Cyberguerrilla is duistere strijd

De Chinese krijgsmacht breekt systematisch in bij Amerikaanse en internationale bedrijven. De speciale 'Eenheid 61398' heeft via digitale spionage honderden terabytes aan gevoelige informatie gestolen.

ANALYSE | BAS DEN HOND

Een dag nadat het Chinese leger werd beschuldigd van grootscheeps inbreken in computersystemen in de Verenigde Staten, kondigde de Amerikaanse regering maatregelen aan.

Terwijl het land na fysieke aanslagen of aanvallen steevast terugslaat en belooft de schuldigen tot in de verste hoeken van de aarde te vervolgen, is er nu geen sprake van met gelijke munt terugbetalen. De regering-Obama hamert op samenwerking tussen overheid en industrie bij het beveiligen van hun systemen. En gaat diplomatieke druk uitoefenen op landen waar de hack-aanvallen vandaag komen. Een vergeldingsaanval met gelijke munt, een cyberoorlog, lijkt China zo te horen niet boven het hoofd te hangen.

De Chinese datadiefstal is dus niet het 'Pearl Harbor moment' op computergebied dat de Amerikaanse minister van defensie Leon Panetta onlangs voorspelde. En volgens John Arquilla, hoogleraar aan de universiteit van de marine, zal dat er ook niet snel komen. Iedereen kon op 7 december 1941 zien dat Japanse vliegtuigen een aantal Amerikaanse slagschepen naar de kelder joegen, schrijft hij op de website van het blad Foreign Policy. Maar in de wereld van computers en netwerken slaat de vijand meestal geleidelijk toe en blijft het lang, soms zelfs altijd, onduidelijk wie die vijand is.

Dat wil niet zeggen dat cyberoorlog niet bestaat. In 2007 werden websites van de Estlandse overheid getroffen door aanvallen uit Rusland, waarmee Estland toen een conflict had. Toch kon niemand met zekerheid zeggen wie de aanvaller was. En de Russische regering ontkende even hard als de Chinese regering het nu doet.

Niet een openlijke aanval, maar een strijd door middel van 'cybermilities', lijkt volgens Arquilla voorlopig de geprefereerde stijl te zijn, die ook een land als Iran toepast. Dergelijke hackersgroepen staan op afstand van de regering, en werken mogelijk net zo lief voor geld als voor het vaderland.

De VS blijven met hun eigen strijdmiddelen op dit gebied net zo graag in de schaduw. Nadat beveiligingsbedrijven in 2010 een computervirus ontdekten, 'Stuxnet', dat het speciaal op Iraanse uraniumcentrifuges gemunt leek te hebben, bleef het twee jaar lang raden naar wie het de wereld in gestuurd had. Dat het uit Amerika kwam, mocht pas uitlekken in een vorig jaar gepubliceerd boek.

Het lijkt duidelijk dat de VS voor het vechten met computers de regel hanteren die na de aanslagen van 11 september voor gewoon wapengeweld ging gelden: we slaan terug, soms voor we geslagen zijn. Zowel het een als het ander krijgt de wereld pas achteraf te horen.

Vergeldingsaanval VS lijkt uit te blijven

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden