Charlie Hebdo, portret van een tegendraadse redactie

Een Mohammed-special van Charlie Hebdo uit januari 2013 Beeld EPA

Wat drijft de makers van Charlie Hebdo? Trouw-correspondent Kleis Jager schreef in 2012 een portret van het Franse satirische tijdschrift, dat vandaag het slachtoffer werd van een bloedige terroristische aanslag. "Katholieken zijn oneindig veel vaker te grazen genomen dan moslims."

***
In dit artikel, dat eerder ook verscheen in VN, komen verschillende redacteuren en tekenaars van Charlie Hebdo aan het woord. Sommigen van hen hebben de aanslag niet overleefd. De vermoorde medewerkers zijn Stéphane Charbonnier (Charb), Georges Wolinski, Bernard Verlhac (Tignous), Jean Cabut (Cabu), Elsa Cayat, Philippe Honoré (Honoré), Mustapha Ourrad, Bernard Maris en Michel Renaud.
***


Aan de entree van een kale kantoortoren in het erg multiculturele 20e arrondissement van Parijs is nergens te zien dat hier een beroemd satirisch tijdschrift is gevestigd. Dat is ook niet de bedoeling. 'Het adres staat gewoon in het colofon,' zegt hoofdredacteur Charb (Stéphane Charbonnier), die ons voorgaat op de trap. 'Maar we willen niemand op een idee brengen door onze naam op de deur te zetten.'

Eind vorig jaar verwoestten molotovcocktails het vorige onderkomen van Charlie Hebdo. De aanslag viel samen met de verschijning van een islamspecial ter gelegenheid van het oprukkende islamisme in Tunesië, Egypte en Libië. Charlie was voor de gelegenheid omgedoopt tot Charia Hebdo. '100 zweepslagen als je je niet kapot lacht!' grijnst 'gasthoofdredacteur' Mohammed op de cover van dit nummer. Na het nieuws over de ravage bij Charlie was de hele oplage binnen een paar uur uitverkocht.

Lieve tekening
Op de tweede verdieping met uitzicht op de ronkende ringweg zit de tekenaar van deze plaat: Rénald Luzier oftewel Luz. Hij maakt schetsen aan de vergadertafel. Zijn Mohammed-cover is veruit zijn bekendste werk, beaamt hij. 'Absurd eigenlijk. En daarbij: dat dit zo'n toestand werd blijft moeilijk te bevatten, het is toch een erg lieve tekening?' De bewaking van elk twee agenten die Luz en Charb nog steeds hebben - zolang het onderzoek naar de daders niets heeft opgeleverd blijft dat zo - is al net zo onwerkelijk, maar het heeft ook praktische kanten, constateert Luz. 'Vorige week was ik behoorlijk bezopen en ben ik veilig thuisgebracht door de flics. Te gek toch?'

Bang is hij niet, ondanks eerdere (mislukte) moordaanslagen op zijn Scandinavische collega's Kurt Westergaard en Lars Vilks. Of hij het nog eens zal doen, Mohammed tekenen, hangt alleen af van de actualiteit. 'Wij maken een krant. Religie is bij ons een onderwerp als de fanatieke vertegenwoordigers ervan hun normen aan anderen opdringen zoals nu in Noord-Afrika gebeurt. We vergrijpen ons nooit zomaar aan een religie.

Hoofdredacteur Charb (Stéphane Charbonnier) Beeld AFP

Kom hier niet aan met het verwijt dat Charlie meesurft op een golf van islamofobie. Katholieken zijn oneindig veel vaker te grazen genomen dan moslims. Heel wat steviger ook, zo leert een net verschenen fraai koffietafelboek (Charlie Hebdo. Les 1000 unes) met alle covers uit de periode 1992-2011.

De pausen Johannes Paulus II en Benedictus XVI hebben een abonnement op de voorpagina, zo blijkt. 'Dit jaar ga ik dood!' roept de eerste bijvoorbeeld op 3 januari 2001 onder de kop 'Goede voornemens'. Als het vier jaar later zover is, vraagt hij vertwijfeld in een zwart, oneindig niets: 'Eh... Is daar iemand?'

Jodendom
Vandaag is de minst door Charlie getroffen monotheïstische godsdienst aan de beurt, het jodendom. Luz' collega Laurent Sourisseau ('Riss') buigt zich over de ultraorthodoxen die in Israël een scheiding tussen de seksen proberen af te dwingen. Met waterverf kleurt hij een pagina met grappen in. Een zwetend mannetje maakt zich zorgen over 'de stijve die hij altijd krijgt' als hij een papiertje met een gebed tussen de stenen van de Klaagmuur schuift. Daaronder probeert een orthodox echtpaar een kind te maken in een bed waardoor een betonnen muur met prikkeldraad loopt. Over de muur reikt een mannetje met hoed en baard zijn vrouw een vol condoom aan.

Cartoonist Luz met een speciale editie van Charlie Hebdo Beeld afp

De grappen van Riss komen bij een serieus interview met een Israëlische journaliste over de oorzaken van de opkomst van het joodse extremisme. Zo werkt de formule van Charlie: tekeningen staan op zichzelf, zijn zelden alleen een illustratie bij artikelen. Problemen met deze pagina's zijn niet te verwachten, beaamt Riss. 'Fundamentalistische, aan het Front National gelieerde katholieken hebben ons een keer of veertien vervolgd, moslims maar één keer. Joden nooit. Ze zijn discreet, hebben geen zendingsdrang, hun tenen zijn een stuk minder lang.'

Masturberende meisjes
Het enige onderwerp dat voor Riss een juridische nasleep had, was Caroline van Monaco. 'Ik had haar, zo formuleerde de rechter het geloof ik, in een gynaecologische positie afgebeeld,' grinnikt Riss. Caroline verloor. Klagers leggen het vrijwel altijd af tegen Charlie. De vierenzeventigjarige Jean Cabut (Cabu) die al voor Charlie's voorganger Hara Kiri tekende, is een nog altijd aanwezige getuige van een heel ander tijdperk. Hij bladert door een antiek kasboek dat Luz hem net heeft aangereikt. Het staat vol met inkttekeningen van mollige, masturberende meisjes, waarvan Luz foto's verzamelt op internet. Luz overweegt er een uitgever voor te zoeken, zegt hij. Cabu mompelt instemmend.

'Heb je wel eens gehoord van tante Yvonne?', vraagt Cabu. 'Zo noemde iedereen de echtgenote van president De Gaulle. Zij wees haar man op wat haar niet beviel in de pers. En toen wij begonnen met Hara Kiri in 1960 had dat ook meteen haar aandacht.

Tekenaar Cabu (Jean Cabut) Beeld afp

Dom en gemeen
Hara Kiri, dat 'bête et méchant' (dom en gemeen) als credo boven de titel had staan, kreeg twee keer een verschijningsverbod. In 1962 kwam het blad negen maanden niet uit. Vanwege een tekening van een kerststal waarin een koe op de ezel kroop, als Cabu het zich goed herinnert. 'François Cavanna, de oprichter van het blad, ging vanaf dat moment elke maand met een map naar het ministerie van Binnenlandse Zaken om de inhoud van een nieuw nummer voor te leggen aan ambtenaren. Wat niet erg hielp, is dat wij werden beoordeeld als een tijdschrift voor kinderen zoals Spirou of Tintin. Omdat er tekeningen in stonden.'

Met seks en religie waren de grenzen altijd snel bereikt. 'Maar vlak het leger ook niet uit!' Het leger liep 'een keer of zeven' naar de rechter vanwege Cabu. Een keer, in 1993, kreeg hij drie maanden voorwaardelijk. 'Voor een cover over de zaak-Chanal, een homoseksuele kolonel die verschillende jongens had verkracht en vermoord: ik liet hem het skelet van de onbekende soldaat naaien.' 'We keken aan tegen een berg verbrand papier en gesmolten plastic'.

'Onze vrijheid is gegarandeerd'
'Met de vrijheid van meningsuiting gaat het beter dan ooit,' meent Cabu, die in 2006 de eerste Mohammed-cover tekende voor het nummer waarin Charlie als een van de zeer weinige Franse media de Deense cartoons van Jyllands-Posten publiceerde. 'De klachten die je hierover soms hoort zijn niet terecht, onze vrijheid is gegarandeerd. Het enige gevaar komt nu van die lui die ons met hun fatwa's en aanslagen het zwijgen op willen leggen.' Wat helpt, is dat de Franse wet geen blasfemie erkent. 'Heilige overtuigingen,' zegt Charb, 'staan hier gelukkig op één lijn met politieke en filosofische opvattingen. Religie wordt behandeld als een opinie.'

Daaruit volgt dat een atheïst zich helemaal niet schuldig kán maken aan godslastering, redeneert Charb. 'Dat is alleen mogelijk wanneer een gelovige kwaad spreekt over zijn eigen geloof. Dat vocabulaire hoort bij zijn wereld, niet bij die van mij.'

Minister op de stoep
De reacties na de aanslag in november waren veel gunstiger voor Charlie dan na het Jyllands-Posten-nummer. President Chirac noemde de publicatie van de Deense cartoons een onnodige provocatie. Nu kwam minister van Binnenlandse Zaken Claude Guéant meteen kijken. Op de stoep sprak hij over fundamentele vrijheden en verklaarde hij dat alle Fransen solidair zouden moeten zijn met Charlie Hebdo. 'Ze hebben me zover gekregen dat ik zijn hand moest schudden,' verzucht Charb. Guéant, die de rechtervleugel van president Sarkozy bewaakt, is een van de grote vijanden van Charlie. 'Aan zijn immigratiebeleid kun je de groeiende invloed van het Front National aflezen. Laatst liet hij weten dat het aantal genaturaliseerden daalt, dat bedoelde hij positief: van Guéant moeten we niet alleen blij zijn met het wegwerken van illegalen, maar ook als immigranten die graag Frans willen worden dat niet kunnen.'

Het werd een beleefde, maar wat ongemakkelijke ontmoeting. 'Hij bekeek het sharianummer en zei toen met een lachje: "goh, jullie gaan er wel erg hard in zeg." We pakken u veel harder aan, zei ik.'

Alleen moslimorganisaties reageerden negatief. 'Tariq Ramadan, jullie in Nederland welbekend, maakte mij op tv uit voor lafaard. De brandbommen keurde hij "natuurlijk" af, maar wij waren lafaards die op een makkelijke manier geld willen verdienen en Marine Le Pen in de kaart spelen.

Cartoonist Luz aanschouwt in 2011 de ravage die een aanslag met een Molotovcocktail heeft aangericht aan het kantoor van Charlie Habdo Beeld Wikimedia/Coyau

Doodsbedreigingen
De aanslag sloeg een flinke deuk in het moreel van de redactie, even leek het einde nabij. Het blad zit krap bij kas en had net een verbouwing achter de rug. 'We keken aan tegen een berg verbrand papier en gesmolten plastic, alles wat er over was van onze computers. Maar al snel kregen we zin om door te gaan en moesten we ons inhouden om niet te overreageren.' Op het nummer dat volgde op Charia Hebdo staat een Charlie-redacteur hevig te tongen met een bebaarde moslim: 'Liefde is sterker dan haat.' Een kandidaat voor de cover van Charb (een paar billen boven harige benen met de tekst: 'En zijn kont, mag dat wel?') verdween naar de achterpagina. 'Pfff, ja, als het niet op de cover staat heeft het heel wat minder impact. Niet dat het veel had uitgemaakt. We hadden alleen nog wat meer doodsbedreigingen gekregen, hahaha.'

Satire op papier als wapen tegen opdringerige geloofsijver, het heeft nog steeds een functie, denkt hij. Charb ziet Charlie als de erfgenaam van het antiklerikale, antikapitalistische, antikolonialistische en pacifistische periodiek L'Assiette au beurre dat furore maakte rond 1900. 'Katholieke fundamentalisten hoopten dat het de moskee van Parijs en een koepelorganisatie van moslims was gelukt om ons te veroordelen vanwege dat nummer met de Deense cartoons. Op die manier zouden wij ook van Christus en de paus af moeten blijven, hoopten ze.' De laatste herrie rond Charlie draait om een pastiche op verkiezingsaffiches. Vader en dochter Le Pen zijn boos over het exemplaar dat Charb voor hen maakte: een drol met de nationale driekleur als achtergrond en de slogan: 'Le Pen, een kandidaat als u.' 'Ze reageerden pas toen het affiche op tv in een belangrijke show op zaterdagavond te zien was. Dat het in de papieren Charlie staat, kan ze niet schelen.'

'Niet alle opinies zijn gelijkwaardig'
Toch is Charlie zeker niet voor vrijheid van meningsuiting op zijn Amerikaans, waarbij ook bijeenkomsten van neonazi's en Holocaust­ontkenning zijn toegestaan. Sterker nog: Charlie voerde zeven jaar geleden actie voor een verbod op het Front National. 'Een partij die als ultiem doel heeft immigranten het land uit te zetten, immigranten die de wortel van alle kwaad zouden zijn. Zo'n partij zou niet mee mogen doen.'

Dit is niet in tegenspraak met het vrijdenkersgedachtengoed van Charlie, vindt Charb, zelf communist. 'Dat veronderstelt dat alle opinies gelijkwaardig zijn en dat is in dit geval niet zo. Democratie mag eisen stellen aan de deelnemers.'

Een man in Parijs leest een nummer van Charlie Hebdo uit september 2012 Beeld afp

De christen-democratie mag dan betere democratische papieren hebben dan het communisme, ook een partij zoals die van de katholiek-conservatieve Christine Boutin kan bij Charb geen genade vinden. 'Een politieke partij die zich op de Bijbel baseert, heeft naar mijn idee geen bestaansrecht. Een vereniging, oké, maar een partij, nee. Je kunt zo iemand als Boutin, die tegen het homohuwelijk is, alleen dulden als het een marginaal verschijnsel blijft.'

Niet dat iedereen bij Charlie er zo over denkt. 'Er zijn groenen, socialisten, en ook trotskisten en communisten, de hele familie is compleet. Het is hier geen kazerne, we hebben geen politieke lijn, in onze kolommen verschillen we geregeld openlijk van mening.'

Daarbij zal Charlie, dat tegen de vrijemarkteconomie is en kapitalisten nog vaak afbeeldt als dikke mannen in een pak met sigaar, om de onafhankelijkheid te bewaren nooit advertenties plaatsen. Ondanks financiële moeilijkheden de laatste jaren. Rechtlijnig? 'Het mag iets kosten,' vindt Charb. 'In 2010 hebben we de prijs verhoogd van twee euro naar twee euro vijftig, dat moeten we over hebben voor totale onafhankelijkheid.'

Geschiedenis vol twisten en onverkwikkelijkheden
Alleen de krant Libération, die Charlie tijdelijk onderdak verleende na de molotovcocktails, adverteert in Charlie. Charlie heeft een oplage van 75.000 exemplaren, er zijn ongeveer tienduizend abonnees. Het blad blijft daarmee ver achter bij Le Canard enchaînée, een van de oudste titels op de Franse krantenmarkt, waar verschillende Charlie-tekenaars ook wel voor werken. De Canard is goed voor een oplage van bijna 500.000, vooral vanwege onthullingen over corruptie en wangedrag van bestuurders. Ook voor het subversieve Charlie bestaan er dus taboes. En de geschiedenis van het tijdschrift - dat tussen 1981 en 1992 niet verscheen vanwege een te lage oplage - kende de nodige ideologisch-politieke twisten en onverkwikkelijkheden. Over bijvoorbeeld het NAVO-bombardement op Servië in 1999, de Europese Grondwet in 2005, Israël. Hoofdredacteur Charb stond vaak tegenover zijn veel minder linkse voorganger Philippe Val, die uiteindelijk stopte en directeur werd van France Inter, Frankrijks tweede radiozender.

Dat vertrek stond niet los van een knallende ruzie die de affaire-Siné is gaan heten. Siné (Maurice Sinet) is voor veel cartoonisten een legende, een man die naam maakte toen hij zich begin jaren zestig keerde tegen de onderdrukking van het Algerijnse streven naar onafhankelijkheid. Deze Siné zou een antisemitische column geschreven hebben over Sarkozy's zoon Jean. Jean, wist Siné te vertellen, wilde zich tot het jodendom bekeren omdat zijn aanstaande echtgenote, een erfgename van de oprichters van een winkelketen in elektronica, joods is.

Siné (Maurice Sinet) Beeld Wikimedia/Jean-Marie David

Hoofdredacteur Val ontsloeg Siné. Niet omdat deze weigerde zijn excuses te maken zoals hij zelf volhoudt, zegt Charb, maar omdat Val wilde dat hij zijn column toelichtte, uit zou leggen waarom die niet antisemitisch was.

Wekenlang bogen Franse intellectuelen zich over de vraag of Siné een jodenhater is of niet. Voornaamste bewijs voor zijn tegenstanders was dat de drieëntachtigjarige Siné in een radio-uitzending in 1982 - hij was erg dronken, zou hij later zeggen - had laten weten dat de joden wat hem betrof allemaal geëuthanaseerd konden worden.

Gesteund door onder anderen de filosoof Michel Onfray (in Nederland bekend van zijn boek Atheologie), begon Siné een eigen blad: Siné Mensuel. Het claimt als enige de 'anarchistisch-libertaire traditie' en het 'dom en gemeen' uit de dagen van Hara Kiri levend te houden. Siné is zeker geen antisemiet, verzekert Charb. 'Hij is erg pro-Palestijns, maar dat maakt hem nog geen jodenhater. Het is een echte emmerdeur, een ruziezoeker, een provocateur die ook nog eens een dagje ouder wordt. Hij maakt antisemitische grappen omdat hij het geweldig vindt wanneer mensen daar van over de zeik raken, dat wordt niet door iedereen begrepen.'

Nederlandse tekenaar
Na de aanslag merkte Siné in een radio-interview pesterig op dat Charlie erom had gevraagd. 'Hij noemde ons islamofoob terwijl hij vreselijk de pest heeft aan de islam en alle andere religies. Zoals hij ook altijd vol lof was over Corsicaanse onafhankelijkheidsstrijders, hahaha. Tot die zijn tweede huis op dat eiland opbliezen, toen waren het terroristen. Siné is een bourgeois, zijn anarchisme is een pose.' De Nederlander Bernard Willem Holtrop - 'Willem' - is de enige die tekent voor Charlie en voor Siné Mensuel. 'Je kunt niet voor twee concurrerende bladen werken, maar toen het een maandblad werd, leek me dat geen bezwaar meer,' vertelt hij in Chez Georges, sinds 1967 een van zijn vaste kroegen in het Quartier Latin. Willem is altijd een bewonderaar geweest van Siné, van zijn werk en leven. 'Hij kende Miles Davis, Che Guevara, Malcolm X, ongelooflijk. En het is zeker geen antisemiet nee. Philippe Val wilde al veel langer van hem af, dat was het eigenlijk.'

Met de redactie van Charlie heeft Willem (71) een uitstekend contact, maar naar redactievergaderingen gaat hij niet meer. 'Er moet natuurlijk gewerkt worden, maar het is me nu allemaal te serieus. Bovendien zitten ze nu aan de ringweg, tussen de winderige voetbalvelden, een naargeestige omgeving. Een geweldige paradox ook dat anarchistisch aangelegde jongens als Charb en Luz nu politiebewaking hebben.'

Redactievergaderingen bij Hara Kiri, dat was een groot feest. 'Er was altijd drank, er waren altijd mooie meiden. Er kwamen soms baardige activisten langs van het plateau van Larzac in het zuiden, daar werd toen actiegevoerd tegen de komst van een militair oefenterrein. Of politieagenten die dronken vertrokken, fantastisch.

Op de redactie van Charlie Hebdo Beeld reuters

Slechte smaak
Hara Kiri was voor Willem 'het mooiste blad ter wereld'. 'Voor veel tekenaars was dat The New Yorker, waar onder anderen Art Spiegelman voor werkte. The New Yorker had een fijner soort humor, maar ik vond de slechte smaak van Hara Kiri leuker.' Als er één onderwerp is waarover iedereen het bij Charlie erg eens is, dan is het wel Nicolas Sarkozy. In de afgelopen tien jaar zullen er waarschijnlijk geen nummers zijn verschenen waarin de president niet prominent - vaak als dwerg met duivelsoren of behangen met Rolexen - voorkomt.

Links en rechts doelwit
Iedereen komt graag voor zijn Sarkofobie uit. 'Sarkozy is een arrivist,' zegt Willem. 'Hij wilde de erfenis van mei '68 liquideren,' zegt Riss. 'Hij had het over orde en gezag, een herwaardering van werk en inspanning. Maar mei '68, dat was tenminste een tijd waarin er werd nagedacht over dingen, over de vraag bijvoorbeeld in wat voor maatschappij je wilt leven. Dat zou deze tijd juist goed kunnen gebruiken.'

'Hij vertegenwoordigt zo'n beetje alles wat ik verafschuw,' zegt Luz. 'Mensen die je waarde afmeten aan materiële verworvenheden, aan wat je verdient, het is doodeng. De reclameman Jacques Séguéla, een goede vriend van Sarko, heeft eens gezegd: "Als je op je vijftigste geen Rolex hebt, ben je een loser". Die uitspraak is overbekend, maar het is een uitstekende samenvatting van de wereld van Sarkozy. Allemaal heel nare mensen.'

Wat niet wil zeggen dat links nooit een doelwit is. DSK is uitgebreid aan de beurt geweest. 'Hou op,' roept Riss. 'Hoe vaak ik zijn pik wel niet heb getekend!' En het zal ongetwijfeld ook gebeuren met Hollande die, zegt iedereen, een lastige kop heeft.

'We hakken geen hoofden meer af in Frankrijk,' filosofeert Luz, 'maar ik denk dat we bij Charlie de machthebbers ontmaskeren, laten zien dat ze lucht verplaatsen. De huidige politiek bestaat uit communicatie en marketing, en dat kun je in een tekening, in een beeld, heel goed vatten.'

Luz bekijkt de tekeningen die aan de muur zijn gehangen en waar een keus uit gemaakt moet worden voor de cover van het volgende nummer. Een ervan is bij voorbaat kansloos, een grap over de zelfmoord van de vrouw van onderwijsminister Luc Chatel. Chatel kijkt naar de in lucht bungelende voeten van zijn echtgenote. De tekst is een moeizame woordspeling op het begrip décrocher, dat schoolverlaten betekent, maar ook, in letterlijke zin, iets van een haak halen. 'Niet geslaagd,' vindt ook Charb. 'Het privéleven, en dus ook de privédrama's, zijn voor ons alleen relevant als ze van publiek belang worden. Als de vrouw van minister Chatel zelfmoord pleegde vanwege het beleid van haar man, ja dan kunnen wij er wel iets mee.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden