Collectieve verontwaardiging overdreven Sociale dienst zet uitkering Ellen van Langen terecht stop.

AMSTERDAM - "Onbeschaafd" , "niet netjes" en "potsierlijk" . Collectieve verontwaardiging viel de Amsterdamse sociale dienst deze week ten deel. De dienst had het in z'n hoofd gehaald een uitkering stop te zetten. Het is dan ook niet zo maar een uitkering. Nee, het is die van goudenmedaillewinnares Ellen van Langen.

Terwijl van links tot rechts wordt verkondigd dat luiaards, profiteurs en fraudeurs het grootste deel van het klantenbestand uitmaken, is de dienst nu opeens 'voorbarig'. De vrolijke, onschuldige en degelijke Van Langen brengt Mart Smeets er in deze krant toe de dienst van "edachtenkronkels" te beschuldigen. De behandeling van de atlete getuigt niet van "beschaving" en "respect" , vindt Smeets.

Het Algemeen Dagblad wijdt er zelfs een hoofdredactioneel commentaar aan. "De sociale dienst zet een uitkering stop in de verwachting dat de rechtsgrond voor dat besluit zich nog wel zal aandienen" . En: "Ellen is geen uitzondering."

Maar Van Langen zou pas een uitzondering zijn geweest, als haar uitkering gewoon was doorbetaald. De sociale dienst (GSD) heeft in feite gedaan wat hij met iedere andere uitkeringsgerechtigde doet, als er onduidelijkheid bestaat over de werkzaamheden of de bijverdiensten van een klant.

Zo kan een toneelspeler met een uitkering of iemand die met uitzendwerk gaat bijverdienen, dezelfde mededeling krijgen als Van Langen. Als alles is opgehelderd en er is nog steeds recht op de uitkering, dan wordt de betaling weer hervat.

De verontwaardiging lijkt vooral sportliefhebbers in haar greep te hebben. Voor een deel is die ingegeven door de slechte inkomenspositie van topsporters. "Sporters moeten in dit land bij de sociale dienst aankloppen" , schrijft Smeets. "Dat is verschrikkelijk." Uit een onderzoek dat bureau Interview vorig jaar heeft gedaan, blijkt dat driekwart van de Nederlandse topsporters onder het bijstandsminimum van 1 211,57 gulden per maand leeft. De meeste van de ongeveer driehonderd sporters in Nederland die het predikaat topsport verdienen, leven van een studiebeurs. Slechts vijftien topsporters zijn op dit moment aangewezen op een uitkering, zo is de schatting van J. van der Haar, hoofd individuele begeleiding van de Nederlandse Sport Federatie (NSF). Een paar jaar geleden heeft Van der Haar de Vereniging van directeuren van sociale diensten (DIVOSA) gevraagd begrip te hebben voor de situatie van topsporters met een uitkering. Een aparte rege ling voor topsporters vond DIVOSA te ver gaan, maar begrip kon de vereniging wel opbrengen. "De sociale dienst heeft de ruimte rekening te houden met individuele omstandigheden" , zegt DIVOSA-directeur Lemmen. "Er is natuurlijk een aantal voorwaarden om een uitkering te krijgen. Je moet je inzetten voor een betaalde baan. Maar dat kan ieder zelf interpreteren." Zo zou Van Langen kunnen beweren dat ze alles in het werk heeft gesteld om nu (een deel van) haar brood met atletiek te kunnen verdienen.

Als er problemen rijzen, probeert Van der Haar de GSD uit te leggen dat zwempakken geld kosten en dat onkostenvergoedingen dus niet als een inkomen kunnen worden aangemerkt. Ook gaat hij bij de kantoren langs om duidelijk te maken dat prijzengeld voor topsporters vaak geen loon is, maar apart moet worden gezet om bijvoorbeeld het volgende trainingskamp te kunnen betalen. In de meeste gevallen weet Van der Haar de GSD's te overtuigen en kunnen de conflicten worden opgelost. Dat topsporters bij sociale diensten moeten aankloppen is misschien "verschrikkelijk" , maar kan moeilijk die diensten worden aangewreven. "Typerend voor een sportland als Nederland" , noemt Smeets het: "Sporters tellen sociaal niet mee." Dat klopt, maar dat zal niet veranderen zolang politiek Den Haag niet meer geld over heeft voor topsport. "De helft van het kabinet kwam ik tegen in Barcelona" , zegt Van der Haar. "Ze vonden het allemaal prachtig. Maar stop dan ook eens wat meer geld in die sport."

Het ministerie van WVC stelt jaarlijks 6,25 miljoen beschikbaar. Daar moet alles van worden betaald: van medische begeleiding en coaches tot accommodaties en onkostenvergoedingen. Aan de geringe middelen die topsporters ter beschikking hebben, zal ook weinig veranderen zolang het bedrijfsleven niet meer interesse toont om de Nederlandse topsport te sponsoren. Voor het Nederlands Olympisch Fonds (NOF) werden met moeite sponsors bereid gevonden geld te storten. Dat NOClid Anton Geesink en leden van het NOF al ruziend over elkaar heen rolden in hun ijver sponsors te zoeken, zal daar niet aan hebben bijgedragen. Een jaar geleden kwam WVC met het idee een fonds voor topsporters op te richten. Het is nog steeds niet van de grond gekomen. "Er wordt aan gewerkt" , zegt een WVC-woordvoerder. Maar hij heeft er geen idee van waar het geld vandaan moet komen om in het fonds te stoppen. Nederland heeft blijkbaar geen geld over voor topsport. Dat is "typerend voor een sportland als Nederland" , niet een besluit van een sociale dienst een uitkering van een medaillewinnares te blokkeren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden