Crisis bij Nederlands elftal is dieper dan die van jaren tachtig

Davy Pröpper, goed voor twee doelpunten tegen Bulgarije, wordt gadegeslagen door Georgi Kostadinov.Beeld Photo News

Na het missen van het EK 2016 kan Oranje nauwelijks meer aan uitschakeling voor het WK 2018 ontkomen. Hoe een chronisch verdeeld voetballand verdwaalde in de woestijn.

Een pyrrusoverwinning, dat kon er nog wel bij in de duisternis voor het Nederlandse voetbal. Bulgarije werd vanavond verslagen (3-1), maar de achtste speelronde in groep A was, na het missen van het EK 2016, die van de officieuze uitschakeling van Oranje voor het WK 2018.

Concurrent Zweden verdubbelde zijn voorsprong in doelsaldo en kan die cijfers tegen Luxemburg verfraaien of consolideren. Zweden zou zich dan op de slotdag een draaglijke nederlaag tegen Oranje kunnen permitteren, en als Oranje eerder niet van Wit-Rusland wint doet het er al helemaal niet meer toe.

Zand in de ogen

O, wat heeft Louis van Gaal de realiteit na het al mislukte EK 2012 verdoezeld op het WK 2014. Welk een zand heeft hij niet in ogen gestrooid door een al mager Oranje met een behoudende speelwijze naar de derde plaats te leiden. Een mooi toernooi? Het is een funest toernooi gebleken voor het Nederlandse voetbal dat niets zo goed kan als dat: zich zand in de ogen laten strooien. Van Gaal kon moeilijk het signaal afgeven om zo voorlopig verder te gaan: duidelijk genoeg was dat hij op dat WK tegen zijn diepste overtuigingen in had gehandeld.

Het had ook niet kunnen helpen, zo’n signaal. Na hem kwam Guus Hiddink, geen vriend. Hij wilde het anders doen: in het Nederlandse voetbal weet de een het altijd wel weer beter dan de ander. Oranje verzandde aan Hiddinks trillende hand in tactische bandeloosheid. Hoe diepgeworteld het DNA van de ‘Hollandse school’ is, toonde daarna Danny Blind. In het geloof dat het op onze manier nog moet kunnen, formeerde de ras-Ajacied opstellingen waarin was uit te tekenen waar de gaten zouden vallen.

Twee jaar geleden werd Oranje in zo’n open huis-samenstelling gefileerd door Turkije (3-0). Analist Aad de Mos keerde zich op prikkelende wijze tegen het orthodoxe 4-3-3-systeem, waaraan Nederland met te vaak matige vleugels maar vasthield. “We zijn in de maling genomen door Cruijff”, zei hij. Cruijff had zelf in feite nooit in dat systeem gespeeld, bedoelde De Mos: Cruijff was niet een van de drie aanvallers, maar de vierde middenvelder. “Van Gaal heeft er later Playstation-voetbal van gemaakt”, zei De Mos ook nog. Tegen Ajax kon hij zijn spelers als trainer precies laten zien waar de passes heen zouden gaan.

Ach ja, De Mos, is dan gauw de Nederlandse reactie. Natuurlijk, ook hij slaat de plank weleens mis, wie niet, en het mag oneerbiedig aanvoelen om ermee in te stemmen, maar zijn dit in de kern onzinnige observaties?

Ontwikkeling

Het voetbal evolueerde in het buitenland: fysieke en atletische inhoud werd aan techniek gekoppeld, vaste lijnen werden losgelaten. Duitsland werd wereldkampioen zonder een centrumspits, Spanje stelt er geen op, overal dwarrelen spelers door elkaar heen, ze staan niet meer op posities. In Nederland moeten we een spits hebben, denken we, al is het een club­reserve. Een doorgewinterde coach toch als Dick Advocaat stelt de ongepolijste Vincent Janssen doodgemoedereerd op tegen het oersterke Frankrijk, in een broze 4-3-3.

Is Nederland terug in de jaren tachtig, waarin twee WK’s (1982, 1986) en een EK (1984) werden gemist? Nee, deze crisis is werkelijk dieper. Toen gloorden grote talenten: Ruud Gullit, Marco van Basten, Frank Rijkaard, de Europese kampioenen van 1988. Nu brengt Nederland al langer niets bijzonders voort. Nederland mag zich graag een opleidingsland noemen. Ook weer zand in de ogen: er wordt niet met hogere normen opgeleid. Kijk waar de spelers in het buitenland terechtkomen, hoe ze zich daar handhaven.

Er is gesproken over het Nederlandse voetbal, op een congres eind 2014. Mede door in het buitenland gevormde oud-voetballers werd gepleit voor meer internationale accenten. De KNVB maakte er een rapport van. Zie dat in Nederland maar eens uitgevoerd te krijgen. Altijd steigert er wel iemand. Woorden als weerbaarheid en mentaliteit, waaraan we zouden moeten winnen, roepen de karikaturale vrees op dat we ‘werkvoetbal’ zouden moeten gaan spelen en dat we dan niet meer trouw zouden zijn aan onze identiteit – de identiteit van de ook op clubniveau diep gedaalde nummer 36 van de wereld.

Er is gesproken over een andere competitieopzet. In België werd in 2009 (ja, acht jaar geleden) een play-offsysteem ingevoerd, met meer nationale topwedstrijden. Het land kwam in de loop der jaren de toptien van Europa binnen. In Nederland steigert er altijd wel iemand. De eredivisie, die schrale competitie, moet blijven wat die is. Wij gaan toch niet naar een land als België kijken? En wie kan glashard bewijzen dat ze door die play-offs nu al behoorlijk boven ons staan, niemand toch?

Zo draaide de cirkel door. Als technisch directeur van de KNVB zei Hans van Breukelen dit allemaal: meer inhoud, weerbaarheid, kijken naar het buitenland. Hij werd weggepest. Een nieuwe technisch directeur is er nog niet. Als die er komt, zal er altijd weer iemand steigeren. We zijn eigenwijs, zei Aad de Mos ook, twee jaar geleden. “Het is maar de vraag of kijken naar het buitenland dan kan helpen.”

Dat was een heel rake. Voetballand Nederland moet vrezen dat de tocht door de woestijn nog maar net is begonnen.

Nederland - Bulgarije 3-1 (1-0)

Een tekort aan finesse

Bondscoach Advocaat passeerde vandaag Sneijder en bekrachtigde daarmee het afscheid van een generatie. Even pijnlijk was dat tegen Bulgarije in de Arena werd bevestigd hoe ontoereikend de kwaliteit erachter is, nadat Sneijders vervanger Pröpper nog vroeg had gescoord (1-0).

Wijnaldum maakte op het middenveld weer zijn gekende foutjes in Oranje, Vilhena en ook Pröpper toonden er een tekort aan finesse, de verdedigers Hoedt en Tete leverden pardoes de bal in, doelman Cillessen schoot hem soms ogenschijnlijk zonder idee over de zijlijn, spits Janssen speelde als een veredelde amateur. Kostadinov kopte de bal op de paal, na een aanval waarmee Oranje door de modale Bulgaren toch was opengereten.

Kort nadat het na rust dan toch 2-0 was geworden (Robben gleed de bal binnen na een voorzet van Blind), was het tekenend genoeg alweer 2-1. Kostadinov schampte een vrije trap van Popov. Pröpper maakte er na een voorzet van Promes nog 3-1 van. “Ik denk niet dat we veel beter kunnen spelen”, zei Advocaat. Hij sprak zichzelf moed in. “Wat Zweden kan, vier keer scoren tegen Wit-Rusland, kunnen wij toch ook?”

Lees ook: Bespiegelingen bij een vervagende generatie Oranje-spelers

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden