Commissie: Arts zat fout bij euthanasie parkinsonpatiënt

Een arts van de Levenseindekliniek heeft niet volgens de wettelijke zorgvuldigheidseisen gehandeld bij de euthanasie van een parkinsonpatiënt. Zijn neuroloog en psychiater zagen ook een psychische component, waarvoor de man naar hun oordeel behandeld kon worden. De arts had met hen moeten overleggen.

Tot dit oordeel komt de regionale toetsingscommissie euthanasie (RTE). Het is de vijfde keer sinds de oprichting van de Levenseindekliniek in 2012 dat de RTE de kliniek kapittelt. De Levenseindekliniek 'respecteert' de afweging van de toetsingscommissie, maar houdt er rekening mee dat de leden van de RTE tot hetzelfde oordeel waren gekomen als de dokter, als zij de patiënt hadden gezien.

De arts, die tien jaar in een verpleeghuis heeft gewerkt, had nooit eerder een parkinsonpatiënt meegemaakt die zo leed. De man kon niet stilliggen, was wanhopig en uitgeput. Hij zag geen andere uitweg dan de dood. De huisarts verwees door naar een psychiater. Die vond dat er nog behandeling mogelijk was. De neuroloog constateerde een milde vorm van parkinson, en vond ook dat psychiatrische hulp nodig was.

De arts van de Levenseindekliniek oordeelde dat de man 'helemaal op' was. Eerdere therapie had hem niet geholpen. De tweede arts concludeerde dat aan de zorgvuldigheidseisen was voldaan. De toetsingscommissie echter vindt dat de arts die de euthanasie uitvoerde, het advies van de psychiater en de neuroloog niet naast zich neer had mogen leggen. Hij had met hen moeten overleggen. Door dit na te laten, heeft de arts zich er volgens de RTE onvoldoende van verzekerd dat er geen andere oplossing was dan euthanasie.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden