Daar komt de agent van de toekomst

nieuwe politie | Incidenten en veranderingen in de maatschappij zetten de traditionele taak van de agent onder druk. Die moet creatiever en weerbaarder worden. Hoe bereidt de politie zich voor op die nieuwe rol?

Tel alle ellende bij elkaar op en je krijgt het idee dat de Nederlandse politie een dikke onvoldoende verdient. De vorming van de Nationale Politie, de grootste reorganisatie ooit, gaat gepaard met stevig gekreun. Het recherchewerk kwam vorig jaar onder vuur te liggen na de publicatie van een boek van ex-rechercheur Michiel Princen. Dan was er natuurlijk het geklungel in het dossier Bart van U., de moordenaar van Els Borst, en de dood van de Arubaan Mitch Henriquez na hardhandig optreden van vijf politiemensen in Den Haag. En dan deze week het rapport van de commissie Eenhoorn over de dood van de verpleegkundige Linda van der Giesen. De politie had geen schuld aan haar dood, maar had wel te weinig oog voor haar veiligheid en te veel aandacht voor de opbouw van een dossier van haar ex die de trekker overhaalde.

Hoe zwart je de politie afschildert, de reputatie van de organisatie en haar medewerkers lijkt nooit echt te lijden onder incidenten. Na de rechterlijke macht komen leger en politie steevast naar voren als de instituten waarin de burger vertrouwen heeft. Maar wat verwacht de burger eigenlijk van de 60.000 medewerkers van de politie? Hoe ziet de agent van de toekomst eruit en wat zijn zijn belangrijkste eigenschappen?

Leon Kuijs, bestuursvoorzitter van de Politieacademie in Apeldoorn is daar stellig over: 'creativiteit en probleemoplossend vermogen'. De politieman van de toekomst moet op straat een oplossing zien te vinden. "Want de gedachte dat alles van boven af wordt bestuurd is losgelaten.

Een voorbeeld?

"Twee dienders staan voor een pand in een Rotterdamse wijk. In dat pand werd iemand gemarteld, maar zij gingen niet naar binnen. Dat kwam omdat in de meldkamer het geval werd ingeschat als een gijzeling en dan gaan andere protocollen werken. Er was sturing van boven af, maar later bleek dat de agenten naar binnen hadden moeten gaan. Dan hadden ze die marteling kunnen beëindigen. Dat ze dat niet deden betekent dat ze nog niet volgens de vaardigheden van de 21ste eeuw waren opgeleid. Je moet dus boven de protocollen uit kunnen handelen. Ze hadden gewoon naar binnen moeten gaan. Laten we wel wezen, ze hoorden iemand krijsen."

"Het moet aangeleerd worden dat die creativiteit van ze wordt verwacht en dat ze daar ook altijd in gesteund worden. Dat betekent dat niet alleen de nieuwe vaardigheden worden geleerd, ook de organisatie moet veranderen om die skills tot bloei te laten komen. Het zijn twee bewegingen. Het is nu een beetje een overgangstijd."

Is creativiteit een selectiecriterium?

"De ene mens is creatiever dan de ander. Het moet echt een selectiecriterium worden. We verwachten van nieuwe agenten dat ze streetwise zijn, zeg maar de universiteit van het leven. Maar dat niet alleen. De problemen worden steeds ingewikkelder en dat betekent dat we op een hoger niveau moeten opleiden.

"Het is nu mbo4 en voor een deel zal dat ook wel zo blijven. We zijn een echte mbo-organisatie met nu tien procent op hbo-niveau. Er gaan stemmen op dat we naar 40 procent hbo moeten groeien."

'Rechtvaardigheid' is volgens Kuijs de belangrijkste waarde voor de politieman, ongeacht het opleidingsniveau: "Dat is de basis van onze rechtsstaat. Waarden kun je niet aanleren, je hebt ze of je hebt ze niet. Je kunt ze wel krachtiger maken door ze expliciet te benoemen. Als de studenten van de academie komen, weten ze beter wat rechtvaardigheid is dan toen ze hier kwamen."

En dan op naar de wijk? Als de nieuwe manus van alles, de wijk agent.

"Ik vergelijk dat met de huisarts. In de gemeenschap is het een voorpost. We hebben iets meer dan drieduizend wijkagenten op een bestand van 60.000 politiemensen. De wijkagent moet zijn pappenheimers kennen, veranderingen zien. Hij is geen eenling die voor zichzelf is begonnen, hij is uiteindelijk onderdeel van een veel groter team. Ze fungeren een beetje als maatschappelijk werker. Ze moeten kennis hebben van andere culturen. De diversiteit is echter zo groot dat we als academie daar nooit aan kunnen voldoen. Elke cultuur heeft zo zijn eigen kenmerken die voor de politie kenbaar moeten zijn om effectief te kunnen handelen."

Ex-politietopman Bouman wilde daarom graag allochtone agenten hebben. Dat hij er niet in slaagde allochtone jongeren naar de academie te krijgen, vond hij een van zijn grootste teleurstellingen.

"Die behoefte aan diversiteit speelt al zo'n 20 jaar. Het is begonnen met vrouwen. We waren een mannenorganisatie. Dat zijn we niet meer. Toen kwamen de allochtone collega's. Het is bekend dat allochtonen niet staan te springen om bij de politie te komen. Want vanuit hun herkomst heeft de politie een heel andere connotatie. De politie in Nederland is een andere organisatie dan in Marokko of Turkije. Als ze gestudeerd hebben, willen ze liever advocaat worden. Wij moeten veel moeite doen om deze mensen te werven. In het westen gaat dat makkelijker dan in het oosten van Nederland. Daar is gewoon meer aanbod."

Lange tijd is met streefgetallen gewerkt. Ook dat leverde niet meer allochtonen op.

"Het aanbod is de belangrijkste drempel. Zeker in het hogere segment kiezen ze niet voor de politie. In het mbo-segment zien we dat studenten van niet-westerse afkomst vaker afvallen. Dat zit 'm in taalvaardigheid. Dat vinden we raar, want soms praten we over derde of vierde generatie jongeren."

De nieuwe lichting agenten zal volgens Kuijs vooral mobiel moeten kunnen werken. Een majeure verandering was de komst van de mobilofoon. "Nu zie je dat de computer naar de auto wordt gebracht. Afhandelingen zijn niet meer van plaats en tijd afhankelijk. De agenten moeten wel bewust blijven dat ze een onderdeel van een geheel zijn."

"Vergeet niet dat straks zestig procent van de informatie waarop wij moeten acteren via sensoren tot ons komt. Daar zijn we ons nu al op aan het voorbereiden. In het uitgaanscircuit in Eindhoven hebben ze sensoren met geur en geluid. Zo kun je bepalen hoeveel mensen in een bepaald gebied verblijven. Er wordt uitgezocht hoe je daarmee de veiligheid kunt verbeteren. Naast de diversiteit in de samenleving is de technologisering de grootste verandering voor de politieman in de komende tien jaar. Politiemensen wordt nu geleerd verantwoording af te leggen voor wat ze gedaan hebben, maar er komt een tijd - en die komt er steeds sneller aan - dat wij ook verantwoording moeten afleggen voor wat we niet hebben gedaan hebben. Zo van: Je had het kunnen weten want je hoort alles te weten. Waarom heb je dat niet gezien?"

Speelt geweld een andere rol in de opleiding?

"We hebben de politiemensen heel lang geleerd dat je mond het belangrijkste wapen is. Dat heeft een hele maatschappelijke politie opgeleverd. Maar er is nu ook een keerpunt. De politie mag nu weleens wat doorpakken, is dan de mening. We hebben een lange traditie dat wij het op onze eigen manier doen. Maar je ziet nu wel dat bijvoorbeeld vaker aanhoudingsvuur wordt gebruikt. Dan zijn we een heel andere politie aan het worden. Dat zie je ook in de opleiding terug, we maken de mensen steeds weerbaarder."

Leon Kuijs

Leon Kuijs is bestuursvoorzitter van de Politieacademie. Hij was tussen 2002 en 2011 korpschef van Brabant-Zuid-Oost en sinds 2009 voorzitter van de Raad van Korpschefs.

Hij bereidde de komst van de Nationale Politie voor en van 1 januari 2013 tot 21 april 2013 was hij lid van de korpsleiding van die Nationale Politie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden