Opinie

Dagelijkse kost†

Ik hoorde het van mijn dochter, via de chat: Martin Bril is dood hè? Kennelijk deelden we hem. Ik schrok. Ik wist natuurlijk dat hij ziek was en bezig dood te gaan.

De avond tevoren had ik het er nog met wederzijdse vrienden (van hem en van mij) over gehad: een kwestie van dagen. Maar het was een kwestie van uren geworden. Hij schreef soms over zijn ziekte in zijn krant, de Volkskrant. Soms ook niet, leek het of er niks aan de hand was. Zo maakte zijn dodelijke ziekte deel uit van het dagelijks leven, zijn kernactiviteit.

Chroniqueurs noemen we zulke schrijvers: Henri Knap, Simon Carmiggelt, Martin Bril. Ik las zijn stukken niet altijd en als ik ze las vond ik ze soms geweldig en soms vond ik er niks aan. Dat heb je nu eenmaal met dagelijkse kost. Ik herinnerde me een stuk waarin hij beschreef dat zijn dochters zich schaamden omdat hij naakt door huis liep. Die dochters herkende ik precies. Het waren de mijne.

Of wat hij over stationspleinen schreef: ’Op een stationsplein moet het waaien. Ik weet niet beter. Het hoort zo. Een stad mag zich niet van zijn beste kant presenteren. Vandaar dat God helpt, met wind, zelfs op dagen dat het nergens waait. Zwolle, met verderop hotel Wientjes: altijd wind. Groningen, voordat het museum er stond: altijd wind.’ Van onze wederzijdse vrienden hoorde ik dat hij kwaad en opstandig was dat hij doodging. Er beslist geen vrede mee had.

Soms merkte ik dat wel in zijn columns (of las ik het erin) maar in het algemeen niet. Hoe intiem zo’n column ook kan zijn, het allerachterste van je tong laat je vaak niet zien. Ik moest denken aan een uitzending over zelfdoding, iets eerder deze week op tv. Nabestaanden van kinderen en broers en zusters die zelfmoord hadden gepleegd, omdat ze niet verder wilden leven. Hoe je daar mee om moest gaan. Of je ze daarbij moest helpen. De een wil dood en het lukt niet. De ander wil leven en het lukt niet. De oneerlijkheid van het bestaan.

Op internet zocht ik op wanneer hij vijftig zou zijn geworden want ik begreep dat-ie dat graag wilde. Geen schijn van kans: 29 oktober. Daarnaast stond nog ongepast: ’Ook een column op maat door Martin Bril bij uw bijeenkomst?’ Even later was die mededeling weggehaald. In het Wikipedia-artikeltje was hij al overleden ’op 49 jarige leeftijd aan de gevolgen van slokdarmkanker.’ Het woord slokdarmkanker was gelinkt aan een volgend artikeltje dat eindigde met de woorden: ’de prognose is vrij slecht: na vijf jaar is 10-15% van de patiënten in leven.’ Er stond een naargeestig plaatje bij van het adenocarcinoom.

Ter nagedachtenis bladerde ik in het eerste boek van Martin Bril, dat hij nog samen met zijn maatje Dirk van Weelden had geschreven. Ook een soort encyclopedie, Arbeidsvitaminen geheten: Het ABC van Bril & Van Weelden. Leuk boek, een beetje de introductie van het postmodernisme in Nederland. Van alles en nog wat: dialogen, biografietjes, essays, kletsverhalen. Dat ABC van Bril & Van Weelden eindigt met de C van Cynisme. Vlak voor Darmkanker en Dood dus.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden