Dankzij Duitse grondigheid complete lijst van doden Vught

Van een onzer verslaggevers

Kamp Vught was bedoeld als een model-concentratiekamp, naast Ommen, Schoorl en Amersfoort. De Duitse SS richtte het in, toen halverwege de oorlog het verzet in Nederland de Duitsers te bar werd en er behoefte ontstond aan meer detentieruimte. De doorsnee gevangene in Vught kon het kamp na het uitzitten van zijn straf - zij het in gehavende toestand - verlaten.

Het doel van een modelkamp heeft Vught niet weten te halen. Oorzaak was onder meer dat het kamp al bevolkt werd, ver voordat het af was. Er vonden veel mishandelingen plaats en qua terreur kon het wedijveren met Amersfoort. Begin 1944 werden 74 vrouwen voor straf in een bunker opgesloten, de volgende ochtend bleken er tien door verstikking te zijn gestorven. Op de fusilladeplaats werden in augustus 1944 23 jongemannen, verbonden aan het illegale Trouw, doodgeschoten.

In Vught kwamen naast de 14 000 joden, die er op doortocht naar de vernietigingskampen enige tijd doorbrachten, allerlei andere Nederlanders. Van zwart-handelaren tot homoseksuelen, van misdadigers tot verzetshelden.

Opmerkelijk is de golfbeweging die de aantallen slachtoffers per maand laat zien. Grote pieken in de beginperiode van januari tot mei 1943, toen de voorzieningen nog zeer ontoereikend waren. Gaandeweg traden verbeteringen op, de ziekenzorg werd beter georganiseerd en er kwam een grootscheepse pakkettenhulp, georganiseerd door omwonenden, op gang. Daardoor verminderde het aantal doden tijdelijk. In de periode juli tot september zijn er weer grote pieken, veroorzaakt door de massale fusillades, waarmee de Duitsers voor de aanstormende geallieerden nog zoveel mogelijk 'lastige elementen' wilden uitschakelen.

Kamp Vught werd in september 1944 bevrijd. Hoewel het niet in de eerste plaats de bedoeling was er mensen te doden, zijn er tot Dolle Dinsdag in september 1944 747 mensen gestorven. Van elke dode kampbewoner hielden de Duitsers nauwkeurig administratie. Op elke dode werd sectie gedaan. De namen van de overledenen werden in een eigen systeem van de kampadministratie bijgehouden. De Sterbebucher. Gevangenen die moesten assisteren bij de crematie van de overledenen hielden daarnaast een eigen archief bij. Zij vreesden dat de Duitsers na de oorlog hun wandaden zouden trachten te verbergen. Zij hadden geen ongelijk. Lange tijd bleef dan ook het Sterbebuch II over het jaar 1944 onder water, totdat de Amsterdamse mevrouw H. Voute, die zelf in het kamp heeft gezeten, in het vroegere Oost-Berlijn het ontbrekende Sterbebuch wist te achterhalen. De Duitsers wilden het exemplaar niet afstaan, maar wel mocht ze de namen van de doden kopieren. Mevrouw Voute was in juni 1943 in Vught terechtgekomen onder meer omdat ze als student in Utrecht betrokken was bij het onderbrengen van joodse kinderen. Verder bedreef ze spionagewerk en verspreidde zij ondergronds drukwerk. Zij herinnert zich van haar verblijf 'spanning, kameraadschap en groot menselijk lijden'. "Het was wel echt diep leven" , zegt zij. Op 6 september 1944 werd zij afgevoerd naar Ravensbruck, waar ze in het eind van de oorlog werd bevrijd.

Met hulp van het Rode Kruis, het Instituut voor oorlogsdocumentatie en de Oorlogsgravenstichting kon mevrouw Voute een lijst van doden worden gemaakt, die volgens de historicus J. van der Eijnde, die verbonden is aan het Nationaal monument kamp Vught verantwoord is.

Alle namen zijn gegraveerd op een glazen wand in het vroegere crematorium, die dinsdag is onthuld. Zo beleefde Vught een tweede opening, nadat prinses Juliana in 1947 reeds een gedenkwand op de fusilladeplaats onthulde. De volledige lijst namen staat op een glaswand, een ontwerp van de grafische vormgevers Erik van Rosmalen en Niek Goldhoorn.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden