Crisis voorbij? De veenbrand woedt nog

De euro is gered, jubelen beleggers. Maar burgers merken er weinig van, en Europese solidariteit is ver te zoeken. Spanjaarden die uit vuilnisbakken eten? Hadden ze maar eerder moeten hervormen, zei de overheidsdienaar uit een noordelijk Europees land, en hij prikte in zijn biefstuk.

'Mijn investerende ik zegt dat het ergste allang voorbij is." In het luxe ski-oord Davos constateerde topman Lloyd Blankfein van de Amerikaanse bank Goldman Sachs een maand geleden tevreden dat de grootste gevaren voor de wereldeconomie zijn afgewenteld. Vrij vertaald: de euro bestaat nog, de Amerikanen hebben toch een akkoord over de begroting kunnen sluiten. Kortom, er komen weer betere tijden aan.

Blankfein verwoordt het optimistische gezoem dat momenteel vooral over de Europese muntunie te horen is. De euro is gered. De Grieken blijven erbij. De rentes op Italiaanse en Spaanse obligaties zijn een eind gezakt. Niet alleen investeerders en beleggers zien het zonniger in. De voorzitter van de Europese Commissie, Jose Barroso, zei onlangs dat de 'existentiële bedreiging' van de euro overwonnen is. "In 2013 zal het niet de vraag zijn of de euro wel of niet zal imploderen", concludeerde hij opgelucht.

Er is dan ook het nodige gedaan. Met stip op nummer één in de top-tien van redders van de euro staat de Europese Centrale Bank. Met de mythische woorden dat de ECB 'alles' zal doen wat nodig is om de euro te behouden, heeft voorman Mario Draghi zich onsterfelijk gemaakt. Het was het gebaar waar de financiële markten eigenlijk al twee jaar op wachtten en dat een einde maakte aan de paniek afgelopen zomer. Tot dat moment was het de vraag of de ECB zijn potentiële macht als centrale bank echt zou gaan gebruiken. Zolang dat onduidelijk was, bleef er reden om te speculeren op de ondergang van landen. Toen het verlossende antwoord 'ja' was, kwamen de financiële markten tot rust. Alleen al de belofte om in te grijpen en staatsobligaties van probleemlanden op te kopen als de rente te veel stijgt, maakt dat het misschien nooit feitelijk hoeft te gebeuren. Draghi heeft zijn legendarische woorden tot nog toe niet hoeven uitvoeren.

Daarnaast heeft de eurozone de aanzet gegeven voor het vormen van een bankenunie. Ook dat is een vertrouwenwekkende stap, omdat die in de toekomst moet voorkomen dat slechte banken hele landen meetrekken in hun val. Verder zijn strengere begrotingsregels afgesproken en werkt de Europese Commissie aan afspraken om het economisch beleid van de verschillende landen beter op elkaar af te stemmen.

De muntunie lijkt zich zo langzaamaan te ontworstelen aan het lot dat vele muntunies in de geschiedenis beschoren was. Reden voor opgewektheid dus op de besneeuwde Zwitserse hellingen, en lang niet alleen van Lloyd Blankfein.

Maar in datzelfde Davos, waar jaarlijks regeringsleiders, topmensen uit het bedrijfsleven en wetenschappers bijeen komen tijdens het World Economic Forum, was ook een andere werkelijkheid waar te nemen. De bekende Amerikaanse econoom en Nobelprijswinnaar Joseph Stiglitz zag vooral een schokkend gebrek aan solidariteit binnen Europa.

In een opiniestuk doet Stiglitz verslag van een etentje waar hij aanzat. Een disgenoot waagde het te wijzen op het lot van de vele arme Spanjaarden die nu uit vuilnisbakken eten. Een 'hoge overheidsdienaar van een noordelijk Europees land' aan dezelfde tafel nam niet eens de moeite zijn vork neer te leggen na deze poging tot een gesprek. Hadden ze maar eerder moeten hervormen, was zijn korte antwoord, en hij prikte verder in zijn biefstuk.

Niet alleen tijdens het diner, ook in de talloze vergaderzaaltjes ontmoette Stiglitz deze houding. De verbazing van deze relatieve buitenstaander wijst op een fundamenteel probleem van de Europese muntunie. De acute crisis op de financiële markten mag voorbij zijn, onder die deken van kalmte woedt de veenbrand. De crisis voor de inwoners van de muntunie gaat nog een hele tijd duren en wordt voor velen alleen maar erger. De economie is in het laatste kwartaal van 2012 met 0,6 procent gekrompen, bleek vorige week uit de laatste, tegenvallende cijfers van het Europese bureau voor statistiek Eurostat. Zelfs de Duitse motor hapert en ook de grote Franse economie krimpt.

Komende vrijdag maakt de Europese Commissie de vooruitzichten voor de tweede helft van dit jaar bekend. Die zullen niet rooskleurig zijn, hintte commissaris voor begrotingszaken Olli Rehn vorige week al. Dat betekent dat landen als Spanje hun begrotingstekort weer niet voldoende terugdringen, maar ook Frankrijk zal de doelen niet halen. Dat levert weer nieuwe discussies op over nog hardere bezuinigingen.

Olli Rehn voelt dat al aankomen en stuurde vorige week, bij wijze van inleidende beschieting, een opmerkelijke brief naar de ministers van financiën. Kopietjes gingen naar de andere hoofdrolspelers in de crisis: Draghi van de ECB, Christine Lagarde van het Internationaal Monetair Fonds en nog zo wat kopstukken.

Rehn houdt in de brief een vurig pleidooi om het ingeslagen pad van 'begrotingsconsolidatie', oftewel bezuinigingen, niet te verlaten. De kritische discussie die het afgelopen jaar woedde over het negatieve effect van al die besparingen op de groei, kan hij daarbij missen als kiespijn. Hij wenst het er niet over te hebben. Zo'n discussie is 'niet behulpzaam', schrijft hij letterlijk.

Onderzoek van topeconoom Olivier Blanchard van het IMF naar de zogeheten 'begrotingsmultipliers', dat het debat afgelopen jaar op scherp zette, verwijst hij naar het rijk der fabelen. De strategie van bezuinigen en hervormen heeft het vertrouwen van de financiële markten teruggewonnen en dat is de reden voor de huidige rust in de eurozone, meent hij.

Met de huidige slechte groeicijfers - beter: krimpcijfers - is dit een riskante strategie. Nu alle landen tegelijk wegzakken, ook de grote, zal de economische groei niet op korte termijn als manna uit de hemel terugkeren. Het bewijs voor de stelling van Blanchard, dat besparen op dit moment juist groei kost, komt daarentegen wel bijna iedere week uit de lucht vallen. De staatsschuld van Spanje is in 2012 met 148 miljard euro toegenomen, meldde de Spaanse krant El País afgelopen weekend. Dat is de grootste stijging in één jaar ooit. Oftewel: de Spaanse schatkist zucht diep onder de recessie.

Terwijl de Duitsers, de Nederlanders en de Fransen de vuilnisbakken nog ongemoeid kunnen laten, is in Spanje de vraag hoeveel de mensen nog kunnen hebben. Sociale onrust en politiek extremisme nemen toe in de probleemlanden. Als er nergens substantiële groei is, ook niet in het noorden, kunnen de Zuid-Europeanen zich nauwelijks uit de crisis exporteren. Concurrerender worden binnen de muntunie levert in deze situatie, zonder een eigen munt, veel pijn op. Lonen kunnen dalen en dat is ook gebeurd, maar daar zit een grens aan willen de binnenlandse bestedingen niet volledig inzakken.

De laatste besprekingen over de nieuwe begroting voor de Europese Unie, vorige week afgerond, geven weinig hoop op een andere uitweg. De landen begroeven zich in oude stellingen: lagere afdrachten en behoud van landbouwsubsidies. Een visie op hoe de Europese Unie zichzelf uit de crisis kan tillen, is er niet. Budgetten voor innovatie en kennis, die misschien uitzicht geven op economische groei, zijn afgeknepen.

Hoe optimistisch de 'investerende ikken' ook zijn, de crisis in de huizen van mensen is nog lang niet voorbij. Het slechte economische vooruitzicht zal de solidariteit binnen de muntunie, en daarmee de euro zelf, dit jaar op de proef stellen. Krijgt het zuiden toch meer lucht om de begrotingsdoelen te halen, dan zal in het noorden de steun voor Europa verder onder druk komen te staan. Dat kan de Duitse bondskanselier Angela Merkel niet gebruiken met verkiezingen in de herfst in het vooruitzicht. Als het bezuinigingspad niet verlaten wordt en economische herstel in de hele muntunie uitblijft dan zal de al hoge werkloosheid in de muntunie, nu bijna 12 procent, verder stijgen.

Deze klem zal de eurozone blijven beheersen. En dan zijn er nog wat hobbeltjes te nemen. Italië gaat naar de stembus dit weekend. De Spaanse premier Rajoy ligt onder vuur vanwege corruptie. Het IMF waarschuwt dat het met de bankenunie niet opschiet. Om er maar een paar te noemen. Het blijft dus doormodderen voorlopig.

Dreigende valutaoorlog
Als herstel van de economie niet op eigen kracht lukt, is er nog altijd een andere weg: devaluatie. De koers van de eigen munt laten zakken was voor landen als Griekenland in het verleden een beproefde methode om de concurrentie weer aan te kunnen en de groei aan te jagen.

Binnen een muntunie kan dat niet langer. Dat maakt de oplossing van de eurocrisis moeilijker en pijnlijker.

Maar de gezamenlijke euro, die afgelopen halfjaar zo'n 10 procent duurder werd, zou wel kunnen dalen. Dan kan in ieder geval de export naar landen buiten de eurozone aantrekken.

Daar bewust op aankoersen is echter taboe, als het om de grote economische blokken in de wereld gaat. Vorige week ontstond gedoe omdat de Japanners met opzet leken aan te sturen op een lagere waarde van de yen en zo een valutaoorlog dreigden te ontketenen. De G20, de club van de twintig grootste economieën, verklaarde afgelopen weekend onmiddellijk streng dat landen geen exportpolitiek met hun munt mogen bedrijven.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden