Consulent helpt arts bij euthanasie over de brug

Wat te denken van consulenten die de Levenseindekliniek wil inzetten? Bert Ummelen en Jaap Schuurmans vinden dat een ongewenste ontwikkeling.

De Levenseindekliniek gooit het roer om. Zij gaat met een team consulenten artsen ondersteunen die terughoudend zijn bij het honoreren van euthanasieverzoeken. Hoe verhoudt zich dat tot de opvatting van minister Schippers (volksgezondheid) dat artsen 'zonder extra druk' hun afweging moeten kunnen maken als hen zo'n vezoek wordt voorgelegd?

Schippers reageerde op een onderzoek van artsenorganisatie KNMG. Daaruit bleek dat de meeste huisartsen vinden dat euthanasie 'bij het vak hoort' maar dat het ook als emotioneel belastend wordt ervaren. Een groot probleem is dat veel patiënten met een doodswens menen recht te hebben op inwilliging daarvan. Dat is de druk waarop de minister doelde: in hun ijver om van euthanasie een afdwingbaar recht te maken, wekken 'goede-dood-organisaties' gemakkelijk de indruk dat het al zover is. Zijn die consulenten van de Levenseindekliniek niet juist een voorbeeld van die door Schippers gewraakte 'extra druk?'

undefined

Alternatieven

Op zichzelf is het een goed verhaal van Steven Pleiter, directeur van de Levenseindekliniek. "Euthanasie hoort in principe thuis in de relatie tussen arts en patiënt", zegt hij.

Inderdaad, de kritiek die de 'kliniek' vanaf haar oprichting heeft begeleid was dat euthanasie als een soort specialisme buiten die relatie werd gebracht. Nu zijn bedrijf de orders moeilijk meer aan kan, krijgen de critici gelijk en wordt een buitendienst van verpleegkundigen opgezet om artsen te 'begeleiden' - we kunnen dat woord rustig vervangen door 'over de brug helpen'.

Want let op de manier waarop de Levenseindekliniek haar nieuwe aanpak motiveert. Uit een dossierstudie is gebleken dat de meeste doorverwijzende artsen helemaal geen principieel bezwaar hebben tegen euthanasie. De suggestie is dat het gebrek aan ervaring of twijfel over wettelijke criteria tot die doorverwijzing leidt. Maar als zij nu eens de overtuiging hebben dat hun patiënt niet 'ondraaglijk' lijdt, of dat er alternatieven zijn?

Door de inzet van consulenten versmalt de Levenseindekliniek het idee van een behandelrelatie. De Euthanasiewet veronderstelt zo'n relatie min of meer: arts en patiënt vertrouwen elkaar; zo kunnen ze onbevangen hun overwegingen rond het levenseinde uitwisselen. Maar kan dat nog wel als een vertegenwoordiger van de Levenseindekliniek met, laten we zeggen, een voorbestemd antwoord op de hulpvraag over de schouders meekijkt?

undefined

Worsteling

De KNMG noemde het in een reactie op de aangekondigde consulten 'essentieel' dat de steun van de Levenseindekliniek 'open' is. Maar dat is ze juist niet: doel van de operatie is immers de euthanasie terug te hevelen naar de huisartsenpraktijk, niet om alternatieven in de palliatieve sfeer te verkennen. Daarvoor lijken de 'speciaal opgeleide verpleegkundigen' van de Levenseindekliniek ook niet de meest geschikte professionals.

Euthanasie kan zeker een aangewezen uitweg zijn. De moderne palliatieve geneeskunde vermag veel, maar haar mogelijkheden komen met een vraag: waarom zou je die allemaal moeten opgebruiken? Het is een vraag die bij uitstek thuishoort in de vertrouwensrelatie tussen arts en patiënt. Artsen, en net zo goed patiënten, verdienen in hun worsteling met vergankelijkheid steun. Het is een culturele aberratie dat het daarbij vooral gaat om de omgang met de gifkast. Het klinkt bijna als een stem uit een voorbije tijd, maar waarom zouden geestelijk verzorgers (kerkelijk, humanistisch) niet minstens zo aangewezen zijn voor een 'begeleidende' rol?

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden