Review

Daniil Charms te origineel voor het communisme

'Nietes welles' van de Russische dichter, dramaturg en schrijver Daniil Charms (één der pseudoniemen van Daniil Ivanovitsj Joevatsjov, 1905-1942) is een opmerkelijk kinderboek. De zeven verhalen erin zijn ondeugend, geestig, absurdistisch en soms nonsensicaal, hebben vaart, en getuigen van een onbevangen kinderlogica en -fantasie.

Twee kinderen, Petka en Kolka, vliegen in een vliegmachine (geen vliegtuig dus) even naar 'Brazilië', spreken zelfverzonnen 'Indiaans', zien een koe aan voor een bizon en een dennenboom voor een palm, en terwijl een automobilist de huilende knulletjes terugbrengt naar Sint Petersburg houdt één van hen stug vol dat hij met eigen ogen een condor heeft gezien. De macht der kinderlijke verbeelding ten voeten uit.

Een verhaal over een sijsje en een leeuw wordt tot een spraakverwarrings-spelletje, sprookjes worden tot slapstickverhalen, en verleden en tegenwoordige tijd worden tegen de regels in door elkaar gebruikt.

Hoewel ze ruim driekwart eeuw geleden geschreven zijn, en duidelijk gesitueerd in Rusland, komen de verhalen niet ouderwets of belegen over. Hoe kan dat?

Ze herinneren aan een wereld die nu, aan het eind van de twintigste eeuw, het liefst zo ver mogelijk in het vergeetboek wordt weggestopt. En dat terwijl het zo'n waanzinnig boeiende, woelige tijd was: de tijd van de Russische revolutie, in de jaren twintig en dertig, waarin het oorspronkelijke élan van 1917 - weg met de onderdrukking, arbeiders aan de macht - plaats maakte voor een nieuwe dictatuur, die de oude nog zou overtreffen.

Kunstenaars die aanvankelijk hoopten dat ook de verbeelding aan de macht zou komen, kwamen bedrogen uit. De burgerlijke (lees: klassieke) kunst ging weliswaar op de schroothoop, wat hen niet speet, maar de jonge experimentelen en avantgardisten bleken al gauw veel te vrijdenkend voor het soort kunst dat de revolutiebonzen voor ogen stond. En dat was Proletkult, proletarische kultuur dus, die aanvankelijk nog vernieuwende tendenzen bevatte, maar al snel afgleed naar een plat socialistisch realisme. Zeg maar de affiche van de door een stralenkrans omgeven gespierde arbeider met de vastberaden blik, krachtige kin en vierkante vuist.

Een dichter als Majakovski, aanvankelijk enthousiast voor de revolutie, raakte hierdoor zo gedesillusioneerd dat hij in 1930 op 37-jarige leeftijd zelfmoord pleegde.

In die periode probeerde Charms, twaalf jaar jonger dan Majakovski, zichzelf te zijn en te blijven: provocerend, excentriek, clownesk, eigenzinnig. De absurdistische literaire groep waar hij bij hoorde, Oberioe, werd in 1930 afgedaan als reactionair en de leden ervan als klassevijanden. Maar in de kinderliteratuur kreeg Daniil Charms iets langer de kans zich te uiten. Vanaf 1927 schreef hij voor kindertijdschriften nog vrolijke, dwarse verhalen. De verhalen uit 'Nietes Welles' komen waarschijnlijk uit deze periode. In elk geval 'Ten eerste en ten tweede' (1929), een maf verhaal over de komische lotgevallen van twee jongens die op stap gaan met een heel kléin mannetje en een hele gróte.

Dit verhaal verscheen eind 1996 ook bij Lannoo, vertaald uit het Amerikaans, met stripachtige kleurenprenten van Marc Rosenthal. De versie in 'Nietes Welles' is rechtstreeks uit het Russisch vertaald, en daardoor minder gepopulariseerd. Hier zijn de prenten (in zwart-rood-wit) van Gerda Dendooven, en het is verbluffend hoe hetzelfde verhaal tot volslagen andersoortige prenten kan leiden, die echter beide bij het verhaal passen. Die van Rosenthal doen aan 'Kuifje' en 'Suske en Wiske' denken, die van Dendooven zijn absurdistisch. Waar Rosenthal de lange man elastieken stelten van benen geeft, rolt Dendooven ze op als een slakkenhuis-met-krijtstreepje. Dat maakt nieuwsgierig naar de oorspronkelijke prenten uit 1929, van de futuristische schilder en beeldhouwer Vladimir Tatlin.

Pas na 1930 sloeg ook bij de Russische kinderbladen de censuur en gelijkschakeling toe, en eind 1931 werd Charms, samen met andere 'contrarevolutionaire' medewerkers van de kindertijdschriften, gearresteerd. Zijn vader kreeg hem echter vrij. Hij leefde en schreef nog tot 1941 in Leningrad, straatarm. In augustus 1941 werd hij voor de tweede maal opgepakt. Een half jaar later stierf hij, volgens de achterflap van 'Nietes Welles' in een krankzinnigengesticht, volgens anderen in de gevangenis.

Hoewel de verhalen in 'Nietes Welles' ook zonder deze achtergrondinformatie prikkelend zijn, zet de context toch aan het denken. Charms was twaalf jaar oud toen de revolutie uitbrak en hij zal die als puber in het begin best spannend en heroïsch hebben gevonden. Waarschijnlijk heeft hij propagandafilms als 'Pantserkruiser Potemkin' gezien. Er zitten onmiskenbaar futuristische trekjes in zijn verhalen, en wel in het genieten van moderne techniek: vliegtuigen, trams, motoren, draaideuren en liften, in die tijd voor Rusland een nieuwe sensatie. Kritiek op het regime is nauwelijks waarneembaar, of het moet zijn in het verhaal over Kindertehuis nr. 142, waar een jongen steeds het licht laat uitvallen (dus saboteert) door de electriciteitsstoppen los te draaien. Of in het verhaal over die oersterke maar domme Russische jongen, die in Japan jiu jitsu zou leren, waar zijn brute kracht het aflegde tegen slim spiergebruik. Meer dan kritiek op het regime laten de verhalen literaire originaliteit en onvoorspelbaarheid zien. Die originaliteit, die weigering om zich te voegen naar de socialistisch-realistische dwangbuis, heeft Charms (en vele anderen) de kop gekost.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden