Daar staat Maria, helder belicht in Nijkerk

Het traditionele kerstspel in de kerk kent een lange geschiedenis. Van recenter datum zijn musicals over bijbelse figuren. In Nijkerk is de gemeente het hele seizoen bezig geweest om 'Maria' in te studeren.

Ze buigt voorover in de spiegel, de lippen getuit. Het duurt nog zeker een uur voor ze op moet, maar Elsemieke Naber (23) is er klaar voor - op haar ongestifte mond na. Vierentachtig medespelers maken zich om Naber heen gereed om in de Vredeskerk in Nijkerk de vloer op te gaan voor de musical 'Maria'. De regie, de kostuums en het decor, de volledige uitvoering is in handen van gemeenteleden. Tot de zelfgebakken koekjes aan toe. Alleen de tekst is niet zelf geschreven.

Achterin de kerk, op de galerij bij het orgel, zitten Matthijs Nagel (18) en Bert van Dunschoten (18). De jongens, respectievelijk ict'er en lichttechnicus in opleiding, doen het licht en geluid. Met drie beeldschermen zitten ze ingeklemd tussen twee kerkbanken, te midden van een onontwarbare kluwe elektriciteitssnoeren. Nagel: "We proberen een show als van Joop van den Ende neer te zetten, maar dan zonder budget."

Of het verhaal over Maria de jongens iets doet? Grijnzend zegt Nagel: "Maria, wie is dat?" De technici zijn hier voor de gezelligheid. "Dat is alles", zegt Nagel.

Ondertussen is achter de coulissen een ouderling in een jacquet gestoken, hij zal de bezoekers verwelkomen. De ambtsdrager glimt van onder zijn hoge hoed. In de consistorie verft de ene man de wimpers van een andere man. Meisjes in gebloemde schorten hangen tegen elkaar aan, terwijl ze de ogen op de klok gericht houden. "Ooh, ik word een beetje zenuwachtig", klinkt het. In de hoek repeteert een groep inderhaast nog wat liederen uit het stuk. Een meisje giechelt: "Gauw nog even plassen."

Elsemieke Naber, speelt een van de moeders van Bethlehem, na de kindermoord door koning Herodes. "Als je eenmaal op het podium staat, gaat het vanzelf", zegt ze. "Voordat ik meedeed aan de musical voelde ik me soms een eenling in de kerk. Nu weten mensen wie ik ben. Dat geeft een fijn gevoel."

De kerkbanken zijn nog niet half gevuld met bezoekers als het toneel volstroomt met spelers. De vloer kraakt onder hun gewicht. 'Geen mens kwam zomaar uit de lucht', zingt het koor.

Met zevenmijlslaarzen gaat de musical door het leven van Jezus' moeder Maria, in een eigentijdse setting. Het verhaal speelt in een Roemeens dorp, waar een theatergezelschap op bezoek komt dat over Maria vertelt. Kort daarvoor is een van de dorpsmeisjes, Fanny, onbedoeld zwanger geraakt. Dat geeft stof tot geklets in de dorpskroeg - eigenlijk de preekstoel van de Vredeskerk, voor de gelegenheid vertimmerd tot bar. Tegen de kansel hangen planken met flessen drank en posters met blondines die in dirndljurk bier aanprijzen.

Een volgende scène in de musical is de bruiloft te Kana, waar Jezus zijn eerste wonder zou hebben verricht. Drie meisjes met glitterende hoofddoeken klagen in koor over de wijn die wordt geschonken. "Wie wil daar nou mee klinken? Dat is toch niet te drinken?"

Halverwege het verhaal zingt het koor een 'bijbelse protestsong':

"Later, veel later, blikte Maria

radeloos neer van de altaren

waarop zij al die lange jaren,

- stomgeslagen stem in steen -

vastgenageld stond, alleen.

Dat moest toch een vergissing zijn

dat zij vereerd werd, heilig, groot,

door mensen die niets deden

voor haar kinderen in nood."

Voor een scène waarin het dondert en bliksemt kunnen de jongens van de techniek zich vanaf de galerij uitleven op de knoppen.

Naarmate het verhaal aan religieuze lading wint, gaan de spelers verder op in hun spel. Bij het Stabat Mater bijvoorbeeld, een lied waarin Maria treurt om de kruisdood van haar zoon. Het koor besluit met een galmend 'Halleluja'. Daar staat Maria, helder belicht. Ze veegt een traan van haar wang.

'Het zijn verhalen over mensen die falen'
Interview | MARIJE VAN BEEK

Terwijl in de banken van de Vredeskerk in Nijkerk (groot)vaders en -moeders ademloos het spel en gezang van hun kroost volgen, bezien de schrijvers van de musical het schouwspel met andere ogen. Gerard van Amstel en Gerard van Midden zijn de makers van de musical 'Maria'.

Sinds 1991 schrijven de mannen samen bijbelmusicals - onderwijzer Van Midden de tekst, musicus Van Amstel de muziek - die door het hele land in kerken worden opgevoerd: over illustere bijbelse figuren als Jozef, Esther of Saul.

De schrijvers komen niet voor hun plezier naar hun eigen musicals kijken. "Kromme tenen", fluistert Van Midden als hij in Nijkerk uit de kerkbank schuift. "Nou ja, er is enorm hard aan gewerkt."

Het decor vindt hij wel mooi. "Zeker als je ziet met welke ruimte ze moeten woekeren."

Het is de vrees van elke toneelschrijver: dat er wordt geknipt in het script. Van Amstel was het ook opgevallen. "Ze begonnen meteen alle spelers te introduceren. Doodzonde. Daarmee verklap je alles, is de spanning er uit."

Van Midden: "De zangers en spelers hebben vaak geen idee van kwaliteit. Kijk, wij kunnen niet Chantal Janzen contracteren. Wij hebben mevrouw Jansen uit Nijkerk. Soms denk ik, och hemel, hoe verzinnen ze het." Aan de musical 'Mozes' die Van Midden en Van Amstel eerder schreven, had een kerk ooit het overbekende kinderliedje 'Klein klein kindje' toegevoegd. Van Midden: "Ik krijg het nog benauwd als ik daaraan denk."

De musicals zijn niet bedoeld als evangelisatiemiddel, zeggen de schrijvers beslist. Van Midden: "Het zijn verhalen over mensen die falen. Er zit wel hoop in, dat het ooit, misschien, iets beter zal worden. Bijbelverhalen zijn om te lachen en om te huilen, maar je hoeft er niet over te preken. Je moet ze beleven."

Wat in een bijbelmusical wel en niet aanvaardbaar wordt geacht, verschilt per gemeente, zeg Van Midden. "Een bijbelverhaal is een mijnenveld. Mensen denken al snel dat je iets spottend bedoelt.

"Het verhaal over Esther staat in de Bijbel bijvoorbeeld heel beleefd opgeschreven. Maar je lacht je helemaal rot als je weet wat er in het Hebreeuws staat. Ik heb er maar van gemaakt: 'Ik wil meer eros. Standje Ahasveros.'

"Zelf was ik blij met die vondst. Maar een dominee heeft om deze zinsnede vijftien jaar geleden het hele project afgeblazen."

Vaak spelen er kinderen mee in de musicals. "Wij vinden dat verschrikkelijk", zegt Van Midden. "Kinderen gaan buikspreken, ze snappen niet wat ze zeggen."

Van Amstel: "Als je een beetje kunt brommen mag je al meedoen."

Dat de uitvoering soms te wensen over laat is niet erg, zegt Van Midden, want het instuderen van de musical is een doel op zich. "Het gaat om de lol. Mensen zijn een heel seizoen met elkaar bezig, tijdens de repetities."

Voor de schrijvers zijn de musicals een hobby, leven kunnen ze er niet van. "Het blijft kerkenwerk", zegt Van Amstel. "Maar je krijgt er heel veel voor terug. Enthousiasme."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden