D'Ancona viel meteen voor beeld van dolhuisvrouw

AMSTERDAM - Rennende kinderen, geschreeuw en gelach tussen de oude meesters en Cox Habbema en Hedy d'Ancona als rondleidster. Gisterochtend hield het Rijksmuseum open huis, 'een lekkere chaos, precies zoals de bedoeling was.'

"De minister is een beetje te laat, maar wat wil je met die besprekingen over bezuinigingen," grapt Rijksmuseum-directeur Henk van Os wanneer Hedy d'Ancona op zich laat wachten. Dat zij over haar favoriete kunstwerk in het Rijksmuseum zou komen vertellen, was een van de trekpleisters van de open dag.

Met het heropenen van de rechteringang is opnieuw een fase in de verbouwing afgesloten. Reden voor Van Os - altijd in voor extra publiciteit - om de vernieuwingen op de eerste verdieping en collectie daar speciale aandacht te geven.

En voor welk kunstwerk koos de minister? "Ik viel meteen op de dolhuisvrouw," zegt ze, koket voor het 17de-eeuwse beeld poserend. "Het heeft iets met het ministerie te maken: wij gaan over de dolhuizen van nu, die we tegenwoordig wat aardiger benoemen." Dat ze zelf in haar studietijd in de Spinhuissteeg, waar het beeld ooit gestaan heeft, woonde was ook een motivatie om voor dit beeld te kiezen.

Wel wat teleurstellend wanneer je hoopt iets wezenlijks over d'Ancona's vermeende kunstliefde te horen. Of over die van Stadsschouwburg-directrice Cox Habbema. Deze had haar huiswerk over het schilderij 'De zeeslag bij Terheide' van Willem van de Velde netjes gedaan. Maar voor achtergronden en feitjes over beeldende kunst kom je hier natuurlijk niet naar haar luisteren. Daarover vertelden de conservatoren zelf veel interessanter.

De motivatie van Habbema's keuze voor dit schilderij was het 'typisch Hollandse van de combinatie van grootsheid met volslagen pietluttigheid' doordat Van de Velde onze enorme 17de-eeuwse vloot op een heel priegelige manier schilderde. Dan was de kinderrondleiding een stuk onthullender. "Dit is helemaal geen Artis!" zeggen Ton en Til sullig als ze uit het olifantenpak kruipen, waarmee ze een sleep kinderen achter zich aan hebben gelokt. "Het is een showroom met vloerbedekking tegen de muur."

Met de kinderen worden de wereldberoemde meesterwerken bekeken en bekritiseerd. Ton en Til krijgen de kinderen slim aan het kijken en reageren. "Dat kindje ziet wel pips, he! Wat zou ermee zijn?" zegt Til over het doek 'Het zieke kind'. "Die is vast niet lekker!" Op een ander schilderij ziet ze " een kakstoel! En een parfumflesje in de vensterbank!" De kinderen zien nog veel meer.

De bomen van Ruysdael zijn volgens Ton 'niet leuk', en Til heeft nu wel genoeg naar dat schilderij gekeken. Dan spelen ze liever 'Ik zie, ik zie wat jij niet ziet'. "Ogen dicht, het is . . . een hondje in het water!" schreeuwt Ton. "Wie ziet het het eerst?" De troep kinderen rent door de zalen en brult: "Ik heb hem!" "Wat heeft die showroom een goede akoestiek he?," lacht Ton.

Voorlichter Frans van der Avert knikt goedkeurend. "Het moest een lekkere chaos worden," zegt hij. "Ik hield mijn hart vast, open huis om tien uur zondagochtend in Amsterdam. Maar er zijn zo'n twee a drieduizend mensen binnen, terwijl het museum normaal pas om een uur opengaat."

Het is tekenend voor de situatie in het Rijksmuseum. Sinds Van Os aantrad als directeur, waait er een frisse wind. Dat openheid van zaken en publiciteit op een prima manier samen kunnen gaan, bewijst ook dit 'open huis'. Het publiek wordt op de hoogte gehouden wat er in het museum gebeurt ('Het is immers een openbaar gebouw', vindt Van Os) en het museum krijgt een veel bredere benadering dan via de tentoongestelde collecties alleen.

Architect Wim Quist gaf een toelichting op de verbouwingen van de afgelopen jaren en zijn pogen om 'in deze tijd en met de middelen van de tijd rekening te houden met de oorspronkelijke architect Cuijpers, en zijn werk waar nodig te herstellen'. "Zo krijgt u een idee van de enorme klussen die verricht moeten worden om dit gebouw bij de tijd te houden."

Zo'n uitspraak sluit perfect aan bij die van Van Os zelf en bij de manier waarop deze de achtergronden van voorwerpen en schilderijen uit de Rijksmuseumcollecie onder de aandacht brengt in het wekelijkse tvprogramma 'Museumschatten'. Op een educatieve onderwijzerstoon, maar het werkt wel. Het Rijksmuseum geniet een ongekende populariteit en is ontdaan van snobisme.

Zo vertelde een aantal conservatoren gisteren over hun specialiteit, zoals Venetiaans glas en Delfts blauw aardewerk. Bij de bespreking van enkele schilderijen kwamen ook aspecten als aankoopmotivatie en het voorkomen van kopieen aan bod, nog niet lang geleden taboes in het bijzijn van het publiek. Juist voor deze zaken bestaat echter grote belangstelling. Het Rijksmuseum wil daar het komend jaar op inspelen met een expositie die ingaat op de technische aspecten van het restaureren van Rembrandts. Die restauraties zijn nu in volle gang; momenteel wordt de 'Joodse bruid' gedaan.

De verbouwingen zijn overigens nog niet voorbij. Per 1 januari gaat de hele achtervleugel aan de kant van het Museumplein (de Aziatische afdeling en de 18de en 19de-eeuwse afdeling) voor tenminste twee jaar dicht. Het is hard nodig; de zalen zijn verouderd en de muren slecht. Volgens Van der Avert vallen mensen bij mooi weer 's zomers binnen flauw van de hitte omdat er geen klimaatsbeheersing is. Die moet er dus in, naast een nieuwe, grote ingang en een restaurant aan de Museumpleinkant.

En ook hier weet Van Os een en ander te combineren. In de periode dat deze vleugel in verbouwing is, zal een deel van de collectie die hier hing toch worden getoond: in veertien musea door heel Nederland.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden