COX HABBEMA

“Vroeger op straat zeiden ze: de kinderen Habbema zijn prima, maar dat meisje is net een jongetje en die jongetjes zijn net meisjes. Mijn broers waren zoveel zachter dan ik.” Cox Habbema werd opgevoed door haar vader die tijdens de oorlog uit de trein naar Duitsland ontsnapte, onderdook en zijn studie misliep. Haar moeder verdiende de kost in de horeca. “Haren kammen, kamer opruimen en knietjes netjes bij elkaar houden, dat was niet aan de orde thuis.”

Tussen het kind op straat en de vrouw die net begonnen is als hoofd drama van productiebedrijf IDtv, zit een bewogen carrière. Habbema was onder meer directeur van de Amsterdamse Stadsschouwburg, filmster in de voormalige DDR, model bij Alexandre in Parijs en actrice in het Berlijnse Deutsche Theater. Ze is nog maar net begonnen in het riante kantoor van IDtv met uitzicht op het Amstel Hotel. Ze werd door directeur Harry de Winter ingehuurd om voor continuïteit op het gebied van drama te zorgen. Met andere woorden: de serie 'Pleidooi', waar IDtv zoveel eer mee inlegde, moet opvolgers krijgen.

Cox Habbema “Ik denk dat het vak drama op televisie hetzelfde is als op toneel. Geld speelt een hele grote rol. Theater zoals ik het maakte werd vergaand gesubsidieerd door de overheid. Dat is niet ideaal. Ik vind dat de klanten mooi moeten vinden wat je maakt. Ik denk dat je een aantal jaren van je leven hebt waarin je op de lijn van het publiek ligt. Ik hoop dat dat nu ook zo is. Door mijn ervaring met theater kan ik een draaiboek lezen en weet dan waarom het wel of niet goed is.”

“'Pleidooi' was een mooi, kwalitatief product, maar heeft IDtv geen geld opgeleverd. Het werd te duur gemaakt. Wij draaien in Nederland nog steeds draaiboek na draaiboek, script na script. Terwijl ik in Duitsland al jaren draaide met scripts door elkaar. Op de set doe je als acteur eerst een stukje aflevering zes, dan krijg je een andere jas en schoenen en doe je een stukje uit aflevering tien. Dat is veel goedkoper. Daarbij wordt hier veel op film opgenomen, en dat is heel duur.”

“We draaien nu 'Oud geld'. Er werken 110 mensen aan mee. Voor zo'n hoogwaardige serie moet je vaak met groot geweld op zoek naar iemand in het buitenland met wie je kunt draaien. De omroepen hebben weinig geld op dit moment. De uitdaging is een 'Pleidooi' te maken zonder over het budget heen te gaan.”

Zit er wat dat betreft toekomst in de samenwerking die De Winter is aangegaan met het Britse mediaconcern de Chrysalis groep?

Habbema: “Nee, dat geloof ik niet. Die Engelsen zijn ook zo vervelend goed. Wij hebben wel behoefte aan hun ervaring, maar hebben zij ook behoefte aan ons? Soms draaien ze even iets en dan helpen we ze.”

Officieel is ze ook nog twee dagen in dienst als directeur van de Amsterdamse Stadsschouwburg tot 1 januari.

Habbema: “Iedereen wil maar van me weten waar de grens voor mij ligt. Theater is hogere cultuur en televisie de lagere, zo ligt het een beetje, zeggen ze. Maar er is alleen goede en slechte tv. IDtv maakt 'De Wallen op stap' en daar wil men nu vaak mijn mening over weten. Maar ik maak dat programma niet. Ik heb er ook niet zo'n vreselijke moeite mee dat de wereld is zoals die is. Binnen dat kader kun je een heleboel doen. En ik kan het toch ook niet helpen dat mannen zo nodig naar de Wallen moeten? Mijn grens ligt eerder op een politiek terrein dan op een seksueel terrein. Seks is een normaal onderdeel van het leven, hoewel ik persoonlijk vind dat ze overdrijven.”

Wil je graag werken voor de commerciële zenders?

“Natuurlijk. Ook dat is een kwestie van geld. Tot nu toe geven ze het er niet aan uit. Maar iedereen heeft toch een stiekeme hang naar de hogere cultuur en daar ben ik goed in. Dus ik heb al tegen Fons van Westerloo gezegd, dat als hij met zijn SBS 6 ooit voorbij de porno is, we graag iets voor hem maken.”

Waarom moeten mensen naar de televisie kijken?

Habbema: “Ik weet het niet. Ik kijk zelf nooit televisie, want ik verveel me nooit. Maar ik denk dat veel mensen zich vervelen en daarom naar de televisie kijken. Ik kijk natuurlijk nu wel gericht naar dingen die ik in deze functie moet zien. Er lopen allemaal dramaturgen rond hier en die vertellen me wel waar ik naar moet kijken. Maar ik zap niet. Ik zie geen onzinprogramma's. Ik vind ook niet dat dat moet. Dat is mijn vak niet. Er is een Amerikaan die allemaal grote televisieprijzen wint in Amerika en die kijkt ook nooit.”

“Ik heb bijvoorbeeld helemaal geen gevoel voor de Nederlandse humor. Ik vind die buitengewoon vet. Maar ik merk om mij heen dat mensen aan die vorm van humor gewend zijn en dan denk ik dat ik daar wel rekening mee moet houden. Maar ik denk ook dat het veel beter kan. Als je een tekst neemt die op papier leuk is, gaat de acteur zich voegen naar de tekst. Die gaat leuk doen op zijn Nederlands. Engelse humor is gebaseerd op een tekst die niet zo leuk is, maar wel merkwaardig en daar kan een goede acteur iets leuks mee doen. En goede acteurs zijn er wel in Nederland.”

Hoe ervaar je het zelf nu je steeds meer achter de schermen bent gaan werken?

“Nou, je moet mij niet al te veel achter de schermen duwen, want dan word ik heel prikkelbaar. Dus in de schouwburg had ik wel altijd mee willen spelen en erbij zijn, mee discussiëren. Niet meer zelf in beeld zijn is een neveneffect van een functie als deze. Maar in de eerste vijf jaar van mijn schouwburgtijd ben ik nog lid geweest van het Deutsche Theater. Dan vloog ik vrijdagnacht naar Berlijn, speelde drie voorstellingen en kwam maandagochtend met de nachttrein, uitgeput maar vrolijk, weer terug. Ik vind spelen leuk, maar gelegenheid geven vind ik een wezenlijk onderdeel van wat ik wil doen.”

“Ik ben begonnen met mijn uiterlijk. Ik zag er goed uit en daar kon je geld mee verdienen. Ik begon modeshows te lopen toen Twiggy net uitraakte en het 'gezicht met boezem' weer mocht. Voor mij was dat een gat in de markt. Ik heb zelfs in Parijs gewerkt, als kappersmodel bij Alexandre. Die zocht persoonlijkheden.”

“Ik vond het leuk en makkelijk, en ik was er bang voor. Ik vond het erg griezelig om je leven te zetten op je uiterlijk. Ik heb ook altijd geprobeerd me quasi op mijn intelligentie terug te trekken. Ik vind leren leuk. In mijn schouwburgtijd heb ik zelfs een brandweercursus gedaan en ik vind ook dat iedereen EHBO moet leren.”

“Ik ben gaan studeren met het geld dat ik als model verdiende. Ik durfde niet naar de toneelschool. Mijn hele klas van het Barlaeus-gymnasium deed toelatingsexamen voor de toneelschool en ze werden allemaal afgewezen. Dus ik durfde niet en ging maar keurig studeren. Dat werd erg gestimuleerd thuis. Er werd vanzelfsprekend over gepraat waar je als meisje je geld mee ging verdienen. Ik ging rechten, geschiedenis èn Nederlands studeren. Daar liep ik tegen het studententoneel op en toen heb ik toch toelatingsexamen voor de toneelschool gedaan. Ank van der Moer zat in de zaal en de grote trots van mijn leven is dat ze moest lachen om wat ik deed. Ik werd aangenomen.”

Na de opleiding vertrok ze direct naar Oost-Duitsland, trouwde er met acteur Eberhard Esche en werkte op het toneel en voor de camera. Ze werd een begeerd 'filmsterrenplaatje' en bleef opvallen tot in Nederland.

“Ik weet dat ik opval. Ik denk dat ik vaak net een beetje voor lig op de tijd. Je hebt van die dingen, die komen eraan en ik strompelde dan al naar voren. Ik kon dingen niet goed die andere mensen wel konden. Gewoon getrouwd zijn, je netjes gedragen, niet opvallen. Ik werd ook op school voortdurend de klas uitgestuurd. Waarom dan? Ja, je gezicht bevalt me niet, zeiden ze. Dan zat ik blijkbaar smoelen te trekken, maar dat weet ik dan niet.”

“Op mijn elfde was er een toneelstukje op school met kerst. Dat wil ik ook, dacht ik. Wie wil er nog solliciteren naar deze rol, werd er op een gegeven moment gevraagd. 'Cox steekt haar vinger op', klikten de kinderen. Ik kreeg de rol en had nog wekenlang een schuldgevoel tegenover het andere meisje, dat 'm eerst zou krijgen. Ik wou alleen maar meedoen.” Het toneelstukje haalde de kranten, net als de eerste vrouwelijke schoolagenda die ze op het lyceum maakte.

Wat kunnen vrouwen van jou leren?

“Dit is voor het eerst dat ik met vrouwen werk. In mijn privéleven zijn vrouwen wel altijd heel belangrijk geweest en ben ik heel eenkennig wat mannen betreft. Ik ben een beetje een sukkeltje hoor. Maar als vrouwen tegen mij zeggen hoe durf je zo'n leven te leiden, dan denk ik: hoe durf jij jouw leven zó te leiden, emotioneel en financieel zo afhankelijk te zijn van een man? Waarom durf je niet te werken? Waarom durf je niet je eigen geld te verdienen? Als je om je heen ziet dat zoveel huwelijken mislukken... Ik vond wat zij deden veel griezeliger. Verder praat ik gewoon altijd voor mijn beurt.”

“Ik denk ook dat ik een van de weinige mensen ben die alsmaar gelukkiger worden naarmate ze ouder worden. Ik vond jong zijn moeilijk en ingewikkeld. Ik vond het uiterlijk ingewikkeld en het contact met mannen ook. In werksituaties niet. Mannen zijn eerlijker. Vrouwen zenden dubbele boodschappen uit en zeggen vaak niet wat ze denken. Vrouwen zeuren iets meer om anderen verantwoordelijker te maken. In plaats van de knoop door te hakken en te zien waar je uitkomt. Ik zeg altijd: iedere beslissing is goed, als je maar een beslissing neemt. Ik ben met het ouder worden ook gezonder geworden.”

“Een paar jaar geleden ben ik opnieuw getrouwd en nu ben ik zo heel ordinair gelukkig. Kinderen krijgen is om een aantal redenen niet gelukt. Dat is een verdriet, maar ik erfde altijd wel kinderen van partners. Dat is een groot voordeel van deze moderne tijd. Ik heb een kind in Oost-Duitsland en mijn huidige man heeft ook een reeks kinderen en zelfs kleinkinderen.”

Terug naar de afdeling drama. In haar kantoor komen collega's binnenlopen om hun mening te geven over de grote NCRV-serie 'In naam der koningin'. IDtv had met de productie geen bemoeienis en er is kritiek.

Habbema: “Het maken van televisietheater is een langzaam proces. Er is een lange voorbereiding nodig en wij zullen snel aan het werk moeten. Wij scoren nu heel leuk met dingen als 'Twaalf steden, dertien ongelukken' en 'Hete vuren' van nieuwe schrijvers en regisseurs. Dat is een soort intern opleidingsinstituut.”

Zijn Harry de Winter en jij geen twee kapiteins op een schip?

“Nee, ik accepteer dat hij de baas is. Het is zijn bedrijf en als hij tegen me gaat vloeken, ga ik een deur verder. Iedere directeur bevecht een beetje zijn eigen management, maar als we dat nou allemaal accepteren, dan blijft het leefbaar.”

“Dit is een tijd waarin grote machtsstrijden worden uitgevochten in de media. In zo'n tijd vind ik het heerlijk om weer wat met televisie te doen. We draaien nu een hele grote serie voor de Avro. Die durven wat. Maar de commerciëlen komen ook wel.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden