'Dan schreef ik terug: de naam is Marieke en niet drieling' 'We worden altijd verliefd op dezelfdejongen:lastig'

Marieke, Kitty en Saskia Steggink stonden zelf wel even te kijken, toen ze oog in oog stonden met een andere drieling. En bij het zien van een vier- en vijfling begrepen ze pas waarom mensen altijd zo naar hen staren.

Het overkwam hen op een meerlingendag. “Daar zijn we één keer geweest, maar dat doen we niet meer. Daar komen alleen kleine kinderen en baby's”, vertelt Marieke, een van de 18-jarige drieling, die het minst op de andere twee lijkt.

Morgen komen in het Limburgse Sint Odiliënberg honderden tweelingen en tientallen meerlingen samen. Niet alleen uit Nederland, maar ook uit België, Luxemburg en Duitsland. Het is een dag voor kinderen en ouders.

De laatste jaren is het aantal drie- en vierlingen explosief toegenomen. Dat komt voor een groot deel door veelvuldig gebruik van technieken als kunstmatige inseminatie en hyper-stimulatie, waarbij de eisprong met hormonen wordt gestimuleerd. Vooral dertigers kiezen voor deze vruchtbaarheidstechnieken. Door hun leeftijd hebben ze vaak niet meer de tijd om te wachten op een natuurlijke zwangerschap. De veertig komt eraan, de tijd dringt.

Wetenschappelijke onderzoekers hebben op het internationaal symposium over tweelingen, dat eind april in Amsterdam is gehouden, aangegeven dat veel meerlingen voortkomen uit dergelijke behandelingen. De wetenschappers schatten dat ruim zestig procent van de drielingen en negentig procent van de vierlingen, die de laatste paar jaar zijn geboren, het gevolg zijn van vruchtbaarheidsbehandelingen.

De Vereniging voor ouders van meerlingen, die deelneemt aan de meerlingendag, geeft informatie aan de steeds groter wordende groep meerlingenouders. De laatste tijd heeft de vereniging ook de familie Steggink veelvuldig gevraagd aan andere ouderparen informatie te geven. De ouders doen dit met alle plezier.

De drieling zelf heeft verder niets met de vereniging te maken. Marieke: “Ik heb nooit de behoefte gehad met een andere drieling te praten. Als er wat te praten valt, dan doen we dat met elkaar of met onze ouders. Voor ons is de situatie altijd zo geweest. Zo bijzonder is het nou ook weer niet.”

Geen drie-eenheid

De drie meiden lachen veel en hard en het liefst alle drie tegelijk. Ze praten dwars door elkaar en maken elkaars zinnen af. “Maar we zijn geen drie-eenheid”, zeggen ze. Marieke: “Wij zijn drie verschillende mensen en dat vergeten mensen vaak. Vroeger kregen we verjaardagskaarten met daarop 'aan de drieling Steggink'. Dan stuurde ik een kaart terug waarop ik duidelijk maakte dat ik geen drieling heet, maar Marieke. Dan hield het op.”

De zussen studeren en wonen nog bij hun ouders. Marieke en Kitty volgen beiden de mbo-opleiding agogisch werk. Saskia doet de studie culinair management en loopt nu stage in een bedrijfsrestaurant. De eerste twee zitten iedere dag bij elkaar in de klas. Huiswerk maken doen ze apart, want dat zijn ze al jaren gewend.

Op de lagere school zaten ze alle drie bij elkaar in de klas en dat leverde nogal eens pijnlijke situaties op. Saskia: “Leraren waren altijd aan het vergelijken. Als een van ons een acht had voor een proefwerk en de andere twee een zes, dan vroeg de meester schaamteloos waarom wij het niet zo goed hadden gedaan.”

In de knusse huiskamer hangen niet alleen foto's van de roodharige dochters, maar ook van zoon Sander. Hij is de oudste van het gezin en woont op kamers in Utrecht. Het contact met hem is goed, zeggen ze, alleen anders. “Sander viel er vroeger vaak buiten. Als drieling vertel je veel aan elkaar en je gaat er samen op uit. Daar komt bij dat je aan een broer andere dingen vertelt dan aan een zus”, zegt Kitty.

Marieke trok in haar jeugd vaak met Sander op. Zij is de eenling van de drieling. Kitty en Saskia zijn eeneiïg. “Ik ben altijd het andere eitje genoemd, maar zo voelt dat niet”, grinnikt Marieke.

Kitty en Saskia zijn onafscheidelijk. Toen Kitty twee weken in het ziekenhuis lag, was Saskia duidelijk van slag. “Ik miste gewoon wat.” Marieke denkt nog altijd dat haar twee zussen ooit gaan samenwonen. Kitty: “Ben je gek, dat wil ik niet.” Saskia: “Nou, als we niet gaan samenwonen, dan zullen we wel vaak bellen.” Kitty: “Ja dat is waar. Iedere dag, ben ik bang.”

Hun moeder is gewend aan het voortdurende gebabbel en leest onverstoorbaar de krant aan de eettafel. Als hun geboorte ter sprake komt, mengt ze zich toch even in het gesprek. “Tegenwoordig is het toch wel makkelijker allemaal. Als ik vroeger met ze wilde wandelen, dan moest er minstens één op bed liggen. Ik vond het niet leuk, toen ik hoorde dat ik in verwachting was van een drieling. Ik heb echt gehuild, maar je went langzaam aan het idee en dan is het ook prima.”

Vanaf het moment dat ze ter wereld kwamen, bleken de meiden zich individueel te ontwikkelen. Kitty en Saskia vochten veel samen, Marieke trok zich terug. En nog. “Die twee weten alles van elkaar. Vreselijk. Eigenlijk is het wel lekker om anders te zijn. Ik heb al jaren een eigen kamer, Saskia en Kitty hebben lange tijd op één kamer geslapen.” Toch wordt het verbond tussen de eeneiïgen zwakker naarmate ze ouder worden. Allereerst, omdat Saskia een totaal andere studie volgt. Maar ze keren zich vooral van elkaar af, als er mannen in het spel komen.

Dubbel verliefd

Kitty en Saskia hebben de vervelende gewoonte verliefd te worden op dezelfde jongens. Meerdere keren heeft dat tot grote ruzies geleid. Saskia is erg fel als het over dit onderwerp gaat. “Niet één keer, maar bijna altijd worden we verliefd op dezelfde jongen. Vroeger was dat wel lachen, maar nu wordt het toch minder leuk”, ratelt Saskia.

De laatste tijd is het weer hommeles. Ze willen niets kwijt over hun liefdes, want dan zou het wel eens nog erger kunnen worden. Marieke merkt diplomatiek op dat haar zussen gewoon minder aan elkaar vertellen als een van hen verliefd is.

Saskia is nog niet uitgesproken over de andere sekse: “Het is superirritant. Omdat Kitty en ik zo op elkaar lijken, gaan jongens onze plus- en minpunten op een rijtje zetten. Wanneer Saskia bijvoorbeeld een vriendje heeft, dan blijkt vaak na een paar bezoekjes dat hij ook belangstelling toont voor mij, gruwelijk.”

Marieke duikt terug in hun gezamenlijke liefdesgeschiedenis. “Ik kan me nog herinneren dat een jongen op Saskia verliefd werd, maar toen zij geen belangstelling toonde, rustig aan Kitty zijn liefde verklaarde. En toen ook zij weigerde, kwam hij ten einde raad naar mij.” Marieke vindt het vervelend dat haar twee zussen ruzie hebben om jongens. “Misschien komen zij ooit met een tweeling thuis”, roept ze luidkeels.

Ondanks de liefdesperikelen heeft het trio veel plezier met elkaar. Het leukste vinden ze dat er altijd iemand is om mee te winkelen, uit te gaan of te kletsen. En ze hebben jaren op elkaars busabonnement gereisd. Daarnaast realiseren ze zich dat ze niet weten hoe het is om een eenling te zijn.

Hun ouders hebben alles gedaan om Saskia, Marieke en Kitty individueel te benaderen. Zo hebben ze nooit dezelfde kleren aangehad. “Maar ook al doe je nog zo je best drie verschillende boxpakjes te zoeken, er is altijd een tante die stad en land afstruint om juist identieke kleertjes te krijgen”, vertelt hun moeder.

Om toch eens met andere ouders over meerlingen te kunnen praten, is de familie al een paar jaar lid van de Vereniging voor ouders van meerlingen. Veel heeft het echtpaar er niet aan gehad. “Onze kinderen zijn eigenlijk al te oud, de meeste leden hebben kleine kinderen. Vroeger was het bijzonder een drieling te krijgen, nu niet meer.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden