’Consumenten hebben heel veel macht’

(Trouw) Beeld
(Trouw)

Katja Schuurman zette samen met de Hema het succesvolle project Return to sender op. „Op mijn reizen voor televisie zag ik zoveel armoede en ongelijkheid. Als je daar zo direct mee wordt geconfronteerd, moet je er wel iets mee doen, dat kan niet anders.”

Liefdadigheid? Nee, daar ziet ze niks in. „Mensen economisch onafhankelijk maken is volgens mij de beste manier om armoede te bestrijden.” En daarom zette Katja Schuurman (1975) het project ’Return to sender’ op. Ze straalt, want de producten die vorig jaar bij de Hema verkocht werden – tassen uit Cambodja, kerstversiering uit Brazilië, sjaals uit India – waren in korte tijd uitverkocht. Daarom liggen er dit jaar veel meer Return to sender spullen in de schappen. Haar project is een succes.

„Veel mensen denken: dat armoedeprobleem is zo groot, wat kan ik daar nou aan doen? Laat een ander het lekker oplossen. Maar de consument heeft heel veel macht. Je kunt het beleid van bedrijven bepalen door dingen wel of niet te kopen. Dan moeten fairtradeproducten natuurlijk wel mooi en leuk zijn.”

Er was aanvankelijk wel wat scepsis; weer een bekende Nederlander met een goed doel. En waarom sloot ze zich niet aan bij een bestaand initiatief? „Dat is een legitieme vraag. Maar we zijn geen goed doel. En we doen het echt anders dan andere organisaties. Mensen die voor ons werken krijgen niet alleen fatsoenlijk betaald, de winst die gemaakt wordt sturen we terug. Daarmee worden cursussen gefinancierd voor de arbeiders. Of een school voor hun kinderen.” Ze praat razendsnel en enthousiast. „De hele constructie die we hebben bedacht is een uniek concept. Er is een tv-programma waarin ik de projecten bezoek, we werken samen met het bedrijfsleven en we brengen de returngelden terug. Overigens werken we wel zoveel mogelijk samen met andere organisaties hoor, je moet elkaar niet in de weg gaan zitten.”

Schuurman heeft het van thuis meegekregen, dat je je moet inzetten voor een betere wereld. „Ik ben ooit begonnen aan een studie politicologie. Met het idee dat ik dan vast met geniale oplossingen zou komen voor de problemen in de wereld”, zegt ze met enige zelfspot. ’Goede tijden, slechte tijden’ kwam ertussen. En daarna muziek, films en televisie. „Voor mijn werk heb ik altijd veel gereisd en ik kwam op plekken waar ik veel armoede zag. Als je daar zo direct mee wordt geconfronteerd, kan het niet anders dan dat je denkt: daar zou ik iets mee moeten doen.” Vier jaar geleden in India nam ze het besluit om echt tot actie over te gaan. „Voor het programma ’BNN at work’ liep ik een dag mee met een vrouw uit de laagste kaste, een onaanraakbare. Het enige dat ze mocht doen was stront opruimen van andere mensen. Ik had al veel nare dingen gezien, maar dit sloeg echt alles. Ik heb ook poep opgeruimd, echt het goorste wat je je kunt bedenken. Die vrouw deed dat werk al haar hele leven, maar kon nog steeds niets eten voor ze ’s ochtends aan het werk ging. En hoe ze als vuil werd behandeld door andere mensen! Ik zag daar toen ook een project voor deze vrouwen. Sommigen waren al 70, hadden hun hele leven stront opgeruimd. Ze kregen de kans een vak te leren, werden voor vol aangezien. Het is ongelofelijk dat mensen na zo veel jaren uitzichtloosheid de kracht hebben om een uitgestoken hand te grijpen en iets nieuws te beginnen. Dat vind ik echt ontroerend.”

Toen ze in een tv-programma naast de directeur van de Hema zat, ging het balletje rollen. Ook verzekeraar Achmea en ontwikkelingsorganisatie Butterfly works sloten zich bij het project aan.

„Voor het tv-programma ben ik net in Marokko geweest. We gaan daar manden vandaan halen, gevlochten door vrouwen die in een groot gebied tussen Marrakesj en Casablanca wonen. Een enorm ingewikkelde logistiek. De Hema regelt dat allemaal. Zij kunnen dat. Ik vind het heel bijzonder dat ze dat doen, ze nemen echt een risico.”

Maar ook de producenten in de ontwikkelingslanden zetten veel op het spel, dat beseft ze heel goed. Dankzij de opdrachten van Return to sender kunnen ze hun bedrijfjes uitbouwen, en dat doen ze ook. „In Brazilië, waar vorig jaar heel succesvolle kerstversiering werd gemaakt, werkten eerst twintig vrouwen. Nu tweehonderd. En er is een nieuwe werkplaats gebouwd.

„Natuurlijk voel ik me heel erg verantwoordelijk. Als we dit maar één of twee jaar zouden doen, dan richten we meer kwaad dan goed aan. We willen continuïteit bieden.” Daarvoor worden de returngelden ingezet, afgelopen jaar in totaal 100.000 euro. „Een mooi voorbeeld is ons project in Kenia. Daar worden cursussen gegeven over productinnovatie. Dat stond nooit boven aan het prioriteitenlijstje van de mensen daar. Ze maken al jaren hetzelfde, kopiëren van elkaar. We leren ze nieuw design te maken. Ontwerpers en kunstenaars uit Nederland en Kenia geven workshops. Mensen moeten leren zich te laten inspireren door hun eigen omgeving, de natuur. Daar komen leuke, nieuwe producten uit voort. Producenten worden aangemoedigd ook andere opdrachtgevers te zoeken, zodat ze niet alleen van ons afhankelijk worden.”

Is er ook wel eens iets misgegaan? „Ja, in Peru hadden we last van een corrupte tussenpersoon. Daar hebben we een training opgezet, om te zorgen dat de mensen hun project zelf in handen kunnen nemen. We proberen ze voor een volgende collectie in te schakelen. Het krijgt altijd een vervolg.”

Eigenlijk is het een wonder, zegt ze, dat alle andere projecten meteen al goed lopen. Het enige dat haar op dit moment dwarszit, zijn de matige kijkcijfers voor het tv-programma. Return to sender wordt nu uitgezonden bij het commerciële Net 5. Vorig jaar, bij publieke omroep Llink, keken er veel meer mensen. Schuurman snapt het niet en het frustreert haar ook. „Het programma is heel mooi gemaakt en ik ben er zo trots op. Het is heel hoopvol, niet depressief, met al die stoere, bijzondere, dappere mensen.”

Ach, er wordt toch veel te veel belang gehecht aan kijkcijfers, vindt ze. Voldoening haalt ze uit andere dingen: „In Guatemala werken we met meisjes die een heel heftig verleden hebben, van geweld en misbruik. Ze komen binnen als hoopjes ellende , je zou ze bijna opgeven. Maar zo’n groep trekt zich aan elkaar op, ze leren een vak en gaan weer plannen voor het leven maken.”

Natuurlijk is wat ze doet een druppel op een gloeiende plaat, dat beseft ze ook wel. „Al worden we duizend keer zo groot, dan nog. Maar als je iemand tegenover je hebt die een bedrijfje kan beginnen, zijn kinderen naar school kan laten gaan, dan is het heel concreet.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden