Chic d'Afriek

Ambities in de mode hadden Kars Gerrits (30) en Sivan Breemhaar (28) niet. Maar een verblijf in Rwanda veranderde dat. Ze vonden prachtige stoffen en leerden gekwalificeerde kleermakers kennen: daar wilden ze iets mee. Hun idealisme deed de rest.

Hoe is jullie label ontstaan? Kars Gerrits: "We komen geen van beide uit de mode, en hebben elkaar ontmoet in 2011 in Kigali, de hoofdstad van Rwanda, waar we voor onze studies waren. Ik deed internationale betrekkingen en liep stage op de Nederlandse ambassade. Daar kwamen veel hulporganisaties over de vloer, waarvan me opviel hoe betuttelend die te werk gingen, zo van: hier heb je het geld en daar doen jullie mee wat wij willen. Dat er helemaal geen sprake was van gelijkwaardige handelsrelaties stuitte me tegen de borst.

Er worden in Afrika prachtige producten gemaakt. Maar dat weten veel mensen niet. In de media is doorgaans vooral aandacht voor honger en narigheid. Terwijl Rwanda, waar in 1994 een genocide plaatsvond, zich het afgelopen decennium enorm heeft ontwikkeld. Het land is schoon en veilig; de economische groei bedraagt er jaarlijks zo'n 9 procent. Die kant van Afrika willen wij graag laten zien.''

Ik hoor de cynici onder ons monkelen: met een kleine kledingcollectie ...

"Natuurlijk is Afriek geen organisatie die de wereld kan veranderen. Maar ik geloof in de grassroots-theorie: verandering van onderop die zich als een olievlek kan uitbreiden. Je ziet de laatste paar jaar al dat een meer gelijkwaardige manier van samenwerken steeds breder wordt gedragen. Ik ben er trots op dat we onderdeel uitmaken van die beweging.

Het idee om wat met mode te doen kwam oorspronkelijk door een paar mooie slippers die Sivan in Kenia had gekocht. Die zouden het in West-Europa goed doen, bedachten we.

Omdat ik na mijn studie moeilijk werk kon vinden, zijn we in 2014, na een crowdfundingsactie onder familie en vrienden die 17.000 euro opleverde, uiteindelijk met een collectie van tweehonderd colbertjasjes begonnen. Tijdens mijn stage had ik twee Afrikaanse prints in Kigali laten maken, waar ik thuis veel positieve reacties op kreeg.

De keuze voor colbertjes was overigens vrij naïef. Het is het moeilijkste kledingstuk om te maken door de ingewikkelde voering en het binnenwerk.

Daarbij moesten de modellen ook geschikt zijn voor westerse lijven.''

Hoe hebben jullie de productie aangepakt?

"Omdat we helemaal geen verstand hadden van mode, zijn we eerst met veel mensen gaan praten. Zo kwamen we in contact met Jolanda Luymes, een ontwerpster die lang bij Parijse modehuizen had gewerkt. Met haar zijn we in de achterafsteegjes van Kigali gaan zoeken naar geschikte kleermakers. De beroepsgroep is heel groot; in Rwanda is het gebruikelijk om op de markt een stuk stof te kopen en daar dan iets van te laten naaien. Vaak gebeurt dat sur messure, op maat op het lijf gemaakt, de meesten kunnen niet met patronen uit de voeten.

Tegenwoordig werken we met tien kleermakers, die om hun handwerk een persoonlijk tintje mee te geven een polaroid verstoppen in de kledingstukken die ze maken.

Onze collectie is te klein om de Rwandese kleermakers fulltime van werk te voorzien, maar door Afriek zijn ze wel een paar maanden per jaar aan de slag, voor een goed salaris.''

Zijn die drukke Afrikaanse prints geen waagstuk voor de casual Nederlandse markt?

"Je hebt inderdaad van die 'flashy' fluoriserende stoffen met bijvoorbeeld dollarbiljetten erop. Die kunnen die bleke Hollandse hoofden niet hebben, daar zullen we dus nooit voor kiezen. Daarom houden we het bij de wat gedemptere kleuren. Daarbij zijn modellen van onze kledingstukken vrij strak en ingetogen, wat tegenwicht biedt aan de uitgesproken patronen. Maar we hebben het modetij mee.

Ook voor mannen zijn bonte prints actueel, en mag het allemaal kleurrijker. Natuurlijk calculeren we in dat die trend ook weer voorbijgaat. Daarom willen we nu ook effen items in onze collectie opnemen. Die krijgen dan een subtiele Afrikaanse 'touch' door bijvoorbeeld aan de onderkant van de kraag stof met een print aan te brengen. Maar dat is nog in de ontwikkelfase. We gaan testen of er animo voor is.''

Hoe groot is de animo voor Afriek?

"Inmiddels hebben we naast onze webshop zeven Nederlandse en vijf buitenlandse verkooppunten, en kunnen we van ons label leven. Als de huidige lijn doorzet, krijgen we meer armslag. Er zou vijf jaar voor staan om een merk goed in de markt te zetten.

Afgelopen voorjaar zijn we begonnen met een vrouwencollectie van zeven items; vooral basic modellen, dus geen snelle wegwerpmode. Wel veranderen we drie keer per jaar de stoffen, die we tegenwoordig trouwens uit de Oegandese hoofdstad Kampala halen. Op de markt in Kigali begonnen Chinese imitaties van veel mindere kwaliteit de overhand te krijgen.

Om de productie goed te begeleiden, zaten Sivan en ik er tot dusver ongeveer de helft van het jaar. Maar nu we een productiemanager hebben aangesteld, kan dat minder worden. Niet dat het verblijf in Rwanda's hoofdstad overigens een straf was. Integendeel. Het land heeft mijn hart gestolen door de positieve sfeer en de energie om het land naar een hoger plan te tillen. Ik hoop dat ook anderen meer oog krijgen voor die kant van Afrika.''

Meer Afrikaans- Nederlandse mode:

Shenanigan: bedrijf van drie Amsterdammers die in Senegal van Afrikaanse stoffen boxershorts laten maken door dove kleermaker Tahirou. Van elke verkochte onderbroek à euro 19,95 gaat euro 1 naar stichting Silent Work, die zich inzet voor slechthorenden in West-Afrika. shenanigan.nl

Nubian: kledinglijn van de Nederlandse Amanda Maandag, exotische mode die in Mozambique met de hand wordt geproduceerd van traditionele stoffen.

nubiancollection.nl

Lady Africa: winkel aan de Haagse Denneweg met kleren en accessoires van veelbelovende Afrikaanse ontwerpers. lady-africa.com

Salon d'Afrique: Rotterdamse Anja Enkhuizen verkoopt in haar woonkamer in Rotterdam-Delfshaven (Voorstraat 13). Afrikaans textiel, accessoires en huishoudelijke voorwerpen. Behalve kopen is het ook mogelijk er een 'boom op te zetten' over Afrika. De salon moet de opmaat zijn naar een 'echte' onderneming.

afrika010.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden