Collectief pensioen niet zo voordelig als gedacht

Door vergrijzing wordt risico niet voldoende gespreid over verschillende generaties

Het voordeel van collectief sparen voor het pensioen is lang niet zo groot als altijd werd aangenomen. In de pensioenwereld wordt vaak gezegd dat die gezamenlijkheid zorgt voor een welvaartswinst van zo'n 12 procent. Volgens het Centraal Planbureau (CPB) en onderzoeksinstituut Netspar is het minder dan een procent.

"Het pensioenstelsel is niet zo efficiënt als wordt gedacht", zegt Casper van Ewijk, directeur van Netspar. Een groot pluspunt van het collectieve systeem zou moeten zijn dat de risico's worden gespreid over verschillende generaties. Maar dat is met name door de vergrijzing nauwelijks meer mogelijk.

De pensioenfondsen zijn in de loop der jaren steeds afhankelijker geworden van beleggingsresultaten, melden het CPB en Netspar in een gisteren verschenen rapport. Er zijn te weinig jongeren om tegenvallende opbrengsten mee te delen. "De risico's komen steeds meer bij alle deelnemers te liggen, ook bij de gepensioneerden", aldus de onderzoekers.

Veel jongeren werken bovendien niet meer hun hele leven bij dezelfde werkgever. Zij gaan vaak na enige tijd als zelfstandige verder, zonder pensioen op te bouwen. Als je jonge mensen nog meer laat opdraaien voor grote schokken kunnen er conflicten tussen generaties ontstaan die de continuïteit van het stelsel bedreigen, meldt het rapport.

De premies die werknemers inleggen bij pensioenfondsen zijn sinds de eeuwwisseling zo omhooggeschoten, dat er nu verwoed wordt getracht om ze zoveel mogelijk te stabiliseren. Van Ewijk: "Nog een reden waarom er minder risico kan worden doorgeschoven naar toekomstige generaties."

De constateringen van het Centraal Planbureau en Netspar slaan de bodem weg onder het collectieve pensioenstelsel. Ongeveer 80 procent van de pensioenen in Nederland is collectief geregeld. Het CPB en Netspar beweren niet dat individueel sparen of door de werkgever via een verzekeraar voordeliger of beter is, maar de verschillen tussen collectieve regelingen en regelingen met 'eigen potjes' zijn veel kleiner dan gedacht.

Maandag praat de Tweede Kamer over het Financieel Toetsingskader (FTK), waarin staatssecretaris Jetta Klijnsma de nieuwe pensioenregels wil vastleggen. Door die nieuwe regels, én omdat premies niet langer als sturingsinstrument kunnen dienen, kunnen schokken voor nog maar voor zo'n 4 procent met toekomstige generaties worden gedeeld, berekenden de onderzoekers. Dat is aanzienlijk minder dan de 18 procent die tien jaar geleden nog werd gevonden, merken het CPB en Netspar op.

Ze waarschuwen ook voor de nadelen van individuele pensioensystemen. Er is dan wel veel meer duidelijkheid over wat er wordt ingestopt en weer kan worden uitgehaald. En er is meer ruimte voor keuzevrijheid, maar te veel vrijheid kan ook leiden tot verkeerde beslissingen. "Als je te veel of juist te weinig spaart, leidt dat tot welvaartverlies", stellen de onderzoekers.

Zitten er nog voordelen aan een collectief pensioen? Volgens de Erasmus Universiteit zijn de lagere kosten de belangrijkste plus. Bij verzekeraars gaat bijna een kwart van de ingelegde premie op aan kosten en brutowinst voor de verzekeraar, heeft de universiteit berekend. Bij pensioenfondsen is dat minder dan 5 procent.

Dit voordeel zien het CPB en Netspar ook: verplichte deelname, collectieve uitvoering en uniformiteit van de regeling dragen bij aan lage uitvoeringskosten. In Nederland is er weinig concurrentie tussen uitvoerders. Daardoor worden nauwelijks kosten voor marketing gemaakt. De onderzoekers kraken het huidige stelsel dan ook niet af. Zo merken ze op dat een sterk punt is dat het totale inkomen voor 65-plussers (AOW en aanvullend pensioen) internationaal gezien hoog is. Het ligt gemiddeld rond 76 procent van het laatstverdiende loon, al zijn er wel grote verschillen.

Een kwart van de deelnemers krijgt minder dan 65 procent vergeleken met het salaris dat zij verdienden toen ze nog werkten. Voor een ander kwart ligt dit boven de 109 procent. Een laag pensioen komt vooral voor bij mensen die niet altijd hebben gewerkt. Groepen die voor hun 65ste een laag inkomen hadden, hebben vaker een relatief hoog pensioen, zoals vrouwen die veelal in deeltijd werken en laagopgeleiden. Dit komt vooral door de AOW. Dit vaste bedrag is voor mensen die weinig verdienden veel geld.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden