Essay

'Criminele verslaafden verdienen niet in de eerste plaats zorg, maar een celstraf'

Dakloze in zijn tijdelijke slaapplekBeeld AFP

Verslaving is geen stoornis, maar een keus, vindt rechter Rinus Otte. Hij pleit voor eerherstel van de celstraf. Want verslaafden die crimineel gedrag vertonen, verdienen niet in de eerste plaats zorg, maar straf.

Een ernstig verslaafd mens is vaak een gekweld mens die zich regelmatig schuldig maakt aan verwervingscriminaliteit, zoals een inbraak om heroïne te kopen. Meer dan de helft van de gevangenen kampt met verslavingsproblemen. Zijn ze verantwoordelijk voor hun verslaving?

Waarom straffen?
Veel psychiaters en psychologen vinden dat een verslaafde geen vrije keuze heeft, verslaving is een stoornis. Waarom zou je dan straf opleggen als iemand het niet kan helpen? De hulpeloze moet geholpen worden en dan wordt de samenleving gevrijwaard van nieuwe misdrijven. Het klinkt zo simpel, maar het is het niet.

Al was het maar omdat je, als je de vraag naar verslaving en schuld voorlegt aan zes psychiaters, je evenzoveel uiteenlopende antwoorden krijgt. Dit kippenhok aan meningen verraadt hun grote verdeeldheid. Wat zij vertolken zijn wisselende opvattingen over maatschappelijk gedrag.

Ik hecht niet veel betekenis aan de 'wereldorganisatie van psychiaters en psychologen' met hun dsm-4 (het handboek met stoornissen, dsm-5 is in de maak) die verslaving als stoornis aanmerkt. Ook heb ik weinig op met de vele deskundigen die verslaving als medisch probleem kwalificeren.

Daar komt bij dat de stelling 'een verslaafde heeft geen vrije wil' nogal een statement is - dat het strafrecht raakt. Zonder keuzevrijheid geen schuld. Als jurist ben ik niet zo overtuigd van de verminderde toerekeningsvatbaarheid door verslaving. Want verslaafden grijpen steeds opnieuw naar de dope of de drank, en ze zoeken telkens dezelfde verkeerde vrienden op. Dat is keer op keer een keus tussen omkeer of doorgaan met verslavingsgedrag. Daarop berust de juridische culpa in causa-constructie. Niemand dient verslaafden drank of dope onder dwang toe, ze nemen zelf fles na fles en spuit na spuit ter hand. Dat de verslaafde strafbaar is, komt doordat we hem kunnen aanspreken op zijn verleden. Toen heeft hij welbewust zijn verslavingspatroon versterkt en voortgezet. Dus is nú het (door hem vaak ontkende) opzet eenvoudiger te bewijzen, en de keuze voor het misdrijf strafbaar.

We moeten durven vaststellen dat uitsluitend de rechter schuld en de daarbij passende sanctie mag bepalen, niet de 'deskundigen' met hun particuliere mening. Veel van hen hebben een al te optimistisch mensbeeld.

Geen recht op geluk
Maar hoeveel desillusies moeten we nog verdragen voor we inzien dat de mens geen recht heeft op geluk, maar het recht om in vrijheid zijn eigen ongeluk te dragen? Als dat besef nog eens doorbreekt bij zielzorgers en bij rechters, dan kunnen we ook weer aandacht besteden aan de positieve kanten van de vrijheidsstraf.

Juristen en gedragsdeskundigen betogen regelmatig dat de vrijheidsstraf funest uitpakt voor de persoonlijkheid van de verslaafde. Ik heb dat ook lang gedacht, maar ik ben van gedachten veranderd.

Als de strafrechter van minder stoornissen hoeft uit te gaan, ziet hij een verdachte voor zich die in veel opzichten een gekneusde mens is. Het strafrechtsysteem wordt bevolkt door veel verslaafde en minder begaafde verdachten die een stuurloos bestaan leiden en ronddobberen in een even ongestructureerd netwerk van soortgenoten, vaak zonder huis, werk of relatie. Dan is een vrijheidsstraf soms een blessing in disguise: de rechter ontneemt de verdachte de vrijheid om zijn leven in de reguliere samenleving door te brengen, en biedt door een verblijf in de gevangenis de structuur die veel veroordeelden zo node missen. De gevangenis kent een heldere dagindeling en heeft een programma dat zich richt op een basale vorm van samenleven.

Mijn groeiende voorkeur voor straffen en mijn groeiende afkeer van behandelen heeft van doen met het besef dat je beperkte overheidsmiddelen beter kunt besteden aan een iets meer uitgebouwd gevangenisregiem dan aan de vele forensische ambulante programma's. Die stoelen op een behandel- en conditioneringsaanbod dat te veel verwacht van de mogelijkheden die veroordeelden hebben om zich aan een 'gewoon' leefpatroon aan te passen. Dan kun je beter (en goedkoper) gevangenispsychiaters inschakelen om basale zorg te bieden en de ergste psychische nood te lenigen.

Sociaal probleem niet medicaliseren
Mijn belangrijkste punt is dat we een sociaal probleem niet direct moeten medicaliseren en een medisch probleem niet te snel moeten psychologiseren. We dienen verslaafden hulp en steun te bieden om ze 'in hun eigen kracht te zetten'. Dat kan inhouden dat de samenleving de verliezer soms moet loslaten om op zijn eigen minieme kracht te teren, ook als dat een verlorene oplevert.

Is dat niet harteloos? Joop den Uyl zei ten tijde van de oliecrisis dat het vroegere Nederland voorbij was. Ik zeg hetzelfde over ons land met zijn steeds groeiende zorgbudgetten - dat komt nooit meer terug. De welvaart zal lang niet meer zijn zoals we dat hopen of pretenderen. Onze samenleving ontwikkelt zich in 'Amerikaanse' richting, waarin mensen aan hun lot moeten worden overgelaten. Over enkele decennia verblijven er meer zwervers op straat - en daar voelen we ons dan minder schuldig over dan we nu doen. Dat moeten we aanvaarden, want een publiek vangnet van de huidige omvang kunnen we niet meer betalen. En als er dan geen particuliere en familiale zorg is, moeten we ook accepteren dat slechts het strafrecht als laatste vangnet zal functioneren om verslaafde misdadigers tijdelijk te corrigeren door ze hun vrijheid te ontnemen. Bovenal moeten we de pretenties en de grote woorden vanuit de zorgsector mijden, anders kunnen we over deze problemen geen zakelijk debat meer voeren. Ik noem twee voorbeelden van die grote woorden.

In mei van dit jaar zag ik op het journaal de directeur van een hulpinstelling vertellen dat de eigen zorgbijdrage mensen zou afschrikken om voor behandeling in aanmerking te komen. Dat zou leiden tot zeer riskante situaties. Tsja. Ik weet het niet. Zodra een 'product', of dit nu de forensische zorg, de rechtspraak of het onderwijs betreft, enige financiële korting oploopt, is het land volgens de belanghebbenden altijd in gevaar.

Een tweede voorbeeld van 'grootspraak' is het motto van een verslavingsinstelling in Utrecht: 'Win jezelf terug'. Klinkt aanstekelijk: de verslaafde die zich terugvecht naar een normaal gedragsrepertoire met een normaal werk- en leefritme, onder levenslange begeleiding van de zorginstelling. Wie kan daar nu tegen zijn?

Het motto 'Win jezelf terug' is onbarmhartig
Begrijp me niet verkeerd: ik vind dat de verslavingszorg veel goed werk verzet. Maar hoe verhoudt zich dat hoge doel tot de doorsnee capaciteit van de verslaafde mens? Ik vind het motto 'Win jezelf terug' voor verslaafden goedbedoeld, maar onbarmhartig. Het legt de lat te hoog en sluit de ogen voor de gebroken mens die wij allen zijn. 'Win jezelf terug' biedt geen broodnodige steun in de rug, maar werkt averechts omdat het onhaalbaar is. Want welk 'zelf' valt er voor veel verslaafden te herwinnen? Hun levens zijn vaak een opeenstapeling van verloren hoop en gebroken beloftes. Als de doelen minder hoogdravend zijn, nekken ze de verslaafde niet. Zijn gevangenisstraf wordt er draaglijker van en het leven buiten de gevangenis niet een continue hordenloop.

Ik zie steeds minder de brede vergezichten van de verslavinginstelling voor me, maar een smallere weg naar herstel van een normaler verwachtingspatroon. De inzet van de Utrechtse verslavingsinstelling lijkt humaan maar vergt een enorme investering. Los van financiële luchtfietserij is het ook gevaarlijk te menen dat we grote categorieën verslaafden in de zorg opgesloten (moeten) laten.

De hulpmarkt creëert daarmee niet alleen veel forensische werkgelegenheid, ze schept bovendien een leger van patiënten. Die worden niet verantwoordelijk gesteld voor hun misdragingen, want ze zijn 'zieke' burgers die zich kunnen opsluiten in hun 'ziekte'.

Onmondig en afhankelijk gemaakt leven zij verder buiten de samenleving of onder de strikte hoede van de hulpverlening.

Beperkte maakbaarheid van mens en samenleving
Ik vind dat we ons maatschappij-, mens- en straatbeeld beter kunnen toesnijden op de beperkte maakbaarheid van mens en samenleving, zeker nu het overheidsbudget voor zeer lange tijd beperkt zal zijn. Daar past een herwaardering bij van de klassieke celstraf die niet pretendeert mensen te helpen. Mensen kunnen alleen zichzelf helpen en als dit niet lukt, moeten we treuren om het afglijden van een medemens, maar niet meer dan dat.

Ik pleit voor een realistischer perspectief. Binnen het strafrechtelijk kader is soms geen zorg mogelijk, we moeten accepteren dat bekommerden en verloederden niet altijd in een strafrechtelijke zorginstelling kunnen zitten.

Het wordt tijd dat we rekening houden met de dynamiek van het bestaan, waarin mensen gebrekkig blijven. Ze hoeven niet per se af te kicken en hun behandelaars en juristen mogen afzien van het ideaal dat een verslaafde veroordeelde en terbeschikkinggestelde van zijn verslaving af moet wezen voor hij weer vrijuit kan deelnemen aan de samenleving. Bij minder naïeve - en minder kostbare - hoop is het onontkoombaar dat we meer zwervers krijgen, en dat die bij recidive van strafbare feiten ouderwets worden opgesloten in een gevangenis. Binnen die gevangenis krijgen grensoverschrijdende gevallen structuur aangeboden. Dat kan hulp inhouden, maar dan wel als onderdeel van detentie - vergelding en de vrijheidsstraf staan voorop, de forensische hulp kan een onderdeel van de straf vormen.

We kunnen er niet omheen dat veel veroordeelde verslaafden in een leefwereld terugkeren die criminaliteit bevordert. Zolang we ze geen nieuwe baan, nieuwe woonwijk, nieuwe familie en vrienden kunnen geven, geen geluk of zinvol geloof of kerkgang, moeten we de normen lager stellen. Juristen en gedragsdeskundigen kunnen geen nieuwe hemel en aarde scheppen, daarvoor hebben we theologen nodig - en die zullen melden dat je daarvoor bij de Schepper moet zijn.

We kunnen niet anders dan een aarde scheppen met alle schepsels die al sinds mensenheugenis een mensengemeenschap uitmaken: mensen die elkaar last bezorgen en schade berokkenen. In uitzonderlijke omstandigheden verdienen deze mensen geen straf maar behandeling. In veel situaties verdienen zij straf met een zorgcomponent. Bij de rest is louter straf op zijn plaats - en straf is niet iets om een afkeer van te hebben. Want er is toch niets mis met het uitdelen van straf? Dat is zelfs eigen aan mensen. Maar binnen ons systeem mogen we dat alleen overlaten aan juristen, niet aan psychiater en psycholoog.

Dit is een bekorte lezing die Rinus Otte op 28 november hield op het congres Verslaving en TBS. De integrale tekst is te lezen op het blog www.Ivorentoga.nl.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden