Combinatie van internationale architectuur

Het ONK-project ligt langs de Mauritskade tussen Sarphatistraat en Singelgracht. Vanavond v.a. 18u lezingen en discussie door de architecten en presentatie van het boek 'Housing after Napoleon', Berlage Instituut, IJsbaanpad 3, Amsterdam. Expositie over de ontwerpworkshop in galerie ARCAM, Waterlooplein 213, t/m 19 april, di t/m za 13-17u. Zaterdag van 13.30-17u open dag: rondleidingen in de torens door de buitenlandse architecten en rondvaarten met toelichting van Pro.

Helemaal af is het zaterdagmiddag nog niet en bij gebrek aan bestrating zal minister D'Ancona door de modder moeten waden. Wel kan ze naar oud architectengebruik het laatste hoogste punt op de Deense toren plaatsen.

'Een geschiedenis vol anekdotes' noemt projectleider Leo Nederlof het hele proces van ontwerpen, renovatie en nieuwbouw van het Oranje Nassau Kazerne (ONK)-terrein in Amsterdam. Zo was de vorm van de parkeergarage onder het centrale woonblok aangepast aan een oude iep en de paardekastanje die er vanouds stonden, maar omwaaiden in de januaristorm van 1990. Een derde boom bleef staan maar zorgde voor grote problemen omdat de bedrading van de hele Dapperbuurt tussen de wortels liep.

"Een eenheidshap erin gooien had heel wat minder zweet gekost, maar daar is niemand mee gediend," verwoordt Nederlof de filosofie van het Haagse atelier Pro dat het complex ontwierp. "Als wij hier over twintig jaar nog eens langslopen, willen we er graag nog blij mee zijn." Die kans is groot, want Pro bewijst dat nieuwbouw niet standaard en saai hoeft te zijn, zonder meteen te vervallen in een tegendeel van kakelbont en prestigieus. ONK is een prachtig stadje-in-destad geworden, een huwelijk tussen oud en nieuw met overal volop uitzicht naar alle kanten.

Gebouwd voor de legers van Napoleon, kwam de kazerne aan de Sarphatistraat direct na de oplevering in 1814 al bij het Rijk in beheer onder de vaderlandslievende naam Oranje Nassau. Tot voor kort kregen vele Hollandse jongens hier hun militaire dienstkeuring. In 1985 vertrokken de militairen en kreeg de gemeente Amsterdam de kazerne en het terrein erachter terug.

Van de door het Rijk voorgestelde sloop was maar heel even sprake. Amsterdam wilde de kazerne met zijn 276 meter lange, aan een stuk doorgemetselde voorgevel (als zodanig de langste van Europa) en de bijgebouwen behouden. Het hoofdgebouw zelf gaf weinig problemen: het in renovatie van oude panden bedreven architectenbureau Van Stigt bouwde er 170 woningen en enkele bedrijfsruimten in.

Hoe het exercitieterrein tussen kazerne en Singelgracht moest worden ingevuld, was onderwerp van veel meer discussie. Vanwege het experiment om vanaf het begin ook koopwoningen in het plan te betrekken, was het project ook strategisch belangrijk en had de gemeente er wel wat extra geld voor over.

Wethouder Van der Vlis (nu zelf bewoner van het complex) wilde er per se gesloten woonblokken zetten, met als argument 'de sociale veiligheid', een hot item in de bouwpolitiek van '87. De buurt en de diverse gemeentelijke diensten waren het daar niet direct mee eens. Als architect kozen ze het Haagse atelier Pro naar aanleiding van een door dit bureau uitgevoerd woningbouwproject in Voorburg. "Zo'n boog met zo'n toren moeten we hebben," zei een buurtbewoner letterlijk. Bovendien staat Pro (Plan en Ruimtelijke Ontwikkeling) bekend om de goede samenhang tussen locatie en bebouwing.

Hans van Beek en Wolter Nuis, de ontwerpers van het complex, waren tegen de gesloten bouwblokken van de wethouder. Waarom de kazerne met veel moeite verbouwen als je hem meteen daarna door de bebouwing erachter weer aan het oog onttrekt?, redeneerden ze. Daarbij vonden ze dat de prachtige ligging van het terrein aan het water, schuin tegenover het Tropenmuseum, moest worden uitgebuit. Door achter de classicistische, rechttoe, rechtaan gebouwde kazerne een meer open bebouwing te realiseren, zouden niet alleen de bewoners aan de Singelgracht een mooi uitzicht hebben, maar kreeg de stad ook meerdere fraaie blikken op het complex.

Als oplossing kreeg de buurt zijn gebogen woonblok - in de wandelgang 'banaan' gedoopt - met een schuine kant, zodat nu vanaf het museum een prachtige zichtlijn naar de kazerne loopt. Daarbij ontstond een riant parkje: open maar ook beschut en met de Singel als waarborg voor privacy. Een kleine oase, waar omwonenden vooral zondags graag komen buurten.

Torens kwamen er ook, zes in totaal en volledig verschillend. Als de stadse verscheidenheid dan niet kon worden bereikt door bedrijfjes tussen de woningen - de nieuwbouw mocht alleen een woonbestemming krijgen -, moest die maar op een andere manier ontstaan, vonden de ontwerpers. Pro ontwierp een basisplan en nodigde zes buitenlandse architecten uit voor een ontwerpworkshop van een week: de Japanner Kogi Yagi, de Griek Alexandros Tombasis, de Fransman Cuno Brullman, de Amerikaan Patrick Pinnell, de Deen Tage Lyneborg en de Brit Jeremy Bailey. Niet om het zoveelste 'spraakmakende' plan met internationale grootheden uit te voeren, maar voor een zo gevarieerd mogelijk beeld. Kleur, maat en materiaal lagen vast maar iedereen werkte een 'eigen' toren uit.

De meest opvallende werd de Japanse: een slingerende regenpijp in de vorm van een gestileerde lotusbloem (of een Hollandse tuinhark) verdeelt de gevel op een yin-yangachtige manier. De naar de 'banaan' gekeerde zijkant bestaat uit kleine, halfspiegelende ruiten. Een knappe vondst, want nu reflecteert de veelzijdige omgeving een beetje terwijl het toch niet weer zo'n ongenaakbare spiegelmuur is. In andere ontwerpen speelt iets van de Amsterdamse architectuur door; Tombasis' gevels reflecteren een grachtenpand en Lyneborg verwijst naar de vormen van de Amsterdamse School. Na de schetsweek werkte Pro de ontwerpen verder uit. Zo ontstond een succesvolle combinatie van variatie en samenhang, die precies bij Amsterdam past.

Net zo veelzijdig zijn de bewoners: Yagi, die een penthouse in de Franse toren kocht, woont tegenover Jan Modaal in een met evenveel aandacht afgewerkte flat. Daardoor is uiteindelijk iedereen tevreden. De bewoners wonen comfortabel met licht, zon en rust volop middenin de stad. Van buitenaf gezien ligt het complex er fraai bij, vooral vanaf het verkeersplein voor het tropenmuseum.

"Er komen nog eens ongelukken van op dat circuit," grapt een bewoner. Al zou dat ook kunnen komen door het beeld van Henk Visch, dat op de banaan staat. Voortgestuwd door een op zonne-energie werkend elektromotortje, beweegt een vergulde mens zich heel langzaam naar de andere kant van het gebouw - en weer terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden