dans

HAARLEM - Om de zoveel jaar gaat Krisztina de Châtel1 'een duet' met een jonge, haar intrigerende choreograaf aan. Zij inviteert hem/haar bij haar dansgroep om jong talent bij een groter publiek onder de aandacht te brengen, maar ook om haar dansers met ander bewegingsmateriaal te voeden dan zijzelf te bieden heeft.

In het verleden viel haar keus op John Wisman, Conny Janssen en Paul Selwyn Norton. Ditmaal vroeg zij Marie-Cecile de Bont, Neel Verdoorn en de Belg Thierry Smit voor een programma van drie duetten. Zelf voorzag zij de drie variaties op dit thema van haar handtekening vooraf, door haar eigen visie op hun creaties met een eigen duet in te leiden. Bovendien fungeren met beeldend kunstenaar Quinine Racké ontworpen videobeelden als begeleidend commentaar.

Hoe toepasselijk en typisch voor De Châtel bleek haar inleiding! Zij trok daarvoor het duet 'De zieleweg van de danser' (tekst Heinrich von Kleist) uit de kast, dat zij in juni 1997 samen met Gerardjan Rijnders ter gelegenheid van de opening van de Amsterdamse Theaterschool hadden gemaakt.

Voor alle studenten van deze opleiding is die tekst over de marionet als metafoor van de danser verplichte kost. Regisseur en choreografe koppelden daartoe de welluidende voordracht van de jonge Marokkaanse acteur Mimoun Oaissa aan het soepele rekken en strekken waarmee de Taiwanees Weng-cheng Lee zijn spieren en gewrichten oefent en onderzoekt.

Zwaarteloos

De bewegingen van een marionet, zo legt Von Kleist zijn verteller in de mond, leren een danser hoe iedere beweging een zwaartepunt heeft en dat in elke bewegingsaanzet de ledematen als pendels vanzelf volgen. Zwaarteloos en bevrijd van aanstellerij openbaart de motoriek van de marionet de zieleweg van de danser, in zijn terugkeer naar het Paradijs. “We zouden opnieuw van de boom der kennis moeten eten. Dat is het laatste hoofdstuk van de geschiedenis van de mensheid.” Voor de voeten van de acteur en de danser ligt dan ook een appel (merk granny smith) als de zilveren waarzeggersbol te glanzen. Von Kleists tekst geldt als een leidraad, die De Châtel door haar hele oeuvre heen heeft aangehouden, ook nu zij steeds meer op het spoor van dans + videotechniek en van dans op locaties buiten het theater is gekomen.

Zij illustreerde haar duet-visie met de projectie van enorm opgeblazen opnames op de achter- en zijwanden van het toneel. Twee hoofden in innig contact laten de neuzen pletten, en daar doorheen zien we twee Shosumi worstelaars in actie.

In het liefdesduet 'Glasschade' van Marie Cecile de Bont op een indringende geluidscollage van Paul Koek vormt niet het lichaam maar een spiegelwand de sta in de weg tussen Peter Kadar en Suzan Tunca. Zij komen als twee beverige marionetten op, strompelend op spitzen. Hij breekt door de wand heen, zij blijft daarvoor. De doorzichtige wand is als het schuine streepje tussen m/v, suggereert de ambiguiteit in én tussen hen beiden. Het glas laat hen ook onbereikbaar voor elkaar zijn, hoezeer zij hun pogingen ook op elkaar afstemmen. Hoewel die vondst erg lang wordt uitgewerkt, roept het prachtige beelden op. 'Glasschade' krijgt vooral een aandoenlijk einde als de twee marionet-dansers weer beverig naast elkaar komen te zitten, in afwachting van wie van hen eerste zal wegvallen.

Hoe anders ging Thierry de Smit, oprichter van het dansgezelschap Thor, in zijn 'Sentier du Bois' te werk. Op een broeierig gedreun (Noise makers fifes) slingeren, maaien en wroeten de robuuste Adam Feyes en de als een Shiva zo flexibele Cheng Weng Lee over het op de grond uitgelichte bospad. Het onderscheid tussen hun dynamiek in unisono opgezette vormen moet als een splijtzwam werken, maar doet aan nodeloos kompostgekrioel voor twee kobolten denken, mede door kostuums van bruin franje.

Veel meer ruimtelijk besef en gevoel voor organische swing vol scherpe accenten en tegenstellingen bood Neel Verdoorn aan Massimo Molinari en Natascha Siegertz. Beelden van twee genadeloos ketsende torso's introduceren haar 'Ivoren Toren' (muziek George Crumb, Philip Glass, John Patitucci door het Kronos Kwartet). In dit duet over aantrekken en afstoten bevinden Molinari (blauw) en Siegertz (geel) zich op het scherp van de snede. Voor een glinsterende strook foliepapier zitten zij elkaar even flitsend als soepel op de huid, als gevangen van een macht, die hun onderlinge tarten, trekken en afwijzen even ongenaakbaar maakt als de ivoren toren waarnaar de titel verwijst. Wanneer het folie valt en de duisternis toeslaat, staat het 1 - 1. Ook hier geldt dat niet zozeer de compositie als wel de kwaliteit der uitvoerenden dit duet boeiend weet te houden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden