Dance Works bewijst zich met knappe dansmix

Dans

Codex Dance Works Rotterdam / André Gingras ¿¿¿

'Codex' is een van de laatste producties van Dance Works Rotterdam/André Gingras, want de subsidie stopt in 2013. Het publiek moet zich dus afvragen: missen we daarmee iets wat we elders ook kunnen zien? Dat was namelijk kortweg de motivatie om het gezelschap de das om te doen: de focus op vermenging van streetdancestijlen en moderne dans, een weg die met de aanstelling van artistiek leider André Gingras bewust was ingeslagen, is tegenwoordig wijdverbreid in dansland Nederland. Zoals bij Conny Janssen, ook in Rotterdam gevestigd.

En toch bewijst het dansdrieluik 'Codex' dat het jammer is dat het gezelschap gaat verdwijnen, alhoewel de gepresenteerde choreografen in de toekomst vrijwel zeker ook elders te zien zullen zijn. Met een ongebreidelde dynamiek wordt een knappe mix gepresenteerd van moderne dans, streetdancestijlen en circus. Én bepalend voor het drieluik: het is een pandemonium van testosteron, want alle stukken worden door louter mannen gedanst.

Dan is het moeilijk om de nadruk niet geheel op bravoure te leggen -boys will be boys tenslotte. Maar die valkuil wordt vooral door choreografe Alida Dors in het programmaonderdeel 'L.A.T.' omzeild. Zij richt zich juist op de kwetsbaarheid van mannen; een rustpunt in het choreografische geweld en een bewijs dat het terecht is dat Dors de Prijs van de Nederlandse Dansdagen 2012 in de wacht mocht slepen.

De dramaturgie van 'L.A.T. (Living Apart Together) is wat onbeholpen letterlijk. De stalinistische ganzenpas bijvoorbeeld moet de collectieve dwang binnen een mannengroep aanduiden. Toch weet Dors de taal van hiphop te 'internaliseren' waardoor hiphop een dansziel krijgt.

Ook André Gingras' remake van 'The Autopsy Project' maakt de verwachting waar: met freerunning tussen steigers, kamikazesprongen en acrobatische dans komt Gingras tot een even slimme als verrassende synthese met het kwetsbare lichaam. Dat wordt zo nu en dan in al zijn naaktheid prachtig clair obscur uitgelicht, wat doet denken aan de oude meesters.

Een verrassende onderlaag ontbreekt in 'Imago(s)' van Meyer en Chauffaud, alhoewel hun uitgangspunt van het circus als plek waar je mag en kunt dromen, geraffineerd is uitgewerkt. Circusacts als jongleren, of lopen op een bal worden verwerkt tot explosieve dansscènes waarin het individu zich staande moet houden binnen de groep. Het is mooi en vermakelijk, maar er mist een duidelijke boodschap waar de makers artistiek voor staan.

Sander Hiskemuller

Klassiek

Rotterdamse Orgeldagen ¿¿¿

In de Rotterdamse Laurenskerk waande je je vrijdagavond anderhalf uur lang in 'Venetië aan de Maas'. Muziek uit de Dogenstad stond daar centraal tijdens de Rotterdamse Orgeldagen. Thema van de vierde jaargang van dit festival rond de orgels in de Rotterdamse binnenstad was 'Pracht en praal in de San Marco'.

Onder de Vlaming Adriaen Willaert, in de zestiende eeuw kapelmeester van de San Marco, is de 'dubbelkorigheid' tot bloei gekomen in Venetië. Dubbelkorigheid is de vroegste vorm van stereofonie: vanaf de twee gaanderijen van de San Marco speelden en zongen twee orgels en twee koren en ensembles elkaar toe. Die ruimtelijke muziekbeleving was het uitgangspunt van het concert in de Laurenskerk. Deze kerk bezit drie monumentale orgels waaronder het grootste van ons land. Hieraan werden nog twee kleine, mobiele orgels toegevoegd. Ze werden solistisch, vierhandig en in samenspel met elkaar bespeeld door acht organisten uit Rotterdam en omgeving: Geert Bierling, Wouter Blacquière, Hayo Boerema, Eric Koevoets, Aart de Kort, Geerten Liefting, Bas de Vroome en Wouter van der Wilt. Daarnaast waren koper- en houtblazers en sopraan Elisenda Pujals op diverse locaties te beluisteren. Het publiek liep tussen de plekken waar gemusiceerd werd.

De artistiek leider van het festival, de Rotterdamse stadsorganist Geert Bierling, programmeerde naast Venetiaanse muziek uit de Renaissance en vroege Barok van Willaert, Gabrieli, Picchi en Strozzi orgelbewerkingen van Concerten van Antonio Vivaldi, Venetië's beroemdste barokcomponist. Als een rode draad klonk daarnaast de eigentijdse filmmuziek van Nino Rota bij Fellini's in Venetië gesitueerde film 'Il Casanova'. Die filmmuziek, verlevendigd met de projectie van fragmenten uit de film en beelden van Venetië, was door Geert Bierling effectief bewerkt voor vierhandig orgel. Dit alles zorgde voor een fascinerende avond. De toegift waarin het publiek op kazoos het overbekende eerste deel uit Vivaldi's 'Lente' afwisselend met orgel moest zoemen, had beter achterwege gelaten kunnen worden, want zonder dirigent werd het een puinhoop. Alhoewel... Venetië is ook de stad van het carnaval.

Dat de renaissancemuziek op nieuwe orgels en moderne koper- en houtblaasinstrumenten werd gespeeld, deed afbreuk aan de authenticiteit, maar de vakorganisten stonden garant voor geïnspireerde en fijnzinnige vertolkingen. Zo konden de bezoekers zich in de San Marco wanen. Dat zou nog meer het geval zijn geweest als het wezenlijkste element van de Venetiaanse kerkmuziek ook te horen was geweest: de dubbelkorige koorzang. Maar het ging er in dit concert uiteindelijk om het orgel op een toegankelijke manier te presenteren en in dat opzicht was deze avond ten volle geslaagd.

Christo Lelie

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden