Dansen met de duivel en de dood

Hoe het eraan toegaat bij heksenvervolgingen eind zestiende eeuw

Heylcken Brycken ging over de tong bij haar dorpsgenoten in het Brabantse Soerendonk. Ze had schoon genoeg van de kwaadsprekerij en toog met haar man naar de autoriteiten van Cranendonck om zich te beklagen. Het werd haar dood, evenals die van haar moeder en nog 23 andere vrouwen in de Peel.

Tussen 1580 en 1630 beleefde de heksenwaan in Europa zijn hoogtepunt. In 'Duivelskwartier. 1595: heksen, heren en de dood in het vuur' beschrijft journalist Johan Otten hoe de gekte in een paar maanden tijds dodelijk toesloeg in de Peel. In het zuidoosten van de huidige provincie Noord-Brabant voldeed een klein vonkje om de brandstapels te laten ontvlammen. Naijver, oude vetes en bijgeloof vormden een giftige cocktail. Plotselinge sterfgevallen, veeziektes en ander onheil konden opeens worden toegeschreven aan een kwaadaardige toverbende.

De Brabantse vrouwen bevestigden tijdens verhoren waarvoor werd gevreesd. In verschillende gedaantes sloeg de duivel zijn slag. Met list en charme kreeg hij hen in zijn ban en had hij seksuele omgang met hen. Steeds werd dan gerept over zijn koude geslacht. De heksen kwamen ook op nachtelijke bijeenkomsten, waar ze dansten en het niet zo nauw met de zeden namen. Het ultieme eerbetoon aan de duivel was het kussen van diens anus. Bleef het maar bij dit soort onderonsjes. Maar de vreselijke vrouwen zaaiden ondertussen ook nog eens dood en verderf onder mens en dier met toverspreuken en smeersels, vaak gemaakt van botten en vet van overledenen.

Het waren getuigenissen die naadloos aansloten bij de gebruikelijke gruwelverhalen over hekserij zoals die in heel Europa de ronde deden. De plaatselijke autoriteiten deden desondanks of het spontane bekentenissen waren. In hun verslagen repten ze van 'lichte slaagkens' voor de verdachten. In werkelijkheid werden ze na een waterproef zwaar gefolterd.

Een van de 25 overleden vrouwen bezweek aan de verwondingen die ze opliep tijdens martelingen. Haar buik was opengesprongen, zodat de darmen eruit puilden. Haar rug zat vol sneden. Haar handen en armen waren kapot. Anderen die uiteindelijk werden vrijgelaten, leden nog tijden, en soms levenslang, onder de behandeling die ze hadden gekregen.

Het beulswerk werd overgelaten aan professionals. Soms deden de adellijke heren in de streek zelf mee. De gretigheid waarmee zij de processen oppakten viel op. In een enkel geval vond de terechtstelling zelfs al na drie dagen plaats. De meeste beschuldigden waren zo overrompeld dat ze zich niet konden verweren.

De katholieke kerk ging niet voorop bij de heksenjacht in de Peel. Integendeel zelfs, priesters en monniken riepen op tot kalmte. Zij zagen het zogenaamde duivelspact en andere magische uitwassen vooral als vormen van inbeelding. Veel bidden en je concentreren op Gods woord konden helpen. Een nietsontziende jacht op tovenaars en tovenaressen maakte alleen maar onschuldige slachtoffers.

Geestelijken moesten echter voorzichtig zijn met hun kritiek. Ook zij konden mikpunt van beschuldigingen worden. Gesteld dat de duivel via hen zou werken, dan kon die bijvoorbeeld via hosties en wijwater zijn vernietigende werk doen. Zulke scenario's waren niet denkbeeldig. Een van de vrouwen vertelde dat ze met de pastoor en de duivel in één bed had geslapen. Later trok ze die bekentenis weer in.

Zowel het bisdom als de hogere wereldlijke autoriteiten onderwierpen vanuit Den Bosch en Brussel de heksenjacht in de Peel aan een nader onderzoek. Ze bekritiseerden het toepassen van waterproeven, de wel erg snelle procesgang en het inschakelen van dorpse rechters, niet capabel om te oordelen over deze zaken. Tot het rollen van koppen bij de verantwoordelijke heren in de streek leidden de onderzoeken niet. Het bracht de gemoederen wel enigszins tot bedaren. Gevangenen kwamen vrij.

De belangstelling van hogerhand zorgde ervoor dat uitzonderlijk veel archiefmateriaal bewaard is gebleven. Een rijkdom voor wie in deze historie wil duiken. Jammer genoeg kan Otten de weelde niet helemaal aan. Hij reproduceert kundig wat hij aan gegevens vindt, maar staat te weinig boven zijn materiaal om te selecteren, de grote lijnen zichtbaar te maken en de lezer mee te slepen. Een vaardiger schrijvershand had van deze onthutsende geschiedenis een adembenemend boek kunnen maken.

Johan Otten: Duivelskwartier. 1595: heksen, heren en de dood in het vuur Verschijnt 2 oktober bij Vantilt; 420 blz. euro 24,95

In het Catharijneconvent in Utrecht opent vandaag de expositie 'De heksen van Bruegel' (tot 1 februari 2016)

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden