'China ziet liever geen buitenlandse hulpverleners in het bezette Tibet'

Van onze buitenlandredactie AMSTERDAM - Het Nederlandse Rode Kruis waarschuwt voor een humanitaire noodsituatie in het noorden van Tibet, waar extreem lage temperaturen en aanhoudende sneeuwstormen tachtig procent van het vee hebben gedood. In de getroffen regio wonen rond de 350 000 mensen, onder wie veel nomaden, die dringend hulp nodig hebben, aldus het Rode Kruis.

Volgens plaatselijk Tibetaans geloof betekent sneeuwval tijdens een begrafenis: nog meer sterfgevallen in de familie. Al een half jaar sneeuwt het in het noorden van Tibet. Nog nooit sinds meteorologen begonnen te meten heeft het hier zo gesneeuwd. De Britse krant The Guardian en het Italiaanse Reppublica suggereerden onlangs dat er al duizenden doden zijn gevallen, maar wat zich in het uitgestrekte gebied precies afspeelt blijft gissen: de regio is normaal gesproken verboden terrein voor buitenlanders, en nu zijn bovendien de meeste wegen volstrekt onbegaanbaar.

De enige die met grote stelligheid over de ramp schrijft, is het officiële Chinese persbureau Xinhua (Tibet is sinds 1951 bezet door China). De tendens van de berichten is voorspelbaar: medische teams zijn uitgewaaierd, en zij hebben “actieve, effectieve maatregelen getroffen”. Epidemieën en hongerdoden zijn uitgebleven dankzij de Chinese hulp, ter waarde van 6,5 miljoen; het gebied kent “rust en orde”. “Nooit zullen we de liefde en vriendelijkheid vergeten die de regering ons betoont”, zo citeert het persagentschap op 8 januari een plaatselijke functionaris.

Andere waarnemers vrezen dat China de toestand helemaal niet meester is, maar uit vrees voor politieke onaangenaamheden weigert om een in dit soort gevallen gebruikelijke internationale hulpoproep te doen. Peking, altijd al geïrriteerd door de internationale kritiek op de bezetting van Tibet, is nog eens extra op zijn hoede door twee recente Hollywood-films over Tibet en de geestelijk leider van het land, de in ballingschap levende Dalai Lama.

De Tibetanen in dit Himalayagebied, een plateau op meer dan vijfduizend meter hoogte, schrikken normaal niet van een sneeuwstorm of strenge vorst. Maar dit keer kwamen de buien in september, vijftig dagen eerder dan normaal. Sindsdien heeft het nauwelijks opgehouden met sneeuwen. Temperaturen zakken tot veertig graden onder nul. Het sneeuwen kan nog doorgaan tot mei.

De nomaden (en ook de 'gewone' veeboeren) werden overvallen door de plotseling intredende winter, en konden hun vee - yaks, schapen en geiten - niet naar lager gelegen gedeelten overbrengen. Het gras is voor de dieren onbereikbaar onder hoge, hard bevroren sneeuw. Het grootste deel van de veestapel - schattingen lopen uiteen van 50 tot 90 procent - zou daardoor zijn gestorven. Xinhua meldt dat het in sommige gebieden vier tot vijf jaar kan duren voordat de veestapel zich hersteld heeft. Anderen vrezen dat de ramp de nekslag betekent voor de unieke nomaden-cultuur, die geheel afhankelijk is van de veeteelt.

Maar er is ook een acutere zorg. Normaal gebruiken de nomaden de gedroogde mest van hun dieren als brandstof. Zij moeten het doen zonder elektriciteit of andere brandstoffen. Geen yaks betekent geen mest, geen mest betekent geen vuur, en dat betekent geen verwarming en geen mogelijkheid om te koken.

Het Nederlandse Rode Kruis kreeg vorige maand toestemming om hulp te verlenen in een van de vier getroffen prefecturen, Nagqu. Met twee konvooien, dertig vrachtwagens in totaal, trokken zij het Amdo-district in. Eén konvooi liep de eerste dag vast: de door het leger vrijgemaakte weg - vaak niet meer dan een pad - bleek binnen een paar dagen al weer ondergesneeuwd. Een ander konvooi bereikte met veel pijn, moeite en gegraaf de nederzetting Bang Mei Shang.

Fotograaf Kadir van Lohuizen reisde mee, en kreeg de kans om er foto's te maken - zij het slechts een half uurtje. “Het Chinese leger doet zonder twijfel zijn best om hulp te verlenen waar het kan”, is zijn indruk. “Maar de situatie is nijpend. De mensen voederen het vee dat nog leeft met hun eigen eten.”

Het Rode kruis zegt voor de komende drie maanden een half miljoen gulden nodig te hebben om de Tibetanen winter door te helpen met voedsel, kleding en brandhout. Volgens de organisatie bestaat een grote kans op het uitbreken van ziekten als tyfus in dit gebied, dat is verstoken van moderne medische hulp. Ook als de kou wijkt, vormen de alomtegenwoordige rottende kadavers een gezondheidsrisico voor de nomaden.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden