Clinton gaf net als Nixon zijn vijanden een zwaard

Nu wij voor de tweede maal binnen vijfentwintig jaar getuige zijn van de aftakeling en vernedering van een president van de Verenigde Staten, gaan mijn gedachten regelmatig terug naar de zomer van 1974. Zeker, er zijn nogal wat verschillen tussen de val van Richard Milhous Nixon op 8 augustus 1974 en de dreigende val van William Jefferson Clinton. Maar er zijn ook overeenkomsten. In beide gevallen zien wij een president die, in een ultieme poging zijn politieke leven te redden, de ene domheid op de andere en de ene leugen op de andere stapelt. Een fascinerend en tegelijk beschamend schouwspel.

ARIE KUIPER

Als de dag van gisteren herinner ik mij de dramatische zittingen in juli 1974 van de juridische commissie van het Huis van Afgevaardigden in Washington. Het woord impeachment hing al maanden in de lucht. Nu ging het erom spannen.

Impeachment wil zeggen dat de president in staat van beschuldiging wordt gesteld. Als de commissie daartoe besluit, en het Huis neemt dat over, komt de Senaat onder leiding van de voorzitter van het Hooggerechtshof als een jury bijeen om over de president te oordelen. Als minstens 67 senatoren (2/3 van de 100) het schuldig uitspreken moet hij aftreden.

Tegen Nixon waren, in een affaire die de geschiedenis is ingegaan als het Watergate-schandaal, zware beschuldigingen ingebracht. De eerste betichtte hem ervan dat hij zich schuldig had gemaakt aan obstruction of justice, het tegenwerken van de justitie - zo ongeveer het ergste wat een president kan doen. De grondwet gebiedt hem ervoor te zorgen dat de wetten van het land zorgvuldig worden nageleefd. In zijn ambtseed belooft elke president dat hij de grondwet nauwgezet bewaart, beschermt en verdedigt. Obstruction of justice betekent dus dat hij zijn ambtseed heeft geschonden.

De zittingen van de juridische commissie werden door de tv uitgezonden. Op 27 juli was het zo ver. De 38 leden stelden met 27 tegen 11 stemmen vast dat hun president zich schuldig had gemaakt aan tegenwerking van de justitie - een dreun tegen de presidentiële kaak die in de hele wereld te horen was.

Maar Nixon (“I'm not a quitter”, ik ben niet iemand die de boel in de steek laat) hield met de moed der wanhoop stand, ook toen de commissie op 29 juli de tweede beschuldiging aanvaardde: abuse of power, misbruik van macht. En zelfs wilde hij niet aftreden toen de commissie op 30 juli de derde beschuldiging, minachting van het Congres, goedkeurde. Nixon besloot pas te verdwijnen toen een bandopname te voorschijn kwam (zijn gesprekken liet hij vastleggen) die duidelijk maakte dat hij schuldig was.

De overeenkomsten met de affaire-Clinton springen in het oog. Als we de speciale aanklager Kenneth Starr mogen geloven heeft ook Bill Clinton zich schuldig gemaakt aan tegenwerking van de justitie en heeft ook hij zijn presidentiële macht misbruikt. Twee aantijgingen, naast een handvol andere, die ernstig genoeg zijn om hem uit zijn ambt te verdrijven.

Watergate was veel ernstiger dan het Lewinsky-schandaal. In de nacht van 16 op 17 juni 1972 hadden vijf mannen in opdracht van medewerkers van Nixon ingebroken in het hoofdkwartier van de Democratische Partij in het Watergate-gebouw. Zij moesten documenten kopiëren en afluisterapparatuur plaatsen in telefoons. Nixons medewerkers zetten alles op alles om de herverkiezing van hun man in november 1972 zeker te stellen.

Het is nooit duidelijk geworden of Nixon tevoren van die inbraak op de hoogte was. Maar wel had hij de FBI en de CIA ingeschakeld om de medeplichtigheid van het Witte Huis te verhullen: de cover up. Een schoolvoorbeeld van tegenwerking van de justitie en misbruik van macht.

Nixon zou waarschijnlijk met de hele zaak zijn weggekomen als die bandopnamen er niet waren. Daar stond op dat hij al op 23 juni 1972 opdracht gaf het onderzoek naar de inbraak tegen te werken. Daarmee was de smoking gun, het nog rokende pistool in de handen van de dader, gevonden. Vaarwel Richard Nixon.

Geen mens heeft ooit begrepen waarom Nixon die bandopnamen niet eenvoudig had vernietigd voordat het bestaan ervan bekend werd. Nixon zelf begreep het ook niet. “Ik gaf mijn vijanden een zwaard”, zei hij jaar later tegen de Britse tv-interviewer David Frost. Dat zwaard gebruikten zij om hem te doden.

Ook Clinton gaf zijn vijanden een zwaard. Acht maanden geleden werd hij onder ede verhoord in een geheel andere zaak. Kenneth Starr, die Clinton een dodelijke haat toedraagt, maakte van de gelegenheid gebruik hem te vragen of de geruchten juist waren dat hij een seksuele relatie had gehad met de Witte Huis-stagiaire Monica Lewinsky. Niemand had Clinton iets kunnen maken als hij dat toen meteen had toegegeven, dan wel had gezegd: “Bemoei je met je eigen zaken.” In beide gevallen had hij zijn vrouw Hillary het een en ander moeten uitleggen, maar een publiek schandaal zou niet zijn ontstaan. In plaats daarvan stortte hij zich in een eindeloze reeks leugens en smoesjes. Zo werd hij een gewillig slachtoffer van zijn politieke vijanden, moraliserende columnisten, vrolijke stukjesschrijvers en cabaretiers.

Hoe moeten wij dit stupide gedrag van zo'n intelligente doorgewinterde politicus verklaren?

Ik vermoed dat we in de eerste plaats te maken hebben met de primaire reactie van elke man die wordt beschuldigd van overspel: ontkennen. Vele mannen doen dat, maar die zijn geen president van de VS. Clinton zit in een glazen kooi en had kunnen weten dat hij met zijn leugens niet zou wegkomen.

Belangrijker is wellicht dat elke Amerikaanse president het gevoel moet hebben dat hij onaantastbaar is. Hij heeft enorme macht, wordt overal begroet met pracht, praal en protocol, een orkest speelt Hail to the chief, de mensen juichen hem toe of hij de Verlosser zelf is. Als je dat elke dag overkomt ga je vanzelf denken dat je boven de wet staat. Dat was wat Nixon dacht, dat hij boven de wet stond, dat niemand de opnamen kon opeisen. Maar het Hoogste Gerechtshof besliste anders. Ook Clinton moet hebben gedacht dat hij onaantastbaar was toen hij loog tegen aanklager, medewerkers en, op tv, het volk.

In het Watergate-schandaal ging het om werkelijk belangrijke zaken - een president die zijn politieke macht misbruikte om zijn politieke tegenstanders te vernietigen. In het schandaal-Lewinsky hebben we te maken met smoezeligheden die bijna lachwekkend zijn en krijgen we seksuele details te horen die de meeste mensen niet eens wíllen weten. Dat is de belangrijkste reden waarom deze affaire velen tegen de borst stuit.

Intussen zitten de VS en de wereld met een president die al zijn geloofwaardigheid heeft verloren en nauwelijks nog kan functioneren. Het impeachment-proces kan maanden en maanden duren. Daar heeft niemand belang bij. Stopzetting van die procedure en een officiële berisping door het Congres lijkt de beste oplossing. Nog beter zou zijn dat Clinton het voorbeeld van Nixon volgt en de eer aan zichzelf houdt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden