Dammen in delta Bangladesh

Stijging van de zeespiegel, belangrijk thema op de klimaatconferentie op Bali, kan grote gevolgen hebben voor landen als Bangladesh. Nederlandse ingenieurs proberen de rivierdelta veiliger te maken.

Gert Jan Rohmensen

Voor de bewoners van de Bengalese delta moet het een angstaanjagende belevenis zijn geweest, het overtrekken van de tropische cycloon Sidr, nu zo’n drie weken geleden. Alles wat niet muurvast zat, werd weggeblazen en de windsnelheden tot 250 kilometer per uur zorgden voor vloedgolven van vijf tot zeven meter hoog. Eilandjes inclusief alles wat er op stond, spoelden weg. Zeker 3300 mensen kwamen om.

Van de Sundarbans – het grootste mangrovemoeras op aarde dat ook op de werelderfgoedlijst staat – werd zeker zestig procent vernietigd. „Maar die mangrove heeft er wel voor gezorgd dat er veel energie uit de cycloon is weggevreten”, zegt Bram van der Boon, waterbouwkundige van DHV. Het Nederlandse ingenieursbureau zoekt in Bangladesh naar oplossingen om de gevolgen van cyclonen en waterpeilstijgingen te minimaliseren.

Het laaggelegen Bangladesh is buitengewoon gevoelig voor zeespiegelstijging als gevolg van klimaatveranderingen, belangrijk onderwerp van de deze week begonnen klimaatconferentie op het Indonesische eiland Bali. „Wat wij nu meemaken in Bangladesh komt precies overeen met de voorspelling van experts over klimaatveranderingen”, constateerde de Bengalese klimaatdeskundige Mozaharul Alam in Bali.

DHV leidt een consortium dat in maart dit jaar opdracht kreeg plannen te maken voor de kustontwikkeling in het Meghna-Estuarium, een brak getijdengebied in de monding van de megarivier de Meghna.

„In het estuarium ontstaan spontaan zandplaten door afzetting, een beetje vergelijkbaar met de Waddenzee”, legt Van der Boon, die projectleider is, uit. „De bedoeling is dat wij na allerlei berekeningen dammen gaan plaatsen in de geulen tussen die platen. Die slibben dan versneld dicht waardoor de zandplaten met elkaar verbonden worden, zodat grotere eilanden ontstaan. Daar kunnen zich dan grotere gemeenschappen veiliger vestigen en het economisch beter redden.”

Bangladesh is drieënhalf keer zo groot als Nederland, maar er wonen bijna tien keer zoveel mensen. „Er is een ontzettende druk op land”, zegt Van der Boon. „Die eilandjes steken natuurlijk nauwelijks boven water uit, maar er is zo weinig land beschikbaar dat mensen er direct bovenop gaan zitten, in de hoop een stukje grond te kunnen claimen.”

Die praktijk is tegen het officiële overheidsbeleid in Bangladesh. Dat stelt dat op nieuw land eerst mangrove of ander bos geplant moet worden, en soms worden ook dijkjes aangelegd. „Pas na een paar jaar mag het land dan worden uitgegeven. Maar op plaatsen waar geen bos is geplant, wonen dan vaak al mensen. Daar is in de praktijk weinig tegen te doen”, zegt Van der Boon.

Die ontwikkeling maakt het gebied erg kwetsbaar voor de cyclonen die elk jaar opnieuw overtrekken. Maar elke ramp vraagt weer om noodhulp. Het geld daarvoor moet meestal uit het buitenland komen want Bangladesh is arm. De vraag is of er geen structurelere oplossingen denkbaar zijn, zoals het verplaatsen van de bevolking uit de kwetsbare delta naar het veiliger noorden.

Dat is in de praktijk vrijwel onhaalbaar, denkt Van der Boon. „Het zou misschien het beste zijn, maar het is moeilijk uit te voeren door een overheid. De mensen daar zullen ook geen geld hebben om te verhuizen. In die delta gaat weinig contant geld om, de mensen leven van eenvoudige landbouw en visserij.”

Fysieke barrières zoals dijken kunnen natuurlijk altijd worden gebouwd, maar dat is erg kostbaar omdat deze cyclonen meters waterstandverhoging geven, zegt Van der Boon. „De economische schade die daar tegenover staat, rechtvaardigt een dergelijke investering niet, hoe jammer ook. Voor de menselijke kant zijn wel cycloonshelters gebouwd waar mensen kunnen schuilen. Die hebben veel mensenlevens gespaard. Dan is wel je akkertje kapot en je hebben en houden, maar dan leef je in elk geval nog wel.”

Aan het consortium doen behalve ingenieursbureau Royal Haskoning ook vier lokale bedrijven mee, met als doel de lokale expertise te vergroten. „Die is voor dit soort projecten beperkt”, zegt Van der Boon. „Maar de Bengalese ingenieurs zijn goed, en met deze projecten kan ervaring worden opgebouwd om dit werk in de toekomst voort te zetten.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden