Mousing tot op de tel met verbluffende bewegingsvondsten. Rawhide, drive them up, move them on, Rawhide, maar dan op zijn 19deeeuws Habsburgs in eigentijdse kostumering.

In hun race tegen de klok worden de dansers een soort robot-dansvee. Fiona Lummis zou de erfgename van Anna Pavlova in dit balletmeer van struisvogels kunnen zijn, maar tot slot laat Johan Inger de aap uit de mouw komen. In een potsierlijke tutu zweept hij er twintig pirouettes uit en roept dan vertwijfeld dat hij de Anna is, en zij de struisvogels zijn.

In weerwil van het enerverende tempo, de groteske parodie op het Weense fin de siècle-gevoel (escalerend in het revolverschot in Sarajevo 1914) en de sublieme momenten van sinistere verstilling: Kylians danshumor is de mijne niet. De Moerdijk zit er op een of andere manier tussen. Zijn Anna and Ostriches is een stunt, vergelijkbaar met zijn Symphonie in D of Sechs Tünze. Mij is het te commercieel, te glad en te gekunsteld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden