Clowneske rover die graag in een hinderlaag ligt

Er bestaan tienduizenden soorten vissen en ze zijn leverbaar in diverse vormen en maten; feitelijk is er geen op bollingen gebaseerde vorm te verzinnen die niet in het vissenrijk te vinden is. Van bolrond (de kogelvis) tot torpedovormig (de tonijn) en van slangvormig (de paling) tot zijdelings extreem afgeplat (de maanvis).

En dan zijn er de zogenoemde platvissen. Die zijn ook zijdelings afgeplat maar daarmee nog niet tevreden: ze hebben hun hele lichaam gekanteld om daarna als een gekapseisde en gezonken maanvis plat op de zeebodem te belanden. Ze hebben van hun linkerkant de onderzijde gemaakt en van hun rechterkant de bovenkant. Stelt u zich maar even voor dat u, met uw linkerzijde naar beneden gericht, door de waswringer wordt gedraaid: u ziet er daarna uit als een platvis. Platvissen hebben echter geen wringer nodig, ze zijn van nature plat.

Nog vreemder is dat ze na hun geboorte gewoon rechtop zwemmen, met hun rugvin boven en hun buik beneden. Als een jong platvisje begint te groeien, voltrekt zich een wonder: na een week of zes kantelen ze op hun linkerzijde. Om te voorkomen dat voortaan het linkeroog over de zeebodem zou schuren, verplaatst dat oog zich langzaam via de bovenkant van de kop naar de rechterzijde, om daar het rechteroog gezelschap te gaan houden aan wat nu de nieuwe bovenkant van het beest is geworden.

De evolutie zorgt voor dingen die u en ik niet kunnen verzinnen: een linkeroog aan de voormalige rechterzijde van de kop die nu de bovenkant is, als u me nog kunt volgen.

Deze anatomische curiositeit werkt echter prima: er zijn wereldwijd meer dan vijfhonderd soorten platvissen, waarvan er de nodige in de Noordzee leven en daar ijverig voor consumptie worden opgevist: schollen, tongen, scharren, botten, tongscharren, heilbotten, om er een paar te noemen. Platvissen zijn namelijk lekker. Zelfs mensen die wel van vlees maar niet van vis houden, zijn vaak nog wel voor een platvisje te porren.

De meest geconsumeerde van het gezelschap is ongetwijfeld de schol. Het is ook de mooiste. Terwijl de gemiddelde platvis aan de rechter(boven)kant simpelweg bruin is en aan de linker(onder)kant wit, is de schol daarbij als extraatje voorzien van vrolijke knaloranje stippen op het bruine vel. Het heeft iets clownesks.

De schol (Pleuronectes platessa) is een roofvis. Schollen eten wormen en garnalen en liggen daarbij graag in een hinderlaag; juist daarvoor is die vreemde platte vorm handig. De vis verstopt zich in de zeebodem door zand omhoog te warrelen dat op het dier terechtkomt en hem (of haar) aan het zicht onttrekt. Alleen de beide ogen, die als kleine bolletjes op de kop zitten, steken dan boven het zand uit en zien elke argeloze garnaal die zich nietsvermoedend in de nabijheid van de schollenbek waagt.

Het gaat momenteel goed met de schol in de Noordzee, zoals visserijinstituut Imares onlangs meldde. Er schijnt ruim 945.000 ton rond te zwemmen. Daarvan mag dit jaar 143.500 ton worden gevangen - en volgend jaar iets minder, want je weet maar nooit.

Jelle Reumer is paleontoloog

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden