Damtalent wordt gekoesterd

Roel Boomstra (16) wordt bijgestaan door onder anderen oud-topdammer Clerc en oud-wereldkampioen Schwarzman. (FOTO MARCEL ANTONISSE, ANP) Beeld
Roel Boomstra (16) wordt bijgestaan door onder anderen oud-topdammer Clerc en oud-wereldkampioen Schwarzman. (FOTO MARCEL ANTONISSE, ANP)

Nu de maatschappelijke positie van coaches is verbeterd, profiteert de dambond daar ten volle van. Eindelijk worden talenten echt opgeleid.

In achterliggende decennia had de Nederlandse topdammer het imago van alternatief, in sommige gevallen zelfs wereldvreemd. Kwam daar mentale begeleiding bij, dan moest er wel een steekje los zijn. Dat taboe is weggenomen. Mentale begeleiding is een vanzelfsprekend onderdeel geworden van de opleiding van jonge talenten. Al was het maar omdat de dambond zich verantwoordelijk voelt voor het sociale wel en wee van toekomstige beroepsdammers. Op dat gebied liep het in het verleden wel eens mis, met Jannes van der Wal als uitgesproken voorbeeld.

Meer dan ooit wordt jong talent gekoesterd. Tijdens het NK in Huissen is de aandacht gericht op de jongelingen Pim Meurs (21) en vooral Roel Boomstra (16). In tegenstelling tot de grote kampioenen uit het verleden, worden zij nauwgezet begeleid.

Wat heeft Johan Kraajenbrink aanvankelijk niet gefoeterd op sportkoepel NOC-NSF. De technisch directeur van de dambond wilde in aanmerking komen voor aanlokkelijke subsidieregelingen voor fulltime coaches, maar gruwde van de papierwinkel. Nu de organisatie op de rails staat, heeft hij niets dan lof.

„Het was een heel gedoe, maar het heeft veel opgeleverd. Eindelijk kunnen we trainers normaal betalen. En door dat duwen, trekken en sturen van NOC-NSF zijn we veel serieuzer en professioneler geworden.”

Sinds een jaar of negen is de KNDB bezig met het opzetten van een talentontwikkelingsbeleid. De afgelopen jaren is dat in een stroomversnelling gekomen, nadat voormalig technisch directeur Charles van Commenée bij NOC-NSF de positie van coaches heeft verbeterd.

De dambond kon met topsportsubsidies het budget met 80.000 euro verhogen. Kraajenbrink trad voor twintig uur in de week in dienst als technisch directeur en sinds augustus is oud-topdammer Rob Clerc fulltime bondscoach. Bovenop die subsidiepot kon Rik Keurentjes per 1 januari fulltime in dienst worden genomen als talentcoach.

’Ongewoon’, noemt Kraajenbrink de situatie dat jonge damtalenten worden omringd door veel trainers. Hij komt met een opsomming van mensen die het grootste talent Boomstra bijstaan: hijzelf, Clerc, Keurentjes, Alexander Baljakin, Nina Hoekman, mentaal begeleider Hardy Menkehorst en incidenteel oud-wereldkampioen Alexander Schwarzman. „Bij ieder van hen is wel iets op te steken.”

Kraajenbrink is van de generatie die het allemaal zelf mocht uitzoeken. „Als ik vijf trainingen in het jaar kreeg, was het veel. Boomstra heeft twee tot drie trainingen in de week. Op zijn leeftijd was ik misschien één keer in Antwerpen geweest, we kwamen de grens nauwelijks over. Roel is al overal geweest, van China tot alle Oostbloklanden. Er is gigantisch veel veranderd. Neem alleen al de serieusheid waarmee hij wordt getraind, en waarmee hij zware analyses maakt.”

„Als vroeger mentale begeleiding ter sprake kwam, moest je wel een beetje gek zijn. Nu is het normaal, ook trainers worden daarin begeleid. Het is goed dat je weet om te gaan met winnen of verliezen. Als ik zelf zien hoe ik op mijn 43ste nog altijd om ga met een nederlaag... Dat is nog altijd datzelfde zielige kinderachtige gedrag, van zelfbeklag tot het opeten van notatiebriefjes.”

„Natuurlijk, er is ook iets voor te zeggen om het zelf uit te zoeken. In het slechtste geval worden topsporters tegenwoordig te veel gepamperd. Maar dammers zijn bijzondere mensen, en soms sociaal wat kwetsbaar gebleken. Het is goed dat ze worden opgeleid tot volwassen sportmensen die ook in het dagelijkse leven zelf hun dingen kunnen regelen.”

Achterover leunen kan Kraajenbrink niet, er blijven wensen. Het aantal centrale trainingen is geïntensiveerd, maar reistijden blijven het probleem. Als Boomstra vanuit Emmen met de trein naar Nijmegen komt voor een training bij Kraajenbrink, dan zit hij langer in de trein dan de vier uur die wordt onderwezen. Het damtalent zit er niet mee: „In de trein kan ik prima werken”.

Een centraal opleidingscentrum zou prachtig zijn. Kraajenbrink is precies op de hoogte van alle ontwikkelingen op dat gebied, de denksport wil zich daarin niet afzonderen.

„Ik schrok toen ik zag hoeveel kilometers Keurentjes in zijn eerste maanden had gemaakt om talenten te bezoeken. We moeten af van de situatie dat meer wordt gereisd dan getraind, maar aan een eigen trainingscentrum zijn we nog niet toe.”

„Het is nog geen prioriteit, al had ik er op gehoopt dat een van de nieuwe CTO’s (Centrum voor Topsport en Onderwijs, red.) ons had gevraagd. In vergelijking met andere sporten hebben wij weinig nodig. Naast woonaccommodatie is een vrij kleine ruimte met wat damborden en computers al voldoende”, aldus de technisch directeur van de bond.

(Trouw) Beeld
(Trouw)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden