Dan wordt het leeg in de moskee

Er werken in ons land zo'n driehonderd imams. Van hen komen er 150 uit Turkije, 100 uit Marokko en 30 uit Suriname en Palestina. De Turken rouleren om de vijf jaar, de Marokkanen en Surinamers blijven hier vaak wonen. Een enkeling uitgezonderd zijn er geen voorgangers die in ons land werden opgeleid. En dat zal voorlopig wel zo blijven. Want al heeft de homo-affaire moslimleiders aan het denken gezet, een Nederlandse imamopleiding zit er nog altijd niet in. ,,Als dat zo doorgaat wordt het leeg in de moskee.''

'Van vitaal belang'' noemt Haci Karacear een Nederlandse imamopleiding. Van belang voor wat? Karacear, directeur van de Turkse Milli Görüs-beweging in Noord-Nederland, aarzelt geen seconde: ,,Voor het voortbestaan van de islam in dit land.'' Want: ,,Als er geen imams komen die letterlijk en figuurlijk de taal van onze jongeren verstaan, hebben we al die moskeeen voor niks gebouwd.''

Karacear blijkt zeker niet de enige moslimvoorman die zo denkt. De recente homo-affaire onderstreept volgens menigeen de noodzaak nog eens extra. Al zijn er ook islamitische bestuurderen die ieder verband afwijzen. Karacear niet: ,,Indien er geen imams komen die in de Nederlandse cultuur zijn geworteld en de noden van onze mensen kennen, wordt het binnenkort behoorlijk leeg in de moskee.''

Maar tussen droom en daad staan ook hier wetten en bezwaren in de weg: machtskwesties, onderlinge meningsverschillen, maar ook andere inschattingen, plus de klacht dat men te weinig geschoold kader en financiële middelen bezit om zo'n Nederlandse imamopleiding van de grond te tillen. En dus lopen de voorspellingen uiteen van ,,ooit'' tot ,,over enkele jaren''. Want één ding is zeker: op afzienbare termijn zal niet in het gemis worden voorzien. Concrete plannen voor zo'n opleiding zijn er nog steeds niet.

Natuurlijk, er bestaan al sinds jaar en dag enkele privé-opleidingen, zoals die in Den Haag (Surinamers) en Utrecht (suleymanlis), maar die lijken nogal naar binnen gekeerd en richten zich alleen op de eigen, beperkte groep. En dan is er de Islamitische universiteit Rotterdam die als ambitie heeft het vaderland van imams te voorzien. Op grond van allerlei motieven wordt deze echter niet door de overheid erkend en binnen de moslimkoepels is men evenmin enthousiast.

Enim Ates, voorzitter van de Turks-islamitische federatie, windt er geen doekjes om. ,,Die zogenaamde universiteit is een solo-actie van een paar mensen die geen enkele binding met moskeeverenigingen in Nederland hebben. Als na enkele jaren de resultaten zouden tegenvallen - en dat is verre van denkbeeldig- heeft dat een negatieve weerslag op de acceptatie van elk toekomstig serieus plan om tot een 'eigen' opleiding te komen.''

Maar, zo kan men vragen, er zijn toch gesprekken gaande tussen de Stichting islamitisch hoger onderwijs en de Rijksuniversiteit van Utrecht en tussen de Milli Görüs-koepel en de Universiteit van Amsterdam? Dat klopt. In het laatste geval ging het om een eenmalige gedachtewisseling (al overweegt men de contacten te verleggen richting VU). En wat Utrecht betreft, daar wordt met de dag duidelijker dat het overleg- het bevindt zich in een serieus stadium- zal resulteren in het opstarten van een islamitische theologische faculteit, onder de paraplu van de universiteit. Daaraan ook een imamopleiding koppelen gaat voor de Turkse en Marokkaanse koepels te ver.

A. Karagül, voorzitter van de Raad van Moskeeën en zelf imam, sluit niet uit dat het op langere termijn in Utrecht tot zoiets komt ,,Het is echter een proces dat enige tijd vergt.'' En over een Nederlandse imamopleiding als zodanig: ,,Ik denk dat de vraag naar autochtone imams zal toenemen naarmate de moslimjongeren het binnen de moskeebesturen van de ouderen gaan overnemen.'' Maar voorlopig, constateert ook Karagül, is dat slechts sporadisch het geval.

Ates, die totaal geen verband ziet tussen de homo-kwestie en de noodzaak voor een Nederlandse imamopleiding, denkt dat de vraag ook in de toekomst beperkt zal blijven. De invloedrijke Turkse voorman heeft daar een opmerkelijke verklaring voor:

,,Zo'n twintig jaar geleden fungeerde de imam in Nederland mede als vraagbaak voor sociale kwesties. Die behoefte is onder de tweede en derde generatie moslims gering tot nihil. Geboren en getogen als ze zijn in dit land weten ze zelf wel de weg op maatschappelijk gebied. Daar hebben ze de imam niet voor nodig. Wat ze van hem vragen is puur religieuze dienstverlening: als voorganger bij het gebed en als predikant tijdens de vrijdagsdienst.''

De afgenomen invloed van de imam heeft volgens Ates ook consequenties voor de opleiding. Die hoeft van hem niet per se universitair te zijn, maar kan ook op imam-hatipscholen (vwo-niveau) worden voltooid. In Turkije welteverstaan, want als de imam alleen maar voorganger hoeft te zijn is de noodzaak om in Nederland geboren en getogen te zijn minder groot. Het lijkt juist goed dat de man van elders komt, dan kan hij, in de optiek van Ates, beter tegenwicht geven tegen de permissive society, waar alles mag, die Nederland volgens hem is geworden.

Bestaat er dan geen behoefte aan opleiding in eigen huis? Jawel, zegt Ates, ,,maar niet zozeer om imams op te kweken, maar om theologisch geschoold kader te krijgen dat de eigen moslimgemeenschap van dienst kan zijn én dat een rol weet te spelen in het maatschappelijk-ethische discours in ons land. Zo kan men de islam hier volwaardig op de kaart zetten.''

Als bepaalde moskeeën dit theologisch geschoolde kader ook als imam willen inzetten heeft Ates daar op zich niets op tegen. Maar hoofddoel van zo'n academisch-theologische opleiding is dat in zijn ogen niet. Ook in dit geval moet zeker het contact met Turkije behouden blijven, in de vorm van stages of een postdoctorale studie aldaar. ,,Zo vormen afgestudeerden een brug tussen beide culturen.''

Hassan Yar, docent islamopleiding van de Hogeschool Holland in Diemen en medewerker aan het Islamitisch instituut voor maatschappelijk activeringswerk, hecht eveneens veel waarde aan een eigen theologische faculteit, geworteld in de Nederlandse cultuur. ,,Het is voor de emancipatie van de islam en zijn aanhangers van eminent belang dat men binnen de context van een postmoderne, door en door geseculariseerde samenleving als de onze theologische antwoorden weet te geven die hout snijden.''

In tegenstelling tot Ates meent Yar -ook betrokken bij het gesprek met Utrecht- dat de 700000 moslims in ons land het als een uitdaging moeten beschouwen om daarnaast één hoogwaardige, dat wil zeggen op universitaire leest geschoeide, imamopleiding op touw te zetten die wordt gedragen door alle grote moslimkoepels. ,,Je moet er toch niet aan denken dat elke islamitische organisatie haar eigen imamopleiding gaat opstarten! Dat zou niet alleen tot versnippering leiden, maar ook tot niveauverlaging.''

Hassan Yar vindt, anders dan Ates, dat niet alleen de moslimtheoloog maar ook de imam een belangrijke rol dient te spelen in het proces dat moslims tot volwaardige burgers van de Nederlandse samenleving moet maken. Vandaar de noodzaak van een hoge opleiding, in ons land gevolgd.

Er is echter het problematische gegeven dat onder moslims in Nederland geen communis opinio heerst over het profiel van de imam. Yar: ,,In Marokko moet je als imam de Koran uit je hoofd kennen. Daarmee dien je al op je twaalfde, dertiende te beginnen, anders lukt het niet meer. Je zou daar de beide islamitische scholen (in Amsterdam en Rotterdam) voor vwo bij kunnen inschakelen. Die moeten in de zeven uur vrije ruimte per week de mogelijkheid tot koranrecitatie aanbieden.''

Ook ziet Yar een mogelijk plaats voor zijn 'eigen' hbo-opleiding islam. ,,We bezitten de expertise, beschikken over een curriculum, hebben al studenten afgeleverd en zijn in gesprek met de UvA en de Vrije Universiteit. Dat alles kan een mogelijk vertrekpunt vormen voor een imamopleiding.''

Hbo en universiteit ziet ook Mohammed Sidi, voorzitter van de stichting Islam & Burgerschap, als wegen naar een imamopleiding van vaderlandse snit. Al zal -en daar heb je het weer- de aanleg ervan nog wel een tijdje op zich laten wachten. Als aanloop daartoe vindt hij dat buitenlandse imams die naar ons land komen om er als voorganger te werken, in de nabije toekomst standaard ingeburgerd dienen te worden. Met een goede oriëntatie op de Nederlandse samenleving. Zo voorkom je het soort rare uitglijders waaraan iemand als el-Moumni zich onlangs heeft bezondigd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden