Computer lijmt bedolven Pompei

VERVOLG VAN PAGINA 1

Samen beslaan die gegevens ongeveer 50 gigabytes aan computergeheugen, overeenkomend met de ruimte voor vijftig miljard lettertekens. Op allerlei manieren kunnen ze door een archeoloog die ze nodig heeft via een gewone personal computer worden opgeroepen. De enige technische voorwaarde is, dat het daarbij gebruikte scherm voldoende details kan laten zien.

Ondanks het feit dat het programma pas sinds het begin van dit jaar gebruiksklaar is, hebben de wetenschappers die zich in Pompei bezig houden met de restauratie en conservering van de wandschilderingen al enorm veel profijt gehad van dit nieuwe hulpmiddel.

De via de computer mogelijk geworden gedetailleerde vergelijking tussen oude foto's en schilderijen en de huidige situatie is daar een voorbeeld van. Die laat zien dat de kwaliteit van de meeste van die wandschilderingen in de laatste tientallen jaren dramatisch achteruit is gegaan en dat ze zich in een zeer slechte staat bevinden.

Bovendien konden restaurateurs nu ook voor het eerst in extenso de vaak desastreuze gevolgen overzien van vroegere restauraties. Niet van een enkel exemplaar, maar van alle exemplaren. "Voordat we nu een fresco gaan restaureren, kijken we eerst wat er in de laatste 50 of 100 jaar met die afbeelding gebeurd is: of er al eerdere restauraties zijn geweest en wat de gevolgen daarvan waren; hoe de verkleuringen zijn geweest en of we eventueel ontbrekende delen terug kunnen vinden" zegt Bruschini.

De computer is bij restauraties ook nog op een ander nivo behulpzaam. Wanneer afbeeldingen via de computer beschikbaar zijn, hebben de restaurateurs de mogelijkheid om een voorgenomen restauratie eerst volledig op het scherm uit te voeren. Met behulp van een electronisch palet worden kleuren gemengd tot ze precies goed zijn. Zelfs kunnen de effecten van het milieu op een gekozen verfsoort van te voren worden getest. "Pas wanneer alle experts het met elkaar eens zijn over de te volgen strategie, gaan we aan de restauratie beginnen " aldus Conticello.

Omdat de computer bovendien detailopnames van de fresco's kan laten zien, kan er ook veel gemakkelijker onderzoek gedaan worden naar beeldgebruik, indeling en stijl van de schilderingen.

Eethuisjes

Met de computer kunnen onderzoekers ook op een veel grotere schaal naar Pompei kijken. 'Neapolis' maakt zo onderzoek naar de sociale structuur van de stad mogelijk.

"Omdat de stad en het daarbij behorende gebied zeer uitgebreid is, had eigenlijk geen enkele archeoloog meer inzicht in hoe de verschillende delen van de stad zich tot elkaar verhielden" , legt Bruschini uit. "We konden slechts globaal zeggen dat een bepaald deel van de stad het centrum vormde omdat zich daar de grootste concentratie publieke gebouwen bevond, maar veel meer dan dat was eigenlijk niet mogelijk. Door de gegevens over de opgegraven voorwerpen te verbinden met geografische gegevens, komt er opeens veel meer informatie." .

"Zo blijkt nu het meeste in die twee eeuwen gevonden goedkoop eet- en keukengerei zich te concentreren in de huizen langs maar een paar straten. Wanneer we nu die straten weer op de kaart volgen, dan zien we dat het verbindingswegen zijn. Op de luchtfoto's is duidelijk te zien dat deze wegen doorlopen en aansluiten op het 'landelijke' Romeinse wegennet. Kortom, we hebben op snelle en efficiente wijze een drukke handelsweg herkend. En het gevonden eetgerei is afkomstig uit langs deze weg gelegen eethuisjes!"

Hoewel het de ontwerpers van 'Neapolis' "niet gaat om het verkrijgen van nieuwe kennis maar om het organiseren van de bestaande gegevens" , zijn er wel degelijk archeologen die denken dat ze met behulp van deze beter georganiseerde gegevens nieuwe opgravingen kunnen uitvoeren.

In de computer zijn namelijk ook gegevens over de werkzaamheid van de Vesuvius opgeslagen. Via een ingewikkeld rekenprogramma, dat door de Amerikaanse metereologische dienst is ontwikkeld na de uitbarsting van de vulkaan Mount St. Helens in 1987, kan men nu met grote nauwkeurigheid uitspraken doen over de manier waaarop tijdens de uitbarsting van de Vesuvius in het jaar 76 na Christus de lavastromen en asregens zich hebben verspreid.

Voor de nog niet opgegraven delen van de stad (nog ongeveer een derde van Pompei en een kwart van Herculaneum) zijn die gegevens van groot belang. De delen van de stad die direct door lavastromen zijn platgelegd, zijn voor de toekomstige archeologen veel minder interessant dan de delen die alleen door de asregen zijn bedekt. Bruchini: "We kunnen dus nu redelijkerwijs voorspellen waar een opgraving de meeste kans op resultaat zal hebben."

Graven in computer

Er bestaan onder archeologen zelfs al visioenen over onderzoek dat geheel op de computer uitgevoerd kan worden. Een van de archeologische problemen in Pompei is namelijk, dat er onder de stad die in 79 werd bedolven een nog veel oudere stad ligt. En op grond van een zeer beperkte opgraving in een uithoek van de stad weet men zelfs dat deze plaats tot in de vroege oudheid bewoond is geweest.

Al die lagen zijn nu niet te bereiken zonder de bebouwing van het bekendere Pompei weg te halen. Maar met behulp van de in het geheugen van de computer opgeslagen geologische gegevens en luchtfoto's, verder aangevuld met metingen door middel van sonar en grondradar, denken de archeologen dat ze zich in de toekomst misschien toch een beeld kunnen vormen van de bewoningslagen onder het Romeinse Pompei. Maar of project Neapolis die niet geringe uitbreiding echt zal beleven, betwijfelen zelfs de Italiaanse experts.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden