dans

28 jan t/m 1 feb in Bellevue Amsterdam; 12/13 feb in Lantaren Rotterdam. Daarna tot 11 april tournee.

Haar nieuwste productie, die vrijdagavond in de Haarlemse Toneelschuur in premiere ging, is een volgende stap in de koppeling van buitenopnames en choreografie. De Châtel wil bewegende videobeelden van dansers op locatie aan beeldende bewegingen van haar dansers in de kale toneelruimte zelf koppelen: wat zich op het scherm achter hun rug afspeelt is dus meer dan een van buiten naar binnen gehaald bewegend decor, maar onderdeel van en zelfs aanleiding tot de choreografie. In haar toelichting schrijft zij: “Tenslotte is elke vierkante meter een ruimte waar gedanst kan worden en daardoor een nieuwe ruimtelijke belevenis kan worden.”

Na Hongarije koos zij nu voor een oer-Hollands landschap. Op de dijk nabij Marken plaatst zij haar dansers en video-specialist Henk van Dijk op de driesprong van natuur, cultuur en techniek.

Maar voor deze sprong voorwaarts op onbekend terrein deed de Hongaarse in Nederland eerst een stapje in haar loopbaan terug. Als startpunt nam zij namelijk een superbe solo die zij in 1985 voor Josje Neumann maakte. In dit 'Trio' (op Etude van Warner van Es) moest de vrouw toen haar passie in toom houden op een diagonaal liggend lichtpad van een meter breed. Tegen drie grote beeldschermen die enkel ruis te zien geven, beweegt de danseres, nu indrukwekkend furieus vertolkt door Ann van den Broeck, tussen twee jongens die aan de uiteinden van de diagonaal als een soort seinwachters staan opgesteld.

Steeds heftiger maar aldoor met de blik op oneindig voert zij de simpele loop plus draai-frase uit, zichzelf aanzwengelend als een lier en molenwiekend met haar armen. In de beteugeling van haar hartstocht speelt zij de twee wachters tegen elkaar uit, totdat zij ten slotte alledrie tollend in de beeldschermen oplossen.

Hun verdwijning is de start van De Châtels eigen sprong in het beeldruis. De solo van de vrouw laat zij opvolgen door haar nieuwe 'Solo V', ditmaal door ( en voor) het dansdier Massimo Molinari. Op de rand van een lichtcirkel (ontwerp Michiel van Blokland) laat hij met gespreide armen, klauwende vingers en kronkelend lijf de ruimte op zich inwerken. Onder denderend geraas van Steve Reichs 'Different trains deel 3, After the war' (Kronos Quartet) wordt het licht eerst diffuus en vervolgens fel wit, terwijl de fabelachtige Molinari van zilver-roestkleurig insect in een arend op zweefvlucht verandert. Dan pas, in het deel 'Vide' komen ook de filmschermen tot leven, met opnames van Henk van Dijk.

Links kabbelt het water en rechts loopt evenwijdig met het fietspad op de dijk een asfaltweg. Op de dijk annexeren de dansers de lijnen en grilligheden van dit oer-Hollandse landschap, tussen water en weiland. Die beelden zijn zo opzuigend dat ik soms amper merk dat loop (losgemaakt van omgeving) of richting (bevrijd van doel) ondertussen op de toneelvloer doorwerken in een complexe choreografie voor zes dansers, die zich als zuigstangen in een ruimtelijk raderwerk over de toneelvloer verplaatsen.

De zes op de vloer nemen frases van de film gedeeltelijk over en vullen dit met wiskundig verschuivende patronen aan: er wordt geploegd en gemaaid, gezaaid en gedregd. De wisselwerking tussen binnen en buiten is fascinerend, maar ergens tussen scherm en scene blijf ik hangen, zeker wanneer in Kevin Volans 'Dancers on a plane' vogel- en kikkergeluiden klinken.

De titel Vide is hoe dan ook een perfecte keuze. De Châtel vraagt om de leegte tussen danser en zijn vierkante meter te bekijken, met omzien naar de onpeilbaarheid van de natuur en de door mensenhanden aangebrachte ordening. Als eerste poging houdt deze productie zeker een belofte in. En toch miste ik nu nog een soort magische vonk, in weerwil van de overgave der dansers.

Wat een tegenvaller is hierna 'Kindred Doppelgüngers', van gastchoreograaf Paul Selwyn Norton. Deze promoot zichzelf als Forsythe-kloon, maar mist dat gevoel voor apocalyptisch theater. Ook hij lijkt de ruimte tussen danser en zijn spiegelbeeld te willen onttakelen en doet dat met een rond schild waarop eerst wolkjes en later de woorden hey, boo en een vraagteken opdoemen. Dat is helaas een treffende samenvatting van het doelloos ogende gedreutel waarmee drie jongens en twee meisjes zich uit de naad werken. Waarom toch zo ontzettend ingewikkeld doen als er geen enkele dramatische kracht vanuit gaat?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden