Convenant tegen ritueel slachten is gemiste kans

Het compromis van staatssecretaris Bleker stoelt op onbewezen aannames en beschermt het dier niet tegen onnodig lijden.

Iedereen heeft in Nederland het grondwettelijk recht de eigen religie als de hoogste waarheid te beschouwen, maar aan manifestaties van die godsdienstige opvattingen kan en mag de overheid beperkingen stellen, zeker waar die in strijd zijn met de algemene opvattingen. In ons land is duidelijk geen draagvlak voor het toestaan van religieuze riten die van duizenden jaren her stammen, en die naar de vandaag geldende normen onaanvaardbaar dierenleed met zich meebrengen.

Dinsdag behandelt de Eerste Kamer het wetsvoorstel om het onverdoofd slachten in Nederland te verbieden. De Tweede Kamer nam vorig jaar ons wetsvoorstel met een overweldigende meerderheid aan.

Voordat de Eerste Kamer zich over het wetsvoorstel kon uitspreken, kwam staatssecretaris Bleker van landbouw afgelopen december met een voorstel tot een convenant, een voorstel waarmee hij partijen tot elkaar meende te kunnen brengen. Enerzijds met begrip voor tradities uit de tijd dat er nog geen deugdelijke verdovingsmethoden bestonden en zowel joden als islamieten zich bedienden van voor die tijd adequate dodingmethoden van dieren. Anderzijds met respect voor de morele en ethische opvattingen van de 21ste eeuw, die zich niet verdragen met onnodig dierenleed.

Hoewel er al tientallen jaren met religieuze organisaties werd gesproken over het toepassen van moderne slachtmethoden waarbij dieren niet onnodig lijden, was er lang geen enkel draagvlak binnen de religieuze gemeenschap om te komen tot aanpassingen. Maar als gevolg van ons wetsvoorstel bundelden joden en moslims de krachten. Daarin zag Bleker mogelijkheden om te komen tot een vrijwillige verbetering van de gangbare slachtpraktijk.

Tijdens de behandeling in de Tweede Kamer diende CDA-Kamerlid Ormel een amendement in als mogelijk compromis. Daarin stond dat dieren onverdoofd geslacht zouden mogen worden, onder voorbehoud dat het lijden van het dier na de halssnede, niet langer dan 45 seconden zou mogen duren. Anders zou het dier door een dierenarts uit z'n lijden moeten worden verlost. Het voorstel werd verworpen.

Bij zijn aankondiging van het convenant eind vorig jaar wekte de staatssecretaris de indruk alleen onverdoofde slacht toe te willen staan voor in Nederland actieve religieuze groepen en niet voor export. Het deze week door Bleker gepresenteerde convenant blijkt echter een vrijwel exacte kopie van het verworpen CDA-amendement, met dien verstande dat de staatssecretaris het onaanvaardbaar lijden van de dieren heeft teruggebracht van 45 seconden naar 40 seconden. Voor die 40 secondentermijn is geen wetenschappelijke onderbouwing, noch is duidelijk hoe een dierenarts zonder geavanceerde medische apparatuur zou kunnen vaststellen of een dier nog bij bewustzijn is.

Verder is er nog steeds onenigheid tussen de religieuze groepen onderling, tussen de religieuze groepen en de begeleidingscommissie en haar voorzitter, en is in het convenant een zodanige vrijblijvendheid, dat de facto kan worden gesproken van een voortzetting van de huidige praktijk. Kortom, het biedt geen garantie voor het stoppen van onnodig dierenleed.

De Eerste Kamer kan het huidige voorstel aannemen, verwerpen of terugsturen naar de Tweede Kamer voor bijstelling. Wordt het onverhoopt verworpen, dan zal de Partij voor de Dieren met inachtneming van de in de senaat besproken bezwaren een nieuw wetsvoorstel indienen. Want de kans dat het convenant een serieus alternatief zou kunnen vormen, moet uitgesloten worden geacht.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden