Dag metroseksueel, hier is Mr Macho

De samenleving feminiseert. Een jongen kan zich amper nog ontwikkelen tot een echte man. Een brulaap worden hoeft niet, maar soms is het goed met de vuist op tafel te slaan.

Het is tragisch dat avonturier Steve Fossett met zijn vliegtuig in de Nevada-woestijn neerstortte en daar waarschijnlijk het leven liet. Maar ondanks zijn veronderstelde einde – Fossett is nooit gevonden – is hij de persoon die veel mannen in hun hart willen zijn: iemand met een onverzadigbare lust naar avontuur, die ongegeneerd stelt de beste te willen zijn, risico’s neemt en niet bang is voor gevaar.

Maar geen moderne vrouw zit op zo’n attitude te wachten. Wat heb je aan een waaghals die de wereld rondvliegt en de held uithangt, maar die geen tijd heeft voor zijn gezin? Mannen prijzen zich daarom op een andere manier in de markt: als metroseksueel. Ja, natúúrlijk wil een op de vijf mannen in deeltijd werken, blijkt uit onderzoek. Toch onderneemt meer dan de helft van deze groep geen poging dit te realiseren. Wat mannen veelal wel doen, is juist het tegenovergestelde: na de geboorte van hun kind gaan ze méér werken, en de vrouw minder.

„Vanuit de evolutie gezien is dat ook niet zo gek: meer werken betekent meer geld voor het gezin. Een andere vorm van zorg dus, maar daar is weinig oog voor”, zegt Henk Noort, psycholoog en publicist. Dat beseffen mannen terdege, weet Noort. Je scoort bij vrouwen pas echt als je een traantje wegpinkt bij het zien van een baby in een kinderwagen. „Uit statistieken blijkt dat veertig procent van de Nederlandse mannen helemaal niks aan de zorg voor kinderen doet, maar geen man is bereid om daarvoor uit te komen.’’

Deze gespleten houding, waarin mannen er weinig voor voelen luiers te verschonen (en stiekem wel carrière willen maken), maar zich als onvolprezen huisvaders en zorgzame echtgenoten presenteren, noemt Noort een façade. „Een soort travestie.” Dat komt door een systematisch male bashing, aangespoord door het feminisme, is zijn visie. „Sinds de jaren zeventig zitten we als samenleving op een antimannenkoers. Als je als man durft te laten weten liever níet op je kinderen te willen passen, word je een sociale paria. Want jíj bent die rottige vent die ervoor zorgt dat de vrouw niet kan werken.’’

De overheid is al jaren met campagnes bezig de man negatief neer te zetten, schrijft Beatrijs Ritsema in ’De Getemde Man’ in HP De Tijd. „Ambtenaren van overheids- en onderwijsinstanties, geholpen door cultureel correcte organisaties zoals Sire, verspreiden de laatste twintig jaar niet alleen de gelijkheidsboodschap (voor alle sectoren, op alle niveaus, inclusief het huishouden), maar voeden de man ook op in de richting van meer vrouwelijkheid. Als de seksen niet gelijk zijn (zoals de dagelijkse werkelijkheid voortdurend laat zien), dan komt dat doordat mannen te bot of te machtsbelust zijn om in te schikken. Hun agressie moet worden ingetoomd. De vrouwelijke manier van doen, of van zijn, is stilletjes de norm geworden.’’

Maar niet alleen het feminisme is er debet aan dat ’mannelijkheid verdwijnt’, vindt Noort. „De crèches worden bijna voor honderd procent door vrouwen bevolkt.’’ Nog nooit groeien zoveel kinderen op in gezinnen (450.000) waar van een vader als opvoeder geen sprake is. „Vaders zijn doorgaans goed in het leren van discipline, moeders hebben veel meer begrip voor het kind. Beide aspecten zijn nodig in de opvoeding’’, zegt Noort. „Als je vervolgens naar het basisonderwijs kijkt, zie je dat acht op de tien Nederlandse leerkrachten vrouw is. Waar moeten jongens mannelijke waarden leren? Ik vind het zorgwekkend dat jongens uit eenoudergezinnen vaak pas op de middelbare school mannelijke rolmodellen tegen het lijf lopen.’’

Het is niet de ’bierreclame-mannelijkheid’ waarvoor Noort pleit. In verschillende reclames wordt de man voorgesteld als ’oertype’, zoals in een Amstel-commercial: een jongeman wil zijn vriendin zoenen, bedenkt dat hij nodig moet plassen, onderbreekt de kus en plast tegen een struikje. „We moeten niet terug naar een tijd waarin de man weinig anders deed dan jagen, drinken en dobbelen. Het gaat erom dat mannelijke waarden weer hun plek krijgen.”

De Harvard-hoogleraar Harvey Mansfield heeft dat heel mooi omschreven in zijn boek ’Manliness’ uit 2006. Mannelijkheid heeft volgens hem te maken met het onder controle houden van onze angst. Het draait om de Griekse waarde thumos, de assertiviteit en passie die mannen drijft om risico’s te nemen. Het gaat om leiderschap, zelfvertrouwen. Je kunt het ook als moed en dapperheid vertalen, en het is van toepassing op zowel jongens als meisjes.’’

In het onderwijs zouden leerkrachten de kinderen moeten leren dat het goed is om eens met je vuist op tafel te slaan, dat het prima is als je tegen de groep in gaat en eens níet wilt samenwerken. „Mannelijkheid is absoluut nodig, wil je het beste uit jongens halen. Ik sprak eens met een leraar van een Rotterdamse basisschool die besloot om ’mannelijk’ les te gaan geven. Hij ageerde tegen de vrouwelijke aanpak, waar veel om het proces draait; waar netjes, stil en braaf zijn en je niet buiten de groep plaatsen belangrijk is. Hij vond dat er meer nadruk moest komen op persoonlijk initiatief, excellente uitkomsten. Dat betekende dat kinderen ook moesten kunnen ravotten en lawaai maken. Hij wist heel goede resultaten te bereiken.’’

De situatie in Amsterdam-Slotervaart is voor Noort hét voorbeeld dat mannelijkheid nodig is. „De mannelijkheid van die kinderen werd niet meer gecorrigeerd, doordat weinig vaders een voorbeeldfunctie hadden. Jeugdbendes terroriseerden de buurt en meisjes werden in het zwembad aangerand. Dan moet je niet aankomen met ’een gesprek’ of ’een kopje thee’. Je hebt mannelijkheid nodig om mannelijkheid aan te pakken. En dat hielp ook enigszins door de inzet van brede, allochtone bewakers.’’

De metroman ten spijt, de échte man is bezig met een comeback onder de noemer ’remancipatie’. In de VS verzamelen mannen zich in ’mannengroepen’ om hun eigenheid te leren herontdekken. Er verschijnen meer critici ten tonele die de gelijkheidsideologie en sekseneutrale maatschappij onder vuur nemen, zoals onlangs de Amerikaanse hoogleraar psychologie Roy F. Baumeister deed in het artikel ’Waar deugen mannen eigenlijk voor?’, Daarin licht hij de evolutionaire, biologische en psychologische verschillen tussen man en vrouw toe. Nog nooit is een programma zo succesvol geweest als ’Boer zoekt vrouw’, waarin de man die leeft volgens traditionele rolpatronen centraal staat. En trots presenteerde het bedrijf Masterflirt in Nederland ’remancipatie’-weekenden: een cursus waarin mannen leren hoe ze écht man kunnen zijn, en nog leuk bovendien. Ook verscheen de bestseller ’Het Gevaarlijke Boek voor Jongens’, geschreven door de broers Iggulden in Engeland.

In het boek wordt geschreven over het plezier van Zwitserse zakmessen, kompassen, vuurtjes stoken. Er spelen mannelijke helden in mee, de geschiedenis van oorlogvoeren wordt besproken. „Het boek heeft, in een radicale koerswijziging ten opzichte van de moderne onderwijskunde, bijna niets te zeggen over het uiten van gevoelens, relaties of over hoe jongens moeten leren om te huilen. Het waardeert risico, avontuur en mannelijkheid’’, schrijft filosofe Christina Hoff Sommers in het blad Opinio onder de kop ’Onderwijs voor echte jongens’. „Het boek heeft zeer gedetailleerde instructies voor het jagen op, doden, villen en koken van konijnen.’’ Terug naar de Neanderthalers?

Nee, schrijft Sommers. Ook de jongens moeten gentlemen worden, maar ze kunnen hun eigenheid behouden. „Daartoe bevat het ook lessen in etiquette, grammatica en ’zeven gedichten die iedere jongen zou moeten kennen’.” Ook biedt het boek een essay over meisjes, plus hoe hen met respect te behandelen.

„Het gaat me om een béétje meer mannelijkheid, een béétje meer macho’’, zegt Noort. Een nieuw soort man moet de ruimte krijgen, een man versie 2.0, die als voorbeeld voor de zonen kan dienen. „In mijn ogen is Tony Soprano, uit maffiaserie ’The Sopranos’, het prototype nieuwe man. Als je het criminele aspect even laat voor wat het is, blijkt deze man voortdurend het oog op de bal gericht te hebben. Alles maakt hij ondergeschikt aan het resultaat. Vrouwelijke leiders zijn over het algemeen meer op het proces gericht: iedereen wordt gehoord, voelt zich lekker en gemotiveerd. Het unieke van Tony’s leiderschap is dat hij zijn extreme resultaatgerichtheid koppelt aan een zeer empathische en sociale instelling. Hij verdiept zich ten zeerste in de zieleroerselen van anderen. Dat maakt hem succesvol.’’

Juist empathie is de meerwaarde voor de nieuwe man. „Voorheen voelde de vrouw zich verantwoordelijk voor het sociale leven van de man, maar nu ze zelf vaak financieel zelfstandig is, moet de man op dit gebied een inhaalslag maken.’’ Dat betekent geen knieval voor vrouwelijke eigenschappen, vindt Noort, maar juist een verrijking voor de mannelijke. Jongens hoeven niet te blijven hangen in het stadium van brulaap, maar ook niet over te hellen naar de ’vrouwelijke man’. Ze moeten met trots weer een mannelijke man durven zijn.

„Ik wil mijn zoon leren dat het léuk is om man te zijn. Dat er niks mis mee is. Dat betekent niet dat we terug moeten naar de jaren vijftig. En je hoeft als mannelijke man ook niet voortdurend je leven in de waagschaal te leggen. Maar ik ben ervan overtuigd dat je ongelukkiger wordt als je je impulsen voortdurend moet onderdrukken.’’ Een beetje van Steve Fossett dus, voor elke man.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden