Interview

Cuba is voor hem een speeltje

Een vrouw neemt een foto van een portret van Fidel Castro. Beeld afp
Een vrouw neemt een foto van een portret van Fidel Castro.Beeld afp

Juan Reinaldo Sánchez was zeventien jaar lijfwacht van Fidel Castro. In een boek en in dit interview vertelt hij hoe de Cubaanse leider werkelijk leeft.

Nee dus. Altijd geloofden de Cubanen dat el Máximo Líder 24 uur per dag werkte voor La Revolución. Vakantie was maar bourgeois. Lijfwacht Juan Reinaldo Sánchez (65), die zeventien jaar met hem werkte, onthult nu in zijn boek 'Het verborgen leven van Fidel Castro' hoe het werkelijk zat.

's Zomers ging Castro elk weekend met zijn privéjacht Aquarama II naar zijn geheime privé-eiland Cayo Piedra in de Caribische Zee. Steevast met een horde bewakers en een gast als de Colombiaanse schrijver García Márquez. Zijn passie: duiken en vissen. De vangst werd 's avonds opgediend in een drijvend restaurant.

Castro hield er dolfijnen en zeeschildpadden. Zijn lievelingsdrankje: Chivas Regal. Wie met hem viste, schaakte of basketbalde moest verliezen, anders werd het ongezellig. 's Winters jaagde hij op het hoofdeiland op wild.

Fidel wekte de indruk een alleenstaande strijder te zijn; in het openbaar verscheen hij hooguit met de vrouw van zijn broer Raúl. In werkelijkheid heeft womanizer Castro minstens tien kinderen, die elkaar en de kinderen van Raúl amper hebben gezien.

Krampachtig hield hij zijn privéleven geheim, en zijn minnaressen uit elkaar. Alleen Fidelito (kleine Fidel), het kind uit zijn eerste huwelijk, werd aan de media getoond. Pas in 2006, toen Castro voor het eerst ernstig ziek was, zagen de Cubanen Dalía Soto del Valle, de vrouw met wie hij al sinds 1961 samenleefde en die hem vijf zonen schonk.

Ook gelogen: Fidel verdient slechts 900 peso, zo'n 25 euro per maand. Dat getal noemde Catro in een (woedende) reactie op een publicatie in het Amerikaanse tijdschrift Forbes in 2006, waarin zijn vermogen werd geschat op 900 miljoen dollar.

Absolute vorst
Lijfwacht Sánchez: "Hij regeert als een absolute vorst, kan zich alles toe-eigenen, verkopen of weggeven. Cuba is voor hem een speeltje."

In de jaren zestig opende Castro zijn eigen rekening: la Reserva del Comandante. Dit fonds is heilig en staat onder geen enkel toezicht. Sánchez zag meerdere keren hoe er tassen baar geld, met soms wel een miljoen dollar, werden overhandigd voor 'La Revolución'. Fidel deelde er links en rechts van uit, en leek zo een weldoener. "Geld is voor hem een politiek overlevingsmiddel."

Beeld van de Cubaanse hoofdstad Havana. Beeld afp
Beeld van de Cubaanse hoofdstad Havana.Beeld afp

Castro heeft op het eiland tientallen villa's. Ook in Havana natuurlijk; in 'Eenheid 160' bevinden zich provisiekamers en koelhuizen met de voorraden van de familie, een pluimveehouderij, een ijsfabriek.

Deze stad in de stad heeft een bioscoop, een geschenkenmuseum en een villa waar de 'minister van slaapkamer' ontmoetingen organiseert. Castro laat een bouwkraan koeien naar zijn dakterrassen tillen.

Op landgoed Punto Cero, net buiten Havana, wonen Dalía en haar zonen, en slaapt Fidel. Er zijn groentekassen en fruitbomen. Een ware hof van Eden, aldus Sánchez, die eraan herinnert hoe de meeste Cubanen met het (ontoereikende) distributieboekje hun maag moeten vullen. Een pond kip per maand en poedermelk alleen voor kinderen onder de zeven. Dat betekent dus 'afromen' op het werk om zwart te verkopen. Volgens het bewind is er geen persoonlijkheidscultus. Toch is Fidels verjaardag op 13 augustus een van de drie belangrijke data voor de Cubanen. Overal op straat en in gebouwen hangen zijn portret en zijn spreuken.

Invloedrijk
Sánchez. "Toen in 2006 broer Raúl (nu 83) de leiding overnam, werd er een wet aangenomen dat alle beleidsbeslissingen via Fidel moesten lopen. In de beginjaren, toen Fidel een democratische revolutie beloofde, stond iedereen achter hem. Ik had voor hem willen sterven." Maar de democratie werd een dictatuur.

Toch blijft Fidel Castro, volgens Sánchez, de invloedrijkste figuur van Latijns-Amerika en de held van links wereldwijd. Talloze guerrillagroeperingen konden trainen in het geheime kamp Punto Cero de Guanabo. "Negentig procent van de regionale leiders is daar geweest, net als de Eta, Ira, Fatah en Black Panthers", zegt Sánchez. En Fidel schiet er graag een rondje mee.

Castro is bang voor aanslagen en zet geen stap zonder zijn uitgebreide escorte beveiligers. Sánchez kon zijn geluk niet op toen hij in 1968 tot de dienst werd toegelaten. Hij had een zwarte band in judo, karate en lijf-aan-lijfgevecht, en behoorde tot Cuba's beste scherpschutters. Dankzij zijn vechtkunsten én zijn 'volledige toewijding aan de Revolutie' klom Sánchez op tot eerste lijfwacht van Fidel. Hij zou dat zeventien jaar blijven.

Hij hoorde de sterke verhalen uit Fidels mond talloze malen. En van 1977 tot 1994 registreerde hij dagelijks alle feitjes in een schrift: tijd van opstaan en vertrek, wat Fidel at, wat hij met wie besprak, naam en jaar van de fles wijn die hij opentrok, hoeveel en welke vis hij ving.

null Beeld afp
Beeld afp

Honderden van die schriften liggen in het Paleis van de Revolutie, samen met opnames van gesprekken die Fidel voerde en die hij standaard liet afluisteren. Een walhalla voor historici, dat vernietigd zal worden als het communisme ooit instort.

Damesbezoek
Hoe ziet een dag voor Fidel er uit in dat tijdperk? Castro gaat niet voor drie uur 's nachts slapen, staat om een uur of tien, elf op en begint zijn werkdag om twaalf uur. Voor het ontbijt neemt hij een kop thee, bouillon of melk. Eigen koeien leveren voor elk familielid een ander melkje, afhankelijk van hun wensen inzake zuurtegraad en smeuïgheid.

Bij de lunch neemt Fidel vissoep, 's avonds vis, kip of lam, beperkt rijst en bonen en vooral veel groenten. Het hele jaar door biologisch. Hij drinkt geen koffie maar eet wel de vijgenjam die Saddam Hoessein hem stuurt. Al het eten wordt getest voordat Castro ervan eet.

Als een van zijn vijf zonen - allen genoemd naar Alexander de Grote - hem wil spreken, loopt het verzoek via Dalía.

Castro kan, als een van de weinige Cubanen, geen salsa dansen, hij houdt niet van muziek. Damesbezoek ontvangt hij in zijn villa in de stad. Als Fidel 's avonds thuiskomt, geeft hij zijn kalasjnikov, die in de auto altijd tussen zijn voeten ligt, aan Dalía, die hem in de slaapkamer legt.

"Fidel verplaatst zich met minstens veertien lijfwachten in vier zwarte Mercedessen. Enkele beveiligers hebben zijn zeldzame bloedgroep A negatief. Voor ritten buiten Havana komt daar een auto bij met lijfarts, fotograaf en butler. Ook zit er een dubbelganger in het escorte", vertelt Sanchez.

Villa
De route wordt pas op het laatste moment bepaald, bij buitenlandse reizen worden boekingen op diverse plaatsen gemaakt, en eenmaal in de lucht vliegen er extra kisten mee zodat een vijand als de CIA nooit weet waar de echte Castro zich bevindt.

Voor een top van onafhankelijke landen in Zimbabwe in 1986 ging Sánchez als kwartiermaker vooruit met een koffertje met een kwart miljoen dollar, om in Harare een villa te kopen. Op de trip moest Fidels houten bed mee (let op: de sloffen aan de linkerkant). In buurland Zambia werden nieuwe auto's gekocht, Sánchez schat de kosten van de vijfdaagse reis op twee miljoen dollar.

Sánchez was als een gelovige in de hemel, zo dichtbij zijn held. Natuurlijk was het schokkend, zegt hij, het verschil te zien tussen de realiteit en wat het volk op de mouw werd gespeld. En ja, hij schrok in de Sovjet Unie van de armoede, terwijl daar de revolutie al zo lang gaande was.

Maar pas toen hij in de jaren tachtig in een van de vele afluistersessies een gesprek over drugshandel opving, vielen de schellen hem van de ogen. En toen Castro in 1989 zijn strijdmakker, de geliefde generaal Ochoa, daarvoor liet opdraaien en executeren, zag Sánchez eindelijk de waarheid.

Hij besloot die te negeren en werkte door. Maar toen in 1994 zijn broer naar de VS vluchtte, werd de trouwe Sánchez zelf slachtoffer van verdachtmakingen en roddel. Hij draaide twee jaar de cel in voor 'verraad'. "Het enige goede uit die tijd is dat ik besloot dit boek te schrijven", zegt hij nu.

Spion op elke hoek
Pas in 2008 lukte het hem Cuba te ontvluchten. Nu werkt Sánchez in Miami, als adviseur vip-beveiliging en politiek analist. "Ik had nooit wat te maken met de onderdrukking van het volk", verweert hij zich.

Hoe gaat het met Cuba verder als de broers Castro sterven? Sánchez lacht, want dat vraagt iedereen hem. De economie is grotendeels in handen van de generaals, de staatsveiligheidsdienst heeft op elke hoek een spion, armoede overheerst.

"Het volk heeft genoeg van het lijden. En niet alle Fidelistas zijn Raúlistas. Alles zal afhangen van het samenspel met de andere hoofdrolspelers: de traditionele communisten en de hoge militairen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden