Wereldaidsdag

Comeback van het hiv-virus

Het Oostenrijkse parlementsgebouw is versierd met een rood lint. Beeld ANP

Hiv rukt op. Na jaren in het defensief, neemt het aantal besmettingen met het virus dat de ziekte aids veroorzaakt weer toe.

Meer dan twee miljoen nieuwe hiv-geïnfecteerden komen er wereldwijd per jaar bij, met als belangrijke brandhaard momenteel Oost-Europa. In Oekraïne groeit het aantal nieuwe patiënten van alle Europese landen het snelst: de laatste vijf jaar verdubbelde het bijna. Ook in het Midden-Oosten komen er elk jaar meer nieuwe patiënten bij.

Dat meldt het Aidsfonds op Wereldaidsdag, jaarlijks op 1 december. De cijfers komen onder meer van UNAids, een programma van de VN en de WHO.

Opmars

Hoewel 71 procent van alle hiv-geïnfecteerden nog altijd in Afrika woont, komen er in zuidelijk en oostelijk Afrika steeds minder nieuwe patiënten bij. Dat is te danken aan het succes van behandelprogramma's, aldus het Aidsfonds. Relatief veel patiënten krijgen daar een behandeling, een groot verschil met gebieden als Oost-Europa en Noord-Afrika.

Dat komt vooral door discriminatie en criminalisatie, zegt directeur van het Aidsfonds Louise van Deth. Ze is net twee weken terug van een bezoek aan Oekraïne en Kirgizië. "Homoseksuele mannen kunnen daar bijna nergens openlijk homo zijn. Je snapt: als ze zorg vragen voor een hiv-infectie, krijgen ze moeilijke vragen." Ook drugsgebruikers zijn een risicogroep. Van Deth zag veel kinderen die verslaafd en geïnfecteerd waren. Ze vinden maar moeilijk de weg naar goede zorg.

In Kirgizië kregen sekswerkers alleen in een mobiele kliniek hulp zonder problemen. "Meisjes van achttien veelal. Gaan ze naar de reguliere zorg, dan worden ze opgepakt. Sekswerk is er niet verboden, maar de politie neemt ze alsnog mee. En dan moeten ze zich vrijkopen."

Dat soort problemen is volgens Van Deth één van de grootste problemen bij de strijd tegen aids. Het hiv-virus, dat aids veroorzaakt, maakt in Oost-Europa nu de sprong van risicogroepen naar de mainstream: hetero's die geen drugs gebruiken. "Zij hoefden zich tot voor kort amper zorgen te maken over risico op besmetting. Maar het virus verspreidt zich en komt dichterbij."

In Nederland daalt het aantal nieuwe geïnfecteerden, maar wereldwijd stagneert de daling die in crisisjaar 1997 werd ingezet. Volgens het Aidsfonds is het nu of nooit. Van Deth: "Komen er te veel nieuwe hiv-patiënten bij, dan worden de aidsremmers onbetaalbaar, ook voor westerse landen." Ze vreest dat als de wereld op de huidige weg doorgaat, er over tien jaar waarschijnlijk 18 miljoen hiv-geïnfecteerden bij komen.

Er zijn in Rusland amper artsen voor kinderen met hiv

Svetlana Izambajeva 35 jaar, Kazan

"Ik heb al veertien jaar hiv. Ik heb in die tijd twee gezonde kinderen gekregen en ben voogd geworden van mijn twee broertjes die in een tehuis zaten. Ik ben geïnfecteerd via seksueel contact met de man van wie ik hield en die ik vertrouwde. Hij wist zelf ook niet dat hij geïnfecteerd was.

"Tien jaar slik ik nu hiv-remmers. Die krijg je in elke twee maanden in een aidscentrum. In andere landen geven ze je meestal één tablet, maar bij ons krijg je zeven of acht tabletten per dag, dat zijn goedkope Russische en Indiase kopieën van westerse geneesmiddelen. De meeste mensen met hiv verzwijgen het, ze zijn bang om erover te praten en schamen zich. De samenleving wil het probleem niet onder ogen zien. Er is geen voorlichting. Wie over zijn hiv begint, krijgt te maken met discriminatie en stigma. Mensen met hiv hebben vaak ook stigma's over zichzelf; ze zijn bang hun baan te verliezen, bang dat hun kinderen eronder lijden. Zelf zet ik me in voor jongeren die geïnfecteerd zijn. Veel mensen denken dat hiv alleen een probleem is van drugsgebruikers of van mannen die seks hebben met mannen, maar zij vergeten een belangrijke groep: kinderen die met hiv zijn geboren. Er zijn in Rusland vrijwel geen specialisten om hen te behandelen. Bij ons in de republiek Tatarstan zijn 156 kinderen met hiv, in heel Rusland negenduizend. Zij moeten worden voorbereid op hun volwassen leven."

Beeld Svetlana Izambajeva

Ik vluchtte naar een kerk die me met gebed zou genezen

Lebogang Motsumi 27 jaar, Johannesburg

"Ik raakte besmet met hiv toen ik zeventien was. Via mijn vriend. Hij wist dat hij seropositief was, maar hield dat geheim. Hij wilde niet alleen sterven, dus verspreidde hij het virus bewust. Dat vertelde hij pas vlak voor zijn dood. We waren al uit elkaar. Ik wilde het niet geloven. Hiv was iets van het platteland en de sloppenwijken. Pas toen ik een nieuwe relatie kreeg, deed ik een test: positief. Ik schaamde me, wilde dood. Ik vluchtte in een kerk, die beloofde me via gebed van hiv af te helpen. Tot mijn moeder me met een longontsteking, tuberculose en allerlei andere infecties in het ziekenhuis liet opnemen. Ik was zo goed als dood, kon niet meer lopen, zag eruit als een skelet. Pas toen heb ik geaccepteerd dat ik seropositief ben.

"Na een half jaar in het ziekenhuis herstelde ik. Maar mijn leven herpakken was moeilijk. Er rust een stigma op hiv in Zuid-Afrika. 'Je was vast een slet.' Mensen vergeten dat je hiv ook kunt oplopen via een partner aan wie je zelf trouw bent. Ik had geluk dat ik in een rijke wijk woonde, met goede ziekenhuizen om de hoek. Ik heb medicijnen. Maar op het platteland is goede zorg niet zelden onbereikbaar.

"Ik ben nu verloofd, maar ik ben vaak afgewezen door mannen vanwege mijn hiv-infectie. Ik vertelde het daarom soms niet en hoopte dan maar dat het condoom niet zou scheuren.

"Hiv is geen doodvonnis meer. Maar als ik erge hoofdpijn heb, denk ik toch vaak: werken mijn aidsremmers niet meer? Is dit alsnog het einde?"

Beeld Lebogang Motsumi
Beeld CVW/TROUW

Dokters zijn bang zelf besmet te raken door aidspatiënten

28 jaar, Peking

"Begin 2013 kwam ik in het ziekenhuis terecht met een darmontsteking. Ik was ernstig ziek en moest worden geopereerd. Maar toen de arts doorkreeg dat het ging om een infectie veroorzaakt door aids, wilde hij me niet langer behandelen. Veel dokters in China zijn bang dat ze zelf besmet raken als ze aids-patiënten opereren. Ik was radeloos. Ik had weleens van de ziekte gehoord, maar dat ik het zelf zou krijgen, had ik nooit gedacht. Ik wist niet eens hoe het hiv-virus zich verspreidt.

"Op een onlineforum kwam ik in contact met vrijwilligers van een ngo in Peking. Zij hielpen me een arts te vinden die me wel wilde behandelen - hij heeft mijn leven gered. Uiteindelijk heb ik mijn bestaan als dolfijnentrainer in Dalian, een stad in het noordoosten van China, vaarwel gezegd en ben ik naar Peking verhuisd. Hier is men opener dan in de kleinere steden. Sinds een jaar werk ik als aidsvoorlichter. Ik wil iets doen met de zorg die ik zelf heb gekregen.

"Mijn ouders heb ik wel verteld dat ik zo ziek ben geweest, maar ik ben niet in details getreden. Zij weten wel dat ik homo ben, maar we hebben besloten dat we dat verder stilhouden. Anders maakt iedereen zich maar zorgen over mijn toekomst. Zelf zie ik hiv inmiddels als een heel gewoon onderdeel van mijn bestaan. Steeds meer mensen in China zien het zo, gelukkig. Maar met de houding van zorgverleners is nog veel mis."

Beeld Dong Wenji

Ook in Nederland is er een stigma, een zoen vinden ze al eng

Toralt Deinum 52 jaar, Amsterdam

"Toen ik in 2008 aan mijn moeder vertelde dat ik hiv had, zei ze: 'Nou ja, ik rook. Ik neem ook risico's'. Mijn vader mopperde wat. Hij vond dat ik voorzichtiger had moeten zijn, dat ik met een condoom had moeten vrijen. Dat had ik in the heat of the moment niet altijd gedaan. Mensen zijn niet altijd rationele wezens. Mijn moeder herinnerde mijn vader er toen aan dat zij destijds moesten trouwen, omdat mijn moeder onverwacht zwanger was geraakt. Op die manier had mijn vader het nog niet bekeken.

"Ik zag het als mijn tweede coming-out. Op mijn zestiende heb ik ze verteld dat ik homo was. Net als nu werd er ook toen geen groot probleem van gemaakt.

"Mijn toenmalige vriend, met wie ik een open relatie had, had er meer problemen mee. Uiteraard speelde eerst de vraag of hij het virus ook had. Maar omdat anale seks niet echt in ons sekspakket zat, was dat niet zo. Sinds ik in 2010 medicijnen ben gaan slikken, drukken die het virus weg, waardoor seks voor mijn partner geen verhoogd risico meer oplevert. Toch vond hij het moeilijk. Uiteindelijk werd hij verliefd op een ander.

"Sindsdien heb ik geen vaste relatie meer. Mensen haken toch af. Er kleeft nog steeds een stigma aan. Sommigen vinden zoenen al eng. Je zou denken dat we in Nederland goed zijn voorgelicht, maar dat valt tegen. Men denkt: 'Je weet maar nooit. Ik ga geen risico nemen'. Daar is geen medische reden voor, zolang ik mijn medicijnen inneem. De ander moet mij daarin vertrouwen, dat wel. Maar is vertrouwen niet de basis van elke relatie?"

Beeld Toralt Deinum

Oud worden dankzij nieuwe hiv-remmers

Dankzij de nieuwste hiv-remmers worden mensen met hiv waarschijnlijk even oud als anderen. Tien jaar terug was dat wel anders, zegt internist Joop Arends van UMC Utrecht. "Medicijnen waren minder veilig, veroorzaakten cholesterolproblemen of vetverplaatsing naar buik en nek."

Toch is ook van de nieuwste medicijnen niet honderd procent zeker wat vijftig jaar slikken voor gevolgen heeft. "Artsen hebben daar modellen voor, maar volledige garantie bieden die niet."

Ex-patiënt
Er is één geval van genezing bekend. Dat is heel wat, want het virus is een taaie vijand. De ex-patiënt Timothy Brown was in 2008 wereldnieuws. Een stamceltransplantatie verving zijn immuunsysteem met dat van iemand die immuun is voor hiv door een zeldzame genetische afwijking. De vraag is of Brown zelf niet ook een variant van die mutatie had. Zijn behandeling is alleen voor mensen die óók een vorm van bloedkanker hebben; zonder stamceltransplantatie overleven zij sowieso niet. In Nederland wordt er onderzoek naar gedaan bij 28 aidspatiënten met bloedkanker.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden