Chinese laptop-stad groeit en groeit

Elektronicabedrijven verhuizen massaal naar westelijke stadsprovincie Chongqing

De Foxconn-fabriek waar de negentienjarige Qin You werkt, staat net een maand in Chongqing, een van de belangrijkste steden in het westen van China. "Ik ben meeverhuisd", zegt hij. "We komen allemaal uit andere streken van China om hier te werken. We volgen de fabrieken."

Zoals veel elektronicabedrijven heeft het Taiwanese Foxconn, 's werelds grootste producent van computeronderdelen, de afgelopen jaren veel fabrieken van het duurdere, welvarender oosten van China naar de minder ontwikkelde - en dus goedkopere - westelijke regio verplaatst. Die verhuizing heeft Chongqing op de kaart gezet als productiecentrum van formaat. Het is een van de vier stadprovincies in China die rechtstreeks onder de centrale overheid vallen. Er wordt maar liefst een derde van alle laptops in de wereld geproduceerd in de stadsprovincie die 30 miljoen inwoners telt.

Veel Chinese steden en provincies maken zich zorgen over de tegenvallende economische ontwikkelingen. In Chongqing is de stemming beter. In 2015 groeide de economie hier met 11 procent, het hoogste groeipercentage van heel China. Zhu Zhiyong, hoogleraar economie aan de Southwest University in Chongqing, denkt dat dit soort groeicijfers, die fors hoger zijn dan het landelijke gemiddelde van 6,9 procent, nog ten minste tien tot vijftien jaar voortduren. Ook westelijker gelegen regio's als Tibet en Guizhou hebben een hoger groeipercentage dan elders.

Sinds 2000 probeert de centrale overheid de economische ontwikkeling in het westen van China te stimuleren. Chongqing heeft daarop ingespeeld, bijvoorbeeld door bedrijven relatief weinig belasting te laten betalen. Het groeipercentage is ook zo hoog omdat het gebied pas later is ontwikkeld dan het oosten.

De stad aan de Yangtze-rivier profileert zich de laatste jaren ook als knooppunt op de 'nieuwe zijderoute', het initiatief van president Xi Jinping om de handel richting Centraal-Azië en Europa te stimuleren.

Sinds een paar jaar rijdt er vanuit Chongqing een vrachttrein in dertien dagen naar Duitsland. De trein is vooral gevuld met in Chongqing geproduceerde laptops, die door heel Europa worden gedistribueerd. Op weg naar Duitsland zitten de treinen vol, terug zijn ze vaak leeg bij gebrek aan Europese exporteurs die voor de nieuwe handelsroute kiezen.

Hier liggen mogelijkheden voor Nederlandse bedrijven, zegt Guido Tielman, consul-generaal van het Nederlands consulaat in Chongqing. Hij denkt aan Nederlandse voedingsmiddelenexporteurs. Tielman: "Chongqing is veel minder internationaal georiënteerd dan Oost-China. Dat maakt het lastig om personeel te vinden dat goed Engels spreekt en schrijft." Het is ook een kans: "Het is hier nog niet zo verzadigd met buitenlanders als in oostelijke steden als Shanghai of Peking".

Chongqings economische problemen zien er anders uit dan die in de rest van het land. Zo is overcapaciteit niet zo'n pijnpunt. Hoeveel van de talloze bouwprojecten in Chongqing uiteindelijk overbodig zullen zijn, valt nog niet te zeggen. Hoogleraar Zhu: "Er is hier nog relatief veel extreme armoede".

Toch is ook in Chongqing te merken dat de Chinese economie minder hard groeit dan voorheen. Zo is Chongqing als productiecentrum deels afhankelijk van de vraag in de rest van de het land.

Qin You, wiens basissalaris zo'n 350 euro per maand bedraagt, merkt dat zijn werkgever minder opdrachten krijgt. "Ik zou graag meer willen overwerken. Nu maak ik te weinig uren." Zijn collega's knikken.

Qin You neemt de laatste hap van zijn lunch-noedels en loopt op een drafje terug richting de fabriek. "Misschien wordt het beter als we wat langer in Chongqing zitten."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden