Chartervloot vergroent

Een klipper in actie bij Enkhuizen. Het is vaak lastig om oude schepen te vergroenen. (ANP) Beeld
Een klipper in actie bij Enkhuizen. Het is vaak lastig om oude schepen te vergroenen. (ANP)

De Nederlandse chartervaart probeert ’groen’ te worden, maar met die oude scheepstypen valt dat niet mee. Een zuinige dieselmotor is een eerste stap, en het afval wordt voortaan meegenomen naar de haven.

Marius de Pijper

Spaarzaam energieverbruik en verantwoord materiaalgebruik zijn hot in de Nederlandse chartervaart. De eerste schepen hebben hun milieukeurmerk binnen. Het gaat om oude scheepstypen, van klippers en tjalken tot platbodems, sommige gerestaureerd, andere nagebouwd, die voor dagtochten of langere reizen gehuurd kunnen worden.

„De scheepvaart staat niet bekend om duurzaam materiaalgebruik,” zegt directeur Patrick Poelmann van de belangenvereniging voor de beroeps-chartervaart (BBZ). „Dat is nu aan het veranderen. Voor schippers heeft het ook economische meerwaarde om duurzaam te zijn en om zo bekend te staan. Nu kunnen we havenmeesters aanspreken: ’Wij werken aan het milieu, doen jullie dat dan ook.’”

Het IJsselmeer, even buiten Enkhuizen, aan boord van zeilend passagiersschip De Zwarte Valk. Het schip is tussen 2006 en 2008 grondig gerestaureerd. Waar dat mogelijk was, is het schip verbeterd. Meters houden het verbruik van water en energie bij. Iedereen aan boord wordt geacht zuinig met water en energie om te springen.

„We spoelen de toiletten met buitenwater,” vertelt schipper Jantine van Berkel-Oenema. „Ze zijn van kunststof, want het zoute water van de Waddenzee vreet andere materialen weg.” Ze hebben een zo zuinig mogelijke dieselmotor. „Ironisch genoeg kan zo’n motor geen biodiesel hebben, maar dit leek het beste.”

Vuil water wordt opgespaard en op de wal bij vuilwaterstations afgepompt. „Dat is wel het smerigste: dat je met zo’n vuilwaterslang in je handen staat en beseft wat er doorheen gaat. Maar met één keer goed je handen wassen ben je er weer vanaf,” zegt Van Berkel.

Ook aan het eten wordt gedacht. Van Berkel: „Je kunt onderweg niet overal alles krijgen, maar waar het kan, kopen we biologisch in.”

Sinds eind 2009 is de Green Key, keurmerk voor accommodaties, er ook voor charterschepen. Vijftien zeilschepen waaronder De Zwarte Valk en één motorschip zijn inmiddels trotse dragers ervan. Mogelijk zal dit aantal komende winter verdubbelen, denkt Pam Wennekes van belangenvereniging BBZ.

„Eén schipper heeft voor zijn geheel verbouwde schip zijn keuring gehad. Een ander zit in de afrondende fase. Nog veertien serieus geïnteresseerde schippers gaven aan dat zij tijdens het seizoen geen tijd hebben voor de technische aanpassingen van het schip. Zij zullen daarna met het keurmerk aan de slag gaan.”

De invoering van het keurmerk had nogal wat voeten in de aarde, zegt Erik van Dijk, directeur Stichting Keurmerk Milieu, Veiligheid & Kwaliteit (KMVK): „Een criterium voor de Green Key is het energieverbruik. In een hotel kun je meters installeren, maar verbruik van water en licht is op een schip veel moeilijker bij te houden. In iedere haven is het bovendien anders geregeld.”

Pam Wennekes licht toe: „Gas en olie gaan in flessen, het verbruik is dus makkelijk bij te houden. Maar water en elektriciteit zijn soms in het havengeld inbegrepen en worden dus niet per schip gemeten. Elders betaal je een bedrag waarvoor je een bepaalde hoeveelheid mag gebruiken, en die hoeveelheid verschilt weer per haven. Op de schepen die een Green Key hebben, zijn nu elektra- en watermeters geïnstalleerd.”

Een wezenlijk onderdeel van de Green Key is voorlichting. Vogel- en zeehondenopvang en informatiecentrum Ecomare op Texel biedt schippers de cursus ’Wat is wad’ aan. Deze cursus wordt in de Green Key-criteria als voorbeeld genoemd.

„Het overboord gooien van een sixpack-ringetje kan dramatische gevolgen hebben,” zegt bioloog Pierre Bonnet van Ecomare. „Een stormvogel pikt alles op wat op het water drijft. Er zijn beelden van al half vergane kadavers met op de plek van de maag een enorme baal plastic. Wie zoiets eenmaal gezien heeft, gooit geen plastic meer overboord.”

Maar het gaat niet alleen om vervuiling, vult zijn collega Jaco Spek aan. „Het gaat om het leren kennen van het hele ecosysteem.” Bonnet: „Onze cursus duurt twee dagen. Ex-cursisten sturen soms foto’s van aangespoelde planten, dieren of resten daarvan met de vraag: ’Wat is dit?’ Wij geven antwoord en gebruiken die foto’s soms weer in onze lessen.”

Schippers varen wel bij dergelijke cursussen, vertelt Pam Wennekes van BBZ. „Er is een dvd over de effecten van zwerfafval, met name geschikt voor scholieren. Schippers vragen hier om. En ze maken dankbaar gebruik van de cursus om meer verhalen te vertellen en tekst en uitleg te geven bij wat er op de Wadden te zien is,” zegt Wennekes.

De Nederlandse chartervaart beperkt zich niet tot het IJsselmeer en de kustwateren. Momenteel is de Mae West, gerestaureerd door schipper André Speet, in etappes onderweg naar de Noordkaap. Volgend jaar is de bestemming Spitsbergen. Ook Speet overweegt deelname aan de Green Key. Deze zomer komt er warmteterugwinning op zijn elektriciteitsgenerator, een systeem om de warmte die de generator opwekt, nuttig te gebruiken.

De generator zelf is zo gekozen dat het rendementsverlies zo klein mogelijk blijft. „Tijdens het zeilen wordt door de meedraaiende schroefas stroom opgewekt,” mailt André Speet vanaf de Noordzee.

„Maar de windgenerator die duizenden euro’s kostte en tijdens een storm explodeerde, wordt niet meer vervangen. Ik loog altijd dat het ding genoeg stroom leverde voor verlichting, koken, koelkast en wasmachine. In werkelijkheid leverde hij nog niet één procent daarvan.” Hij plaatst nog een kanttekening bij de milieuvriendelijkheid van zeezeilen: „Voor het enorme synthetische zeiloppervlak is veel olie nodig en het zeil is na vijf jaar, of eerder, versleten,” noemt hij als voorbeeld.

Volgens Wennekes gaat zo’n zeil gemiddeld tien jaar mee, maar ze erkent dat het materiaal verre van ideaal is. „We hopen uiteraard dat ook hier de ontwikkeling niet stilstaat. Op het moment dat je iets aan boord gaat vervangen - de motor, de betimmering van de binnenkant, de masten - is er een verplichting in de Green Key-normen opgenomen dat je moet onderzoeken of er op die gebieden iets duurzaams te vinden is, ” zegt ze.

Voor jachthavens bestaat al langer een internationaal milieukenmerk: de Blue Flag, dat in Nederland net als de Green Key door de stichting KMVK wordt beheerd. Vereist hiervoor zijn folders en informatiepanelen over het milieu en verantwoord gedrag, goede afvalverwerking, schone douches en toiletten, maar ook reddingsboeien.

Jachthavens moeten onder meer beschikken over een vuilwaterpomp om afvalwater van schepen op te nemen. Die zijn vaak bedoeld voor de gewone pleziervaart.

Van de vele jachthavens in Nederland met een ’Blauwe Vlag’, hebben alleen die van Enkhuizen, Lelystad en Terschelling een pomp die groot genoeg is voor charterschepen. Het keurmerk wordt één keer per jaar door een internationale jury met experts van de VN, de EU, milieuorganisaties en bedrijfsleven uitgereikt.

Verder vindt één keer per jaar een onaangekondigde controle plaats. Op dit moment wappert de blauwe vlag boven 75 havens. Het aantal groeit jaarlijks met tien procent, zegt BBZ-directeur Patrick Poelmann. „Wij knokken ervoor om het oppervlaktewater goed te krijgen.”

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden