Essay

Dan maak je maar zin

Duikclub Dintefisch Beeld Ursula Sprecher en Andi Cortellini

We zijn doorgeschoten individualisten, vindt Denker des Vaderlands René Gude. Hij wil eerherstel voor het collectief - en dan samen aan zingeving doen.

Nederland heeft stemmingswisselingen. Soms stemmen we collectief in met ons land. De inhuldiging van Willem-Alexander bracht zelfs republikeinen in een goede bui (onze ceremonie was toch mooier dan die van de Belgen) en het heeft velen niet onberoerd gelaten dat Nederland het goed heeft gedaan bij de Winterspelen. Onze goede stemming is ook te vinden in het Continu Onderzoek Burgerperspectieven van het SCP, dat altijd óók blootlegt hoe paradoxaal Nederlanders zijn: we zijn individueel tevreden, maar collectief ontevreden.

Want ontstemming is er evenzeer. Goed opgeleide mensen zijn beducht voor verlies van welvaart die in generaties is opgebouwd - die kan zomaar verdampen. Ook de globalisering, die zich blind aan ons voltrekt met niet te voorspellen uitkomsten, maakt onrustig. Onze reële economie ondervindt sterke concurrentie vanuit de opkomende economieën; de niet aan nationale grenzen gebonden financiële wereld speelt roulette met onze spaartegoeden. Oorlog op Europees grondgebied leek lang onmogelijk, tot plots de Krimcrisis uitbrak. De nationale overheid loopt achter de feiten aan en levert ons volgens sommigen uit aan multinationals en vage Europese idealen.

Gezamenlijke bestemming
Google 'de wereld wordt steeds complexer' en je hebt in 0,12 seconden 160.000 hits. En omdat de wereld als onoverzichtelijk wordt ervaren, worden we het maar moeilijk eens over een gezamenlijke bestemming. Voilà, Nederland heeft stemmingswisselingen.

We moeten dus tot een gezamenlijke bestemming komen. Maar hoe? Het is niet ongebruikelijk om te denken aan 'leiderschap'. Een leider neemt iedereen op sleeptouw als niemand weet waar het heen moet. Maar zelfs met de adjectieven 'creatief' en 'dienend' hou ik niet van de term; ik heb nog Duits gehad op school.

Beter is het om het begrip 'zingeving' een nieuw te leven bezorgen. Maar onze invulling ervan is ontaard. We gaan 'op zoek naar zin', alsof de zin ergens in het verborgene klaarligt om door ons ontdekt te worden. Maar wie dat zo wil zien, moet van 'zinvinding' of 'zinverkrijging' spreken. De term 'zingeving' betekent dat je zelf aan de bak moet. Zin aanbrengen waar die tevoren niet was, een zin bepalen in het onbepaalde, betekenis geven aan het onbegrijpelijke, doelen stellen in een doelloze wereld, zin krijgen in wat je doet. Hoe complexer de wereld wordt, hoe meer zin je eraan kunt geven. Als een samenleving, zelfs van mensen die het goed met elkaar voorhebben, niet als vanzelf een bestemming vindt, dan dienen zin, betekenis en doel ambachtelijk ter hand genomen te worden. Zingeving is voortdurend klussen aan samenwerkingsvormen in veranderlijke samenlevingen.

Al minstens 2500 jaar denkt iedere generatie dat nú het moment is aangebroken waarop de veranderingen niet meer te overzien zijn. Heraclitus' 'Alles stroomt, niets blijft' is daar een voorbeeld van en alle generaties daarna hebben dat gevoel behouden. Maar al die tijd zijn er ook pogingen ondernomen om samen te navigeren in die onoverzichtelijke wereld.

 
Google 'de wereld wordt steeds complexer' en je hebt in 0,12 seconden 160.000 hits
De caravanclub. Beeld Ursula Sprecher en Andi Cortellini

Alle grote 'collectiefvormingstechnieken' hebben 2500 jaar geleden hun vorm aangenomen, tijdens de grote verstedelijkingsgolf tussen 800-400 voor Christus.

De filosofie van Thales en Socrates, de grote wereldgodsdiensten (confucianisme, taoïsme, hindoeïsme, boeddhisme en het joodse monotheïsme), de literatuur van Homerus en Sophocles en de sport natuurlijk: de Olympische Spelen zijn in 776 voor het eerst gehouden. De vaste onderdelen van zingeving aan het zinloze zijn filosofie, religie, kunst en sport. Ieder stadje heeft, ook nu nog, een school, een tempel of kerk, een theatertje en een voetbalveld. Het belang dat we aan deze vormen van zingeving hechten is af te meten aan de enorme kapitalen die we nog steeds besteden aan academies, tempels, stadions en theaters.

Prudentia
Filosofie, religie, sport en kunst trainen basisvaardigheden in het sociale verkeer. Burgers moeten elkaar verstaan, zich in anderen kunnen inleven, de moed hebben zich in een collectief te laten gelden, maar daarin ook weer maat weten te houden. In aanleg heeft iedereen verstand, empathie, doorzettingsvermogen en een zekere terughoudendheid. Maar in grote bevolkingsconcentraties kun je niet wachten tot deze natuurlijke aanleg zich actualiseert. Cultuur is geboden als het natuurlijke repertoire tekortschiet. Daarom wordt er, zolang er steden zijn, in speciaal daartoe ingerichte werkplaatsen ambachtelijk zingeving beoefend.

Aan de academie staat de vaardigheid prudentia (verstand, inzicht) centraal. Filosofie is de moeder van de overlegcultuur. We overleggen de hele dag met onze kinderen, collega's, medeburgers en politieke tegenstanders. Het is voor de kleinste onderneming al gewenst dat de betrokkenen weten hoe de wereld in elkaar zit, dat ze zich verstaanbaar kunnen maken en dat ze een gezamenlijk handelingsperspectief ontwikkelen. Dat is de rede, een spier die je kunt oefenen: vergissing loert, misverstand doemt op en misleiding dreigt

In de tempel gaat het om iustitia (rechtvaardigheid). Religies regelen de omgangsvormen, ze sacraliseren alledaagse activiteiten als de voedseltoebereiding, reinigingswerkzaamheden en sleurgevoelige seksuele handelingen. Rituelen zorgen ervoor dat je gepast de persoonlijkste mijlpalen - geboorte, huwelijk, dood - kunt markeren, vierend en rouwend. Dat missen we in seculiere tijden: een gedeelde taal voor de intiemste handelingen.

Het stadion traint fortitudo (moed). Sport oefent doorzetting en samenwerking op een vast speelveld, met welomschreven regels en doelen. Er is moed voor nodig om je in een competitie met een ander te storten en om je waardigheid te bewaren, zowel bij verlies als bij een overwinning. Het sportveld is een veilige oefenplaats.

Theater, concertzaal en museum bevorderen temperantia (maathouden en -geven). Kunst is een oefenprogramma voor afwijkende zienswijzen. Ervaringen van mooi en lelijk, sympathie en antipathie kun je in museum en het theater over je heen laten rollen, zonder dat er direct gehandeld hoeft te worden.

 
Ieder stadje heeft, ook nu nog, een school, een tempel of kerk, een theatertje en een voetbalveld

Individueel fitnessprogramma
Het hele pakket voor ambachtelijk zingeven hebben we dus al eeuwen ter beschikking. Waarom lijden we dan toch aan collectieve stemmingswisselingen? Omdat we, geheel in lijn met wat het SCP al jaren zegt, dat pakket van civilisatietechnieken zijn gaan gebruiken als individueel fitnessprogramma: wij gaan naar de donder, maar ik word steeds beter.

We zetten het niet in voor de vormgeving van onze gezinnen, bedrijven, verenigingen en politieke instituties. Collectief zingeven is uit. Daarmee hebben we halverwege de vorige eeuw radicaal gebroken, als reactie op de ontsporing van rechtse en linkse totalitaire collectieven. We werden van solidair solitair: een goede samenleving is het resultaat van competitie tussen individuen die excelleren op zoveel mogelijk gebieden. Maatschappelijke problemen worden gedefinieerd als particuliere doelen, belangen en verantwoordelijkheden en de vraag naar de oplossing is bij het individu gelegd. Wie geen werk heeft, moet aan zichzelf werken. Zelfs ziek zijn is een keuze.

De taal voor het formuleren van gemeenschappelijke doelen, belangen en verantwoordelijkheden spreken we opzettelijk niet: geen ideologische veren opschudden, geen visie alstublieft. In plaats daarvan empoweren we individuen in het onderwijs, stimuleren competities op alle gebied en bevorderen de prestatiedrang met financiële incentives. Geld - een kwantitatief en abstract doel - is de taal die we allemaal verstaan.

Bij alle economisering en individualisering is bovendien de sportificering van de samenleving opvallend. Van alle zingevingsprogramma's heeft sport zonder enige twijfel de grootste maatschappelijke impact. Sportevenementen trekken honderdduizenden bezoekers, nieuwsjournaals worden voor een flink deel gevuld met sportuitslagen. Commentaren en nabeschouwingen zijn zelf een sport geworden in het dagelijkse gesprek. Dat drukt een stempel op de sfeer. Sporttermen doordringen het hele leven, in alle hoeken van de samenleving staan scoreborden te knipperen. Peilingen en rankings tuimelen over elkaar heen. De kwaliteit van ondernemingen, maatschappelijke initiatieven en politieke instituties toont zich achteraf in statistieken. Kwantificering van levensdoelen en status maakt vergelijking en competitie mogelijk. De waarde van een baan is af te meten aan het salaris dat ermee verdiend wordt. De Citoscores bepalen de toekomst van de leerling. Ranking in de citatielijsten bepaalt het lot van de wetenschapper en de peiling beslist over het wel en wee van de politicus. Wat er bereikt wordt in het werk, werkelijk geleerd is op school, onderzocht is in de wetenschap of politiek tot stand gebracht, is in dit taalspel niet bespreekbaar.

Hier hebben we de Tijdgeest bij de lurven: De 21ste-eeuwse leefwereld is, in de woorden van Erasmusprijswinnaar Jürgen Habermas, gekoloniseerd door liberaal individualisme, marktwerking en het bijpassende beschavingsoffensief sport. Onze levensstijl is er diepgaand door beïnvloed, zo sterk zelfs dat we het nauwelijks meer merken. "Een beeld houdt ons gevangen, we zien het niet, want het ligt in onze taal", om met Wittgenstein te spreken. Competitie is inmiddels onze eerste natuur, coöperatie is naar de tweede plaats teruggezakt. De individuele winnaar neemt alles en is gelukkig, maar de verliezer - vaak dezelfde persoon, maar iets later - heeft niets en wordt treurig. En de aantallen verliezers lopen op. Een kleine miljoen Nederlanders wordt langzaamaan wel heel erg onzeker over de eigen excellence en heeft farmaceutische stemmingmakers nodig bij alle zelfverwerkelijking, een niet gering deel daarvan bestaat uit schoolkinderen. En is sprake van een trend: depressie is in 2020 volksziekte nummer één.

 
De taal voor het formuleren van gemeenschappelijke doelen, belangen en verantwoordelijkheden spreken we opzettelijk niet: geen ideologische veren opschudden, geen visie alstublieft
De vrijwillige brandweer. Beeld Ursula Sprecher en Andi Cortellini

En bozen zijn er ook. Een miljoen mensen is zelfs zo boos van de voortdurende oproep zichzelf te verbeteren, dat ze zich aansluiten bij een politieke stroming die belooft Nederland te verbeteren door 'verkeerde' individuen eruit te gooien. 'Marokkanen?' 'Minder, minder!'

Zo dreigen we uit vrees voor 20ste-eeuws collectivisme vast te lopen in 21ste-eeuws individualisme.

Kleingeestigheid
Intussen - en dat is tijdloos - hebben mensen twee diepe verlangens: eros, de sterke neiging je aan anderen te binden, en thymos, de behoefte om individueel eer in te leggen. Deze basisbehoeften staan op gespannen voet. Om erbij te horen moet je je individualiteit temperen, om eer in te leggen moet je haar juist oppeppen. Doordat we de wil om ergens bij te horen wantrouwen, hebben we de behoefte om zelf eer in te leggen tot grote hoogte opgestuwd. Onze generatie heeft op de complexiteit van de buitenwereld met simplificatie van de binnenwereld gereageerd. Thomas van Aquino noemt dat 'kleingeestigheid' en ziet het als de oorzaak van alle Treurnis & Woede. Depressie en boosheid zijn de prijs van eenzijdigheid. Het is evident dat je ergens bij moet horen om erkend te worden voor je eervolle daden.

De analyse van Thomas wijst de weg. We kúnnen niet nog verder versimpelen, maar moeten de weg op naar ruimdenkendheid en grootmoedigheid.

Wat u gaat doen weet ik niet, maar ik ga het liberaal-kapitalistisch-sportieve individualisme koesteren. Pardon? Jazeker, ik ga niet weer iets uitsluiten. Als ik de balans opmaak, blijkt dat wij als generatie ons met goede redenen door de onzichtbare hand hebben laten leiden. Als tradities het laten afweten en bevlogen idealen niet van de grond komen, is het verstandig om een tijdlang ruim baan te geven aan individuen en hun competenties. Domweg even afzien van overleg over doelen, maar de middelen fourneren en ondernemende individuen hun gang laten gaan. Ik vond de jaren negentig weldadig, een verademing na de jaren zeventig en tachtig.

Het antwoord op 'doorgeschoten individualisme' kan nooit terugkeer naar 'doorgeschoten collectivisme' zijn. Ongenaakbaar solitair-zijn is uiteindelijk guur, zwaar en eenzaam, maar zonder remmingen solidair-zijn is afgrijselijk. Dan heb ik, met Ian Buruma, nog liever de liberaal-commerciële onverschilligheid. Geld is een schitterende taal voor wie de grammatica kent, tolerantie is onmisbaar en desportificatie volstrekt ongewenst. Het is alleen allemaal niet genoeg. Er moet van alles bij. Om onszelf, als potentiële slachtoffers op het veld van eer, tegemoet te komen dienen we - in weerwil van de tijdgeest - het gesprek over gezamenlijke bestemmingen te revitaliseren en zelfs de truttige term 'zingeving' niet te schuwen.

 
We kúnnen niet nog verder versimpelen, maar moeten de weg op naar ruimdenkendheid en grootmoedigheid
De poedelclub Beeld Ursula Sprecher en Andi Cortellini

Het huidige wereldbeeld wordt niet bestreden, maar verrijkt door enerzijds filosofie, religie, sport en kunst uit de individuele fitness-sfeer te halen en anderzijds de disbalans tussen sport en de andere zingevingsprogramma's terug te brengen.

Het onderwijs krijgt daarbij weer eens een sleutelrol. Dat heeft namelijk allang de vintage-oplossingen voor eeuwige clubvormingsproblemen in huis. Leraren en schoolbestuurders hebben zich te bezinnen op de eisen die de arbeidswereld aan leerlingen stelt.

Broodfonds
En dat in een competitieve sfeer waarin veel scholieren alleen met Ritalin kunnen functioneren. Het onderwijs stimuleert Bildung door goed gebruik te maken van bestaande vakken; naast gym, ook godsdienstles, CKV en filosofie. Niets aan veranderen, hooguit intensiveren. Tien jaar lang geen onderwijsvernieuwing. Iedere leerling heeft recht op uitvoerige kennismaking met collectiefvormingstechnieken filosofie, religie, sport en kunst. Grootmoedigheid komt een mens niet aangewaaid.

Na deze oproep aan het onderwijs om niet te veranderen, kijken we buiten het onderwijs naar wat we wél kunnen veranderen aan onze eenzijdigheid. De samenleving is al lekker aan het experimenteren met ruimhartiger omgangsvormen. Zzp'ers richtten de onderlinge verzekering 'Broodfonds' op. Tijdelijk onbebouwde lapjes grond zetten buurtbewoners aan tot guerrilla gardening. Herwaardering van het fenomeen 'meent', gemeenschappelijke grond met gezamenlijk vruchtgebruik, is een van de centrale ideeën in 'Rotterdam Vakmanstad' van filosoof Henk Oosterling. Deze initiatieven zijn de genereuze kant van de veel bekritiseerde participatiemaatschappij.

Hoe versterken we dit vanuit de klassieke beschavingsoffensieven? Sport is geen zorgenkind, daar blijven we af. De kunst heeft haar bijdrage aan de ambachtelijke zingeving alweer ter hand genomen. Nadat de overheid zich terugtrok wordt de Gijsbrecht, Vondels staatsvormingstheater, weer opgevoerd. Ik ben een fan van Marijke Schermers 'non-fictie theater' en van Laura van Dolrons Stand-Up Filosofie, die dames zijn jong, maar genereus. Kom daar eens om bij de partij 50Plus.

Met de kunst gaat het dus goed, daar hoeft de Denker des Vaderlands zich niet mee te bemoeien. Maar als Denker heb ik de religie verwaarloosd. Ik ga dus kijken wat een samenleving mist die godsdienstige vormen van religare helemaal overboord zet. Ik zie kansen in de sacralisering van profane zaken als voedselbereiding, de schoonmaak en seksuele intimiteit. De bijbelse spijswetten zijn uit de tijd, maar is Sonja Bakker nou zoveel minder dogmatisch? Voor erediensten, vieringen en jubel zou de religie zeitgemässe Betrachtungen kunnen opstellen. Daarvoor moet je niet bij de filosofie zijn, de hedendaagse al helemaal niet.

 
Als Denker heb ik de religie verwaarloosd. Ik ga dus kijken wat een samenleving mist die godsdienstige vormen van religare helemaal overboord zet

En wat heeft de filosofie te bieden? Ruimdenkendheid betekent dat we niet met het individualisme hoeven te breken. Je moet je repertoire verrijken. Wie het gemoed wil wapenen tegen de slagen uit een onoverzichtelijke buitenwereld, leze Seneca. Die hield zich staande in het onafzienbaar grote Romeinse keizerrijk door zich op zijn eigen emotiehuishouding te storten. Een toefje stoïcisme is voor iedereen goed, maar je hoeft het er niet bij te laten.

Ook Epicurus' tijden waren onoverzichtelijk, maar hij verkoos eros boven thymos. Hij vond de gated community uit, hij raadde vrienden en familie aan, zich terug te trekken in een ommuurde tuin, waar werelds noch bovenwerelds gezag geldt, waar bijgeloof niet gekoesterd wordt en de dood niet gevreesd: als iemand van de club sterft, gaat de rest door met leven na de dood. Gemoedsrust als hoogste doel, net als bij de stoïcijnen, maar communitaristisch en niet individualistisch. Ik neem alles over van de epicuristen, maar omdat ik in het veilige Nederland woon, hoeft bij mij de gate vrijwel nooit afgesloten te worden.

Blauwe bolletje
Seneca en Epicurus bleven zichzelf richten op zorg voor de binnenwereld, omdat zij de buitenwereld als niet beïnvloedbaar beschouwden. Dat wil zeggen dat zij zich meer op de persoonlijke ethiek dan op een gezamenlijke politiek stortten. Maar is in onze tijd de wereld nou werkelijk zo onbegrijpelijk? Sinds we ruimtefoto's hebben van de aarde, een knikker in een onafzienbare ruimte, kennen we de schaal van de wereld toch wel zo'n beetje?

Peter Sloterdijk zei, met een foto van dat blauwe bolletje in de hand: "Daar komt niemand levend van af." Afzonderlijk niet nee, maar dat is een reden temeer om je op de relatieve onsterfelijkheid van de collectieven te richten. Omdat dat zin zou hebben? Nee, omdat dat de zin is die wij er zelf aan kunnen geven. Zingeving, gewoon voor de aardigheid, omdat we er zin in hebben, omdat we nou eenmaal zintuigen hebben en omdat het de diepe wens bevredigt om in volzinnen over zinvolle projecten te praten. Je bent in het ondermaanse een heel eind met ambachtelijke zingeving aan families, firma's, verenigingen en politieke instituties. Daaraan onvermoeibaar zin en bestemming geven, ook als je niet in de stemming bent.

Lifelonglearning betekent trainen voor een samenleving die er nog niet is. Het is zeer constructief om je - in gesprek met ruimdenkers als Plato & Aristoteles, Hume & Kant, Arendt & Sloterdijk - te wapenen tegen versimpeling, als de buitenwereld complexer lijkt te worden. De wereld is niet complex, onze bestemming wordt ons niet kant en klaar in de schoot geworpen. Gewoon doorzetten. Het kan, want het moet. En we zitten hier nou toch.

René Gude (1957) is filosoof en Denker des Vaderlands. Hij publiceert regelmatig in Trouw. Gude was verbonden aan Filosofie Magazine en de Internationale School voor Wijsbegeerte.
Dit is een bewerking van de Comeniuslezing over zingeving als ambacht, die Gude op 22 maart in Naarden heeft gehouden.

We zijn individualisten, vinden we, maar doordeweeks passen we werkend, etend en slapend keurig in het keurslijf van de doorsneeburger. De Zwitserse fotografen Ursula Sprecher en Andi Cortellini zoeken hun medeburgers liever op vóór negenen en na vijven, in het weekend en tijdens de vakantie. Daar ontmoeten ze mensen in een zelfgekozen biotoop, samen met hun 'vrijetijdsmaatjes', zoals hun fotoboek vol groepsportretten heet. De een voelt zich thuis onder sm-liefhebbers mét zweepjes, de ander zoekt de gezamenlijkheid bij de vrijwillige brandweer, in een meditatiegroep die het psicentrum collectief ontwikkelt, of in de liefde voor poedels, koksmutsen, modelspoortreinen of caravans.

Ursula Sprecher, Andi Cortellini: HobbyBuddies Freizeitfreunde, Kehrer, Berlin, 131 blz. € 30

 
Seneca en Epicurus bleven zichzelf richten op zorg voor de binnenwereld omdat zij de buitenwereld als niet beïnvloedbaar beschouwden.
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden